IPR
Burgerlijk Wetboek
Art. 10:56 BW
Genoemd in 133 uitspraken · Officiële wettekst
133 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Echtscheiding. Partijen hebben de Franse nationaliteit. Appel tegen de echtscheiding, belang bij het appel? Verzoek in hoger beroep om een ’prestation compensatoire’ vast te stellen, formele en materiele punten. Kinderalimentatie, toepasselijk recht. Afwikkeling huwelijkse voorwa
Echtscheiding met IPR. Het hof is van oordeel dat het Nederlands recht van toepassing is op de echtscheiding. Op de vermogensrechtelijke afwikkeling is het Marokkaans recht van toepassing. De in Nederland gelegen echtelijke woning is gezamenlijk gekocht en er is sprake van een ee
IPR; echtscheiding; verdeling algehele gemeenschap van goederen. De nalatenschap van de vader van de man wordt beheerst door het Spaanse erfrecht. Dat recht kent geen uitsluitingsclausule. In het onderhavige geval is het in strijd met de redelijkheid en billijkheid dat de erfrech
Personen- en familierecht; huwelijksvermogensrecht; IPR; Iraanse huwelijkse voorwaarden strijdig met Nederlandse openbare orde; art.10:6 BW.
Eindbeschikking voor: echtscheiding, handhaving gezamenlijk ouderlijk gezag na scheiding, hoofdverblijf, zorgregeling (waaronder verdeling Joodse feestdagen), huurrecht en kinder- en partneralimentatie. Tussenbeschikking voor afwikkeling van het huwelijksvermogensregime: Israëlis
Verdeling IPR wagonstelsel, zugewinngemeinschaft, voortgezet gebruik echtelijke woning, investering met privévermogen, nalatenschap
Echtscheiding van een in Pakistan gesloten huwelijk.
Gezamenlijk verzoek eenhoofdig gezag bij echtscheiding / in belang minderjarigen noodzakelijk / man niet betrokken en verblijft bovendien fysiek op grote afstand.
Rechtsgeldigheid van in Pakistan gesloten huwellijk. Huwelijk met de handschoen. Huwelijk wordt naar Nederlands recht erkend.
Echtscheiding, toewijzing verzoek eenhoofdig gezag aan moeder en afwijzing verzoek omgang met vader in verband aard van de strafrechterlijke veroordeling en detentie vader.
Echtscheiding, terugverhuizing, omgangsregeling, verdeling. De omgang wordt voor onbepaalde tijd ontzegd.
echtscheiding, hoofdverblijfplaats bij de vrouw, zorgregeling met toewerken naar uitbreiding 1 nacht, onder regie en aanwijzing van JBRA, die zich laat adviseren door Sipi. Minderjarige is nog erg jong en er heeft zich het nodige voorgedaan tussen ouders in het verleden.
Echtscheiding met nevenvoorzieningen (o.a. eenhoofdig gezag, gelasten raadsonderzoek omgang, vervangende toestemming vakantie en BSO, kinderalimentatie en verdeling huwelijksgemeenschap. Verdeling: onvoldoende informatie over (mogelijke) erfenis in Roemenië, zodat niet vastgestel
Echtscheiding met nevenverzoeken over hoofdverblijf en huurrecht, IPR, rechtsgeldigheid en erkenning Syrische huwelijk, man ontvankelijk ondanks ontbreken ouderschapsplan
Echtscheiding. De tweede betekening heeft plaatsgevonden conform artikel 55 lid 1 Rv en de bepalingen uit het Haags Betekeningsverdrag 1965, in het bijzonder artikel 10 onder c. De vrouw is niet in de procedure verschenen, zij is wel goed opgeroepen.
Verstek.
Religieus huwelijk wordt in Sri lanka pas erkend na registratie, geen sprake van registratie, verzoek echtscheiding afgewezen en verklaring voor recht toegewezen
Vaststelling vermissing ex artikel 1:412 e.v. BW en verzoek tot echtscheiding. De vrouw heeft geen belang bij het verzoek tot echtscheiding.
Echtscheiding. Toekenning eenhoofdig gezag aan moeder.
Erkenning Somalisch huwelijk, geen erkenning van talaq, eenhoofdig gezag
Echtscheiding + verdeling: sprake van opzettelijk tot de gemeenschap behorende goederen verzwijgen of verborgen houden als bedoeld in artikel 3:194 lid 2 BW
Scheiding tafel en bed IPR
Echtscheiding, partnerbijdrage en verdeling wettelijke (beperkte) gemeenschap van goederen. Partijen niet eens over bestaan schuld aan vader van de man. Nu schuld niet is komen vast te staan kan rechtbank geen oordeel geven over onderlinge draagplicht. Bruidsgave en letselschade.
Echtscheiding met nevenvoorzieningen. Rechtbank sluit voor het bepalen van de behoefte niet aan bij de hofnorm. Partijen hebben maar kort samengewoond. Onduidelijk is waar partijen in die periode precies van hebben geleefd. Rechtbank stelt behoefte van de man daarom gelijk aan zi