1 . Art. 51 Sv. 2. Het in hulpeloze toestand achterlaten van een ander a.b.i. art. 7.1.b WVW 1994. 3. Vordering b.p. Ad 1. Falende klacht over het niet naleven van het in art. 51, tweede volzin, Sv vervatte voorschrift. Uit het aan de cassatieschriftuur gehechte stuk kan niet wor
Wetboek van Strafvordering
Art. 434 Sv
Genoemd in 659 uitspraken · Officiële wettekst
659 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 3 · live
Niet-ontvankelijkverklaring verdachte in h.b. Verontschuldigbare termijnoverschrijding? HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:2004:AN8587. Gelet op hetgeen door de raadsvrouwe onder verwijzing naar stukken is aangevoerd, had het Hof zijn beslissing nader dienen te mot
Niet-naleving art. 322.3 Sv, geen instemming hervatting onderzoek bij gewijzigde samenstelling na schorsing. Het p-v tz. houdt in dat het onderzoek is hervat in de stand waarin het zich bevond t.t.v. de schorsing daarvan doch houdt niet in dat de AG en verdachte daarmee hebben in
Medeplegen van (poging tot) afdreiging. Klachtvereiste a.b.i. art. 318.2 (oud) Sr. De klacht bestaat ex art. 164.1 Sv uit een aangifte met verzoek tot vervolging. De HR herhaalt toepasselijke overwegingen uit ECLI:NL:HR:1994:ZC8448. Het Hof heeft geoordeeld dat is voldaan aan het
Strafmotivering. Geen rechtsregel verzet zich er tegen dat de rechter naar aanleiding van het o.ttz. bij de strafoplegging rekening houdt met f&o die kunnen gelden als omstandigheden waaronder het feit is begaan (vgl. HR LJN AD4286). ‘s Hofs overweging dat verdachte door de voord
Rolbeslissing. Tweede Enkelvoudige kamer HR. Verzoek OM aan rolraadsheer om vertrouwelijke behandeling van door belanghebbende ingestelde cassatieberoep tegen een beschikking van Rb waarbij ex art. 552p.2 (oud) Sv verlof is verleend tot ter beschikking stellen van stukken aan VS
Beschikking ex art. 552f Sv. Art. 23 Sv, oproepen betrokkene. Art. 23, tweede lid, Sv brengt mee dat de belanghebbende voor de raadkamerbehandeling had moeten worden opgeroepen. Uit de aan de HR op de voet van art. 434, eerste lid, Sv toegezonden stukken kan niet van zo een oproe
Profijtontneming. Afwijzing getuigenverzoeken. Geen in rechte te respecteren belang bij cassatieklacht over onjuiste maatstaf. ’s Hofs afwijzing van de getuigenverzoeken is ook zonder nadere motivering niet onbegrijpelijk. CAG: Anders.
Afwijzing aanhoudingsverzoek wegens ziekte. De HR herhaalt toepasselijke overwegingen uit ECLI:NL:HR:2000:AA5730. Gelet daarop en in aanmerking genomen dat verdachte aan het verzoek tot aanhouding ten grondslag heeft gelegd dat hij o.g.v. medische omstandigheden niet in staat was
Verbeurdverklaring, art. 33a Sr. ’s Hofs oordeel dat de inbeslaggenomen auto vatbaar is voor verbeurdverklaring aangezien het een voorwerp is met behulp waarvan het bewezenverklaarde is begaan, is niet z.m. begrijpelijk.
