Nederlandse samenvatting: Toepassing vreemd bewijsrecht?; Tort of conspiracy; Bewijswaardering naar Maleisisch recht Diverse IPR-kwesties. Een Maleisische onderneming, tot voor kort actief in de internationale houthandel, en haar Nederlandse aandeelhouders beschuldigen Nederlands
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
Art. 99 Rv
Genoemd in 561 uitspraken · Officiële wettekst
561 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 3 · live
Vordering tot inzage ex artikel 843a juncto 1019a Rv. Eiseres stelt dat gedaagde zich schuldig maakt aan: 1) auteursrechtinbreuk, door het zonder toestemming openbaar maken en verveelvoudigen van marketingmateriaal van POO POURRI 2) auteursrechtinbreuk, door het zonder toestemmin
Kleurmerk, intrinsiek onderscheidend vermogen, aanduiding bestemming van de waar en inburgering. Slaafse nabootsing. Gebruik kleur geen misleidende mededeling ex art. 6:195 BW. Evenmin oneerlijke handelspraktijk ex art. 6:193b. Kostenveroordeling ex art.1019h Rv.
“Vordering tot afgifte van een paard afgewezen. Nadere bewijsvoering is noodzakelijk om de eigendom van het paard te kunnen vaststellen. Dientengevolge ook de vorderingen uit hoofde van bruikleen afgewezen”.
Kort geding. Merkenrecht. Niet wordt uitgegaan van vermoeden van geldigheid. Redelijkerwijs mogelijk dat het teken XO de kenmerken van de waar kaas in de toekomst beschrijft. Serieuze kans dat XO-merken nietig worden verklaard in bodemprocedure.
Aansprakelijkheid van voormalig voorzitter van Raad van Bestuur van verzekeraar HDI wegens niet behoorlijke vervulling van zijn taak (artikel 2:9 BW). Veroordeling tot vergoeding van door HDI geleden schade ad € 3,7 miljoen euro. Veroordeling van zijn echtgenote en een bevriend e
Artikel 39 lid 2 TRIP’s, Auteursrecht. Slaafse nabootsing.
Executiegeschil; dwangsommen; verjaring; onmogelijkheid aan het vonnis te voldoen; bewijsopdracht.
Bevoegdheidsincidenten. Internationale en relatieve bevoegdheid. Schadevergoedingsvorderingen ogv vier nationale liften- en roltrappenkartels (Nederland, Duitsland, België, Luxemburg). Inbreuk op art. 81 EG-Verdrag (thans art. 101 VWEU). Aan elk kartel hebben deelgenomen de natio
Wettelijk systeem van afwikkeling van rechtspersonen. Eiseres is niet opgehouden te bestaan, ondanks de (achteraf onjuist gebleken) inschrijving in het handelsregister dat zij is opgehouden te bestaan omdat geen bekende baten meer aanwezig zouden zijn. Rechtbank staat herstel toe
Mislukt project in Suriname; vorderingen over en weer. Deels Surinaams recht van toepassing. Terugbetaling leningsovereenkomsten. Bestuurdersaansprakelijkheid, verwijzing naar schadestaatprocedure. Erkenning en tenuitvoerlegging Surinaamse vonnissen. Afwijzing vorderingen in reco
Small claim. Bevoegdheidsincident. De zaak wordt verwezen naar rechtbank Limburg.
Verstekvonnis.
Verwijzing relatief onbevoegd forumkeuzebeding niet mogelijk.
Kort geding. Verschillende vorderingen, o.a. verstrekken stukken, meewerken overdracht overeenkomsten, gebiedsverbod, betaling geldbedragen, verbod doen van bepaalde uitlatingen en overdracht accounts. De vordering lijfsdwang wordt afgewezen.
Incident. Vordering tot onbevoegdverklaring afgewezen. Consumentenkoop tweedehands auto. Artikel 101 Rv.
Tussenvonnis. Weens Koop Verdrag. Non-conformiteit. Wezenlijke tekortkoming. Bewijsopdracht.
bevoegdheidsincident. De rechtbank verklaart zich relatief onbevoegd en verwijst de zaak naar de rechtbank van de vestigingsplaats van gedaagde
Bevoegdheidsincident in WAMCA-procedure over gestelde inbreuk op het mededingingsrecht. De rechtbank oordeelt dat zij ten aanzien van de buitenlandse gedaagden rechtsmacht heeft op grond van de in artikel 7 lid 1 Rv neergelegde ankergedaagderegel. Het bevoegdheidsincident wordt a
Verstekvonnis.
Kort geding. Intellectueel eigendomsrecht. Hostingprovider en registrar moeten identificerende gegevens van de websitehouders verstrekken. Vordering tot staking van diensten als tussenpersoon afgewezen, omdat de websites al offline zijn gehaald.
Kort geding. Opheffing beslag. Spanje is in een arbitraal eindvonnis veroordeeld tot betaling van € 106 miljoen aan een Japanse investeerder. De investeerder heeft haar vordering op Spanje verkocht aan gedaagde. Op verzoek van gedaagde heeft de Haagse voorzieningenrechter o.a. he
De kantonrechter te Den Haag is onbevoegd, omdat Den Haag niet de plaats is waar de arbeid hoofdzakelijk werd verricht in de zin van artikel 100 Rv.
Tussen gedaagde enerzijds en eiser en/of eiseres 2 anderzijds zijn bij de Rechtbank Overijssel twee bodemprocedures aanhangig geweest. In beide zaken is in eerste aanleg eindvonnis gewezen. Gedaagde is tegen beide vonnissen in hoger beroep gekomen. Tot zekerheid van verhaal heeft
Kort geding. Vorderingen op grond van auteursrecht afgewezen; niet aannemelijk dat de Panara schoencollectie bestaat uit voorwerpen die te kwalificeren zijn als auteursrechtelijk beschermde werken. Beneluxmerk inbreukverbod toegewezen; gedaagde heeft geen toestemming meer om het