Wrakingsverzoek afgewezen. Voor zover de rechter daarmee al bemoeienis heeft gehad, komen de beslissingen, waarbij het per abuis aan de wederpartij van verzoeker verleende verstek weer ongedaan is gemaakt, geenszins onbegrijpelijk voor. Dat daarbij niet strikt de hand is gehouden
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
Art. 142 Rv
Genoemd in 88 uitspraken · Officiële wettekst
88 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 4 · live
Vraag of sprake is van een verschoonbare termijnoverschrijding bij betaling griffierechten wordt ontkennend beantwoord. Beroep op hardheidsclausule art. 127a lid 3 Rv. slaagt niet. Geen strijd met art. 6 lid 1 EVRM.
Nu de advocaat niet tijdig tot betaling van het griffierecht is overgegaan en hem geen beroep op de hardheidsclausule van artikel 127a lid 3 Rv toekomt, moet ingevolge het bepaalde in artikel 128 lid 6 Rv juncto artikel 139 Rv verstek tegen gedaagde worden verleend. Omdat de advo
consequentie niet tijdige betaling griffierecht door gedaagde
Belastingdienst heeft teruggave op verkeerd rekeningnummer gestort. Eiseres moet nu gedaagden aanspreken om het bedrag van de teruggave aan haar te betalen op grond van onverschuldigde betaling, dan wel ongerechtvaardigde verrijking. Geen schorsing van de procedure tegen één van
Te late betaling griffierecht door advocaat van gedaagde. Nu de advocaat van gedaagde niet tijdig tot betaling van het griffierecht is overgegaan en het beroep op de hardheidsclausule van artikel 127a lid 3 Rv faalt, moet ingevolge het bepaalde in artikel 128 lid 6 Rv juncto arti
In geschil is of er sprake is van een koopovereenkomst. Nu uit niets blijkt dat partijen hebben afgesproken dat de koopovereenkomst pas perfect zou zijn na ondertekening daarvan, is het feit dat er geen voorlopige koopakte is opgestuurd en/of niet ondertekend geretourneerd, van g
De rechtbank onderschrijft niet in zijn algemeenheid het standpunt van de curator dat vanaf de peildatum voor het bestuur niet langer het belang van de vennootschap en de continuïteit van de onderneming maatgevend moeten zijn, maar het belang van een evenwichtige behartiging van
Het Gerecht blijft bij beslissing van tussenvonnis waarbij o.g.v. art. 142 Rv Banco di Caribe is bevolen schriftelijke inlichtingen te verschaffen en bescheiden over te leggen en een deskundigenonderzoek is bevolen in het kader van een boedelscheidingzaak. Verder verdeelt het Ger
Procesrecht; In de kop van het tussenvonnis van 17 december 2003 zijn ten onrechte de namen van de gedaagden 3,4 en 5 - tegen wie op de voet van art. 140 Rv verstek was verleend- niet vermeld. Dat betreft een kennelijke, voor eenvoudig herstel vatbare, schrijffout die de rechtban
Onder de hiervoor onder 4 omschreven omstandigheden is het hof van oordeel dat het procesverloop in eerste aanleg - zoals ook, door [appellanten] niet bestreden, beschreven door de rechtbank in het bestreden vonnis - er geen blijk van geeft dat ten nadele van [appellanten] het be
-
Nadere conclusie of akte in hoger beroep. Datum van ingang van notarieel invaliditeitspensioen in verband met overmachtstoestand betreffende het indienen van een daartoe strekkende aanvraag.