Raad van State
ECLI:NL:RVS:2024:3661
2024-09-11
Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
202405368/1/V2 en 202405368/2/V2
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 9 juli 2024 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (78)
- ECLI:NL:RBDHA:2026:27817 Rechtbank Den Haag 15-09-2026
- ECLI:NL:RBDHA:2026:25046 Rechtbank Den Haag 26-08-2026
- ECLI:NL:RBDHA:2026:23824 Rechtbank Den Haag 20-08-2026
- ECLI:NL:RBDHA:2026:22806 Rechtbank Den Haag 14-08-2026
- ECLI:NL:RBDHA:2026:25065 Rechtbank Den Haag 07-08-2026
- ECLI:NL:RBDHA:2026:22621 Rechtbank Den Haag 29-07-2026
- ECLI:NL:RBDHA:2026:20562 Rechtbank Den Haag 22-07-2026
- ECLI:NL:RBDHA:2026:23208 Rechtbank Den Haag 16-07-2026
- ECLI:NL:RBDHA:2026:20086 Rechtbank Den Haag 14-07-2026
- ECLI:NL:RBDHA:2026:18765 Rechtbank Den Haag 06-07-2026
- ECLI:NL:RBDHA:2026:21802 Rechtbank Den Haag 30-06-2026
- ECLI:NL:RBDHA:2026:21970 Rechtbank Den Haag 18-06-2026
- ECLI:NL:RBDHA:2026:16244 Rechtbank Den Haag 15-06-2026
- ECLI:NL:RBDHA:2026:15371 Rechtbank Den Haag 08-06-2026
- ECLI:NL:RBDHA:2026:15117 Rechtbank Den Haag 05-06-2026
- ECLI:NL:RBDHA:2026:14518 Rechtbank Den Haag 29-05-2026
- ECLI:NL:RBDHA:2026:13757 Rechtbank Den Haag 26-05-2026
- ECLI:NL:RBDHA:2026:11477 Rechtbank Den Haag 08-05-2026
- ECLI:NL:RBDHA:2026:11042 Rechtbank Den Haag 06-05-2026
- ECLI:NL:RBDHA:2026:10796 Rechtbank Den Haag 06-05-2026
- ECLI:NL:RBDHA:2026:12236 Rechtbank Den Haag 04-05-2026
- ECLI:NL:RBDHA:2026:8780 Rechtbank Den Haag 10-04-2026
- ECLI:NL:RBDHA:2026:7216 Rechtbank Den Haag 27-03-2026
- ECLI:NL:RBDHA:2026:4753 Rechtbank Den Haag 09-03-2026
- ECLI:NL:RBDHA:2026:4748 Rechtbank Den Haag 06-03-2026
- ECLI:NL:RBDHA:2026:4181 Rechtbank Den Haag 02-03-2026
- ECLI:NL:RBDHA:2026:7235 Rechtbank Den Haag 17-02-2026
- ECLI:NL:RBDHA:2026:3094 Rechtbank Den Haag 17-02-2026
- ECLI:NL:RBDHA:2026:2983 Rechtbank Den Haag 13-02-2026
- ECLI:NL:RBDHA:2026:1063 Rechtbank Den Haag 21-01-2026
- ECLI:NL:RBDHA:2025:22691 Rechtbank Den Haag 01-12-2025
- ECLI:NL:RBDHA:2025:22691 Rechtbank Den Haag 01-12-2025
- ECLI:NL:RBDHA:2025:22318 Rechtbank Den Haag 25-11-2025
- ECLI:NL:RBDHA:2025:23362 Rechtbank Den Haag 24-11-2025
- ECLI:NL:RBDHA:2025:21323 Rechtbank Den Haag 12-11-2025
- ECLI:NL:RBDHA:2025:21494 Rechtbank Den Haag 28-10-2025
- ECLI:NL:RBDHA:2025:18840 Rechtbank Den Haag 13-10-2025
- ECLI:NL:RBDHA:2025:18695 Rechtbank Den Haag 10-10-2025
- ECLI:NL:RBDHA:2025:18695 Rechtbank Den Haag 10-10-2025
- ECLI:NL:RBDHA:2025:18670 Rechtbank Den Haag 08-10-2025
- ECLI:NL:RBDHA:2025:18288 Rechtbank Den Haag 03-10-2025
- ECLI:NL:RBDHA:2025:16665 Rechtbank Den Haag 08-09-2025
- ECLI:NL:RBDHA:2025:16124 Rechtbank Den Haag 27-08-2025
- ECLI:NL:RBDHA:2025:16583 Rechtbank Den Haag 19-08-2025
- ECLI:NL:RBDHA:2025:15637 Rechtbank Den Haag 19-08-2025
- ECLI:NL:RBDHA:2025:14184 Rechtbank Den Haag 31-07-2025
- ECLI:NL:RBDHA:2025:14176 Rechtbank Den Haag 30-07-2025
- ECLI:NL:RBDHA:2025:14166 Rechtbank Den Haag 29-07-2025
- ECLI:NL:RBDHA:2025:13011 Rechtbank Den Haag 17-07-2025
- ECLI:NL:RBDHA:2025:13279 Rechtbank Den Haag 15-07-2025
- ECLI:NL:RBDHA:2025:12571 Rechtbank Den Haag 07-07-2025
- ECLI:NL:RBDHA:2025:11755 Rechtbank Den Haag 04-07-2025
- ECLI:NL:RBDHA:2025:12482 Rechtbank Den Haag 19-06-2025
- ECLI:NL:RBDHA:2025:9514 Rechtbank Den Haag 22-05-2025
- ECLI:NL:RBDHA:2025:9304 Rechtbank Den Haag 21-05-2025
- ECLI:NL:RBDHA:2025:8190 Rechtbank Den Haag 12-05-2025
- ECLI:NL:RBDHA:2025:5957 Rechtbank Den Haag 10-04-2025
- ECLI:NL:RBDHA:2025:6172 Rechtbank Den Haag 09-04-2025
- ECLI:NL:RBDHA:2025:4899 Rechtbank Den Haag 20-03-2025
- ECLI:NL:RBDHA:2025:4903 Rechtbank Den Haag 20-03-2025
Volledige tekst
Volledige tekst (2.429 tekens)
202405368/1/V2 en 202405368/2/V2.