Rolconclusie AG. Toezending aanzegging als bedoeld in art. 435 lid 1 Sv (60-dagentermijn voor indiening cassatieschriftuur) aan verdachte in het buitenland per gewone brief op grond van art. 36e lid 3 Sv. Er is geen cassatieschriftuur binnengekomen binnen de gestelde termijn. Rec
Afwijzen getuigenverzoek. Het Hof heeft door het bij appelschriftuur gedane en ttz. in h.b. gehandhaafde verzoek X als getuige te horen af te wijzen omdat het dit verzoek onvoldoende onderbouwd achtte en verdachte door die afwijzing niet in zijn verdediging is geschaad de juiste
Aanwezigheidsrecht. De vermelding van het adres van de raadsman van verdachte in de schriftelijke volmacht kan bezwaarlijk anders worden verstaan dan als de opgave van een adres in de zin van art. 588a.1ahf.c Sv waaraan mededelingen over de strafzaak kunnen worden toegezonden. U
Art. 285b Sr en 164 Sv. Belaging en klacht. Indien een stuk wel een aangifte bevat maar geen uitdrukkelijk verzoek tot vervolging inhoudt, kan het bestaan van een klacht ex art. 164.1 Sv worden aangenomen. Voorwaarde is dat wordt vastgesteld dat de klager ten tijde van het opmake
1. Betekeningsperikelen, art. 588 Sv. Betekening appeldagvaarding. Het oordeel van het Hof dat het door de verdachte opgegeven adres door een latere opgave was achterhaald, omdat de raadsvrouwe bij het instellen van het h.b. een ander adres heeft opgegeven, getuigt niet van een o
Betekening appeldagvaarding. HR herhaalt relevante overweging uit ECLI:NL:HR:2002:AD5163. Het Hof heeft geoordeeld dat de appeldagvaarding door rechtstreekse toezending ervan aan het adres X in het buitenland rechtsgeldig is betekend. Het Hof heeft aan dat oordeel klaarblijkelijk
1. Rechtsgeldige betekening oproeping voor de tz. in h.b? 2. Afwijzing verzoek tot aanhouding van de behandeling van de zaak. Ad 1. De opvatting dat verdachte niet rechtsgeldig is opgeroepen voor de tz. van 29 okt. 2013 nu is gebleken dat het adres waarop hij was ingeschreven in
Afzien van hernieuwde oproeping niet verschenen getuige. ’s Hofs oordeel dat onaannemelijk is dat de getuige binnen een aanvaardbare termijn ter terechtzitting zal verschijnen getuigt niet van een onjuiste rechtsopvatting en is niet onbegrijpelijk, in aanmerking genomen dat de ge
Art. 434.1 Sv. Onvolledig dossier. Aan de HR zijn alleen toegezonden het verkorte arrest van het Hof, het verkorte p-v tz. en de akte waarbij cassatie is ingesteld. O.g.v. de door de AG in diens conclusie verstrekte informatie moet worden aangenomen dat de overige stukken, waaron
Verlofverlening Rb aan R-C a.b.i. art. 552p.2 (oud) Sv n.a.v. verzoek om rechtshulp m.b.t. goederen t.b.v. verstrekking aan Verenigde Staten. Geheime procedure over vordering ex art. 552p (oud) Sv. Ontvankelijkheid cassatieberoep belanghebbende t.a.v. verzoek tot vertrekking proc
Beklag, beslag ex art. 94 Sv onder klager op een scooter. Art. 23.2 Sv brengt mee dat klager had moeten worden opgeroepen voor de behandeling van het namens hem ingediende klaagschrift in de raadkamer. Uit de stukken kan niet van zo een oproeping blijken, zodat ervan moet worden
Hypotheekfraude, valsheid in geschrift, art. 225 Sr. 1. Afwijzing getuigenverzoek. 2. Bewijsmotiveringsklacht m.b.t. opzet (oogmerk). Ad 1: De beslissingen tot afwijzing van de verzoeken tot het horen van X. als getuige zijn, mede gelet op hetgeen aan die verzoeken ten grondslag
Profijtontneming. 1. Betekeningsperikelen. 2. Verstekverlening, afschrift oproeping, art. 588a en 590.3 Sv. 3. Verstekverlening, vertaling oproeping, art. 588.2 Sv . Ad 1 en 2: de middelen falen op de gronden vermeld in de CAG. Ad 3: Betrokkene heeft geen belang bij de klacht dat
Afschrift aan de raadsman van alle stukken die ter kennis van de verdachte worden gebracht ex art. 51 Sv. Hof verklaarde de verdachte niet-ontvankelijk (ex art. 416.2 Sv). Bij de stukken van het geding bevindt zich een ontvangstbevestiging van de strafgriffie van het Hof, aan de
1. Aanwezigheidsrecht. 2. “toebehorende aan”, art. 321 Sr. Ad 1. o.m. o.g.v. een “ID-staat SKDB” in het dossier moet worden aangenomen dat in het p-v ttz. a.g.v. een kennelijke misslag is opgenomen dat verdachte was gedetineerd. Ad 2. Zonder miskenning van de uitdrukking “toebeho