Datum uitspraak: 11 september 2024
AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK
Uitspraak van de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht) en, met toepassing van artikel 92 van de Vw 2000, op het hoger beroep van:
[de vreemdeling],
appellant,
tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Haarlem, van 19 augustus 2024 in zaak nr. NL24.27959 in het geding tussen:
de vreemdeling
en
de minister van Asiel en Migratie.
Procesverloop
Bij besluit van 9 juli 2024 heeft de minister een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.
Bij uitspraak van 19 augustus 2024 heeft de rechtbank het daartegen door de vreemdeling ingestelde beroep ongegrond verklaard.
Tegen deze uitspraak heeft de vreemdeling, vertegenwoordigd door mr. R.P.M. Ngasirin, advocaat in Arnhem, hoger beroep ingesteld. Ook heeft hij de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.
Overwegingen
1. Het hoger beroep leidt niet tot vernietiging van de uitspraak van de rechtbank. De rechtbank is namelijk terecht en op goede gronden tot haar oordeel gekomen. De Afdeling neemt de motivering onder 5.1, 5.2 en 6.1, van de uitspraak van de rechtbank over.
1.1. Dit oordeel hoeft niet verder te worden gemotiveerd. De reden daarvoor is dat het hogerberoepschrift geen vragen bevat die in het belang van de rechtseenheid, de rechtsontwikkeling of de rechtsbescherming in algemene zin beantwoord moeten worden (artikel 91, tweede lid, van de Vw 2000).
2. Het hoger beroep is ongegrond. De uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd. Het verzoek om voorlopige voorziening wordt daarom afgewezen. De minister hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Beslissing
De voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:
I. bevestigt de aangevallen uitspraak;
II. wijst het verzoek af.
Aldus vastgesteld door mr. J. Schipper-Spanninga, voorzieningenrechter, in tegenwoordigheid van mr. T. Toonen, griffier.
w.g. Schipper-Spanninga
voorzieningenrechter
w.g. Toonen
griffier
Uitgesproken in het openbaar op 11 september 2024
979
Datum uitspraak: 11 september 2024
AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK
Uitspraak van de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht) en, met toepassing van artikel 92 van de Vw 2000, op het hoger beroep van:
[de vreemdeling],
appellant,
tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Haarlem, van 19 augustus 2024 in zaak nr. NL24.27959 in het geding tussen:
de vreemdeling
en
de minister van Asiel en Migratie.
Procesverloop
Bij besluit van 9 juli 2024 heeft de minister een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.
Bij uitspraak van 19 augustus 2024 heeft de rechtbank het daartegen door de vreemdeling ingestelde beroep ongegrond verklaard.
Tegen deze uitspraak heeft de vreemdeling, vertegenwoordigd door mr. R.P.M. Ngasirin, advocaat in Arnhem, hoger beroep ingesteld. Ook heeft hij de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.
Overwegingen
1. Het hoger beroep leidt niet tot vernietiging van de uitspraak van de rechtbank. De rechtbank is namelijk terecht en op goede gronden tot haar oordeel gekomen. De Afdeling neemt de motivering onder 5.1, 5.2 en 6.1, van de uitspraak van de rechtbank over.
1.1. Dit oordeel hoeft niet verder te worden gemotiveerd. De reden daarvoor is dat het hogerberoepschrift geen vragen bevat die in het belang van de rechtseenheid, de rechtsontwikkeling of de rechtsbescherming in algemene zin beantwoord moeten worden (artikel 91, tweede lid, van de Vw 2000).
2. Het hoger beroep is ongegrond. De uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd. Het verzoek om voorlopige voorziening wordt daarom afgewezen. De minister hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Beslissing
De voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:
I. bevestigt de aangevallen uitspraak;
II. wijst het verzoek af.
Aldus vastgesteld door mr. J. Schipper-Spanninga, voorzieningenrechter, in tegenwoordigheid van mr. T. Toonen, griffier.
w.g. Schipper-Spanninga
voorzieningenrechter
w.g. Toonen
griffier
Uitgesproken in het openbaar op 11 september 2024
979