Vonnis in de hoofdzaak en in het incident ex artikel 843b Rv. De incidentele primaire en subsidiaire vordering richten zich tegen iemand die geen partij is in de procedure.
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
Art. 142 Rv
Genoemd in 88 uitspraken · Officiële wettekst
88 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 3 · live
Uitlokken wanprestatie werknemer van concurrent – profiteren van kennis werknemer – onrechtmatige daad formele relatie: CUR201801054 (voorheen AR 46866/2011
Procesrecht. Ontvankelijkheid incidenteel cassatieberoep. Is het in art. 3.1.5.5 van het Procesreglement Hoge Raad genoemde moment een fatale termijn voor het instellen van incidenteel cassatieberoep? Eisen van een goede procesorde. Art. 418a Rv, art. 142 Rv, art. 410 lid 1 Rv.
heropeningszaak-geen herroeping-stichting niet nietig-geen strijd met openbare orde
De rechtbank geeft ambtshalve bevelen op grond van art. 22 Rv om bewijsstukken in het geding te brengen, Tevens geeft de rechtbank aanwijzingen voor de wijze waarop de betekeningen als bedoeld in het Haags Betekeninsgverdrag moeten worden verricht.
Erfrecht, geen vernietiging testament op grond van misbruik van omstandigheden (artikel 43 van boek 4 BW)
Procesrecht. Vonnis op tegenspraak of verstekvonnis? Aanwending van juiste rechtsmiddel? Beoordeling door appelrechter van aard van uitspraak in eerste aanleg. Recht op toegang tot de rechter (art. 6 EVRM) indien niet kenbaar is dat sprake is van vonnis op tegenspraak. Geen belan
Art 142 lid 1 Rv overlegging door derde
Herroeping vonnissen wegens oneerlijke proceshouding. Herkomst van in trust ondergebracht vermogen.
Curaçao. Boedelscheiding. Bevel overlegging stukken door een derde.
Verzet na verstekvonnis. Verzetstermijn. Niet-ontvankelijkheid.
Civiel. Artikelen 843a lid 1 en 142 Rv. Vordering tot inzage, afschrift of uittreksel van bepaalde bescheiden.
Ontruimingsvordering door hypotheekgever toegewezen. Kort geding. De woning is vervolgens verkocht. Het verstek in eerste aanleg was gezuiverd na de zitting, maar voor de uitspraak. Dan geen verzet maar hoger beroep. Belang bij beoordeling in hoger beroep te ontlenen aan procesko
Storingen in geleverde tankinstallaties voor aardgas. Onenigheid over wie het verhelpen van de storingen en het onderhoud dient te betalen. Benoeming deskundige. Vervolg op ECLI:NL:RBGEL:2016:1044
Inzage boekhouding werkgever
Effectenleaseovereenkomst. Geldt aan Dexia verzonden brief als ‘opt out-verklaring’ in de zin van art. 7:908 lid 2 BW, hoewel zij niet gericht was aan de notaris die daartoe in de WCAM-overeenkomst (Duisenberg-regeling) is aangewezen?
Effectenleaseovereenkomst. Gebondenheid aan Duisenberg-regeling wanneer één van beide echtgenoten het Dexia-Aanbod heeft aanvaard en de andere met beroep op art. 1:89 BW een verklaring tot buitengerechtelijke vernietiging van de effectenleaseovereenkomst heeft uitgebracht, terwij
Olieraffinaderij te Curacao aansprakelijk voor verontreiniging watergebied. Tegenbewijs dat schade is veroorzaakt door andere vervuiler niet geleverd. Bevel aan Kustwacht ex art. 142 lid 1 Rv afgewezen. Eigenaar van (beschermd) natuurgebied hoeft geen genoegen te nemen met “total
Overeenkomst van opdracht tot leveren, plaatsen, aansluiten en in gebruik stellen van tankinstallaties voor aardgas. Opdrachtnemer maakt voorbehoud ten aanzien van punten in algemene voorwaarden van opdrachtgever. Storingen in geleverde installaties. Onenigheid over wie het verhe
Art. 3 lid 3 Wet griffierechten burgerlijke zaken. Te laat betaald griffierecht. Beroep advocaat op hardheidsclausule ex. art. 127 a lid 3 Rv, nu griffiemedewerker telefonisch zou hebben toegezegd dat alsnog binnen één dag kon worden betaald. Advocaat wordt geacht op de hoogte te
Procesrecht. Art. 2:19 lid 6 BW en art. 2:23c lid 1 BW. Een van de appellanten/eisers is opgehouden te bestaan nadat appeldagvaarding is uitgebracht, maar namens haar wordt wel memorie van grieven genomen. Hof verlangt nadere toelichting, mede nu uit verklaring van voormalig best
Verzet; ontvankelijkheid.
Procesrecht, insolventierecht. Verzoek tot schorsing cassatieprocedure op grond van art. 28 Fw nadat gefourneerd is, arrest is gevraagd en datum conclusie P-G is bepaald. Strekking art. 30 lid 1 Fw. Betekenis schriftelijk commentaar op conclusie P-G (art. 44 lid 3 Rv). Art. 25 li
Appellante heeft zijn woning in strijd met de welstandbepalingen te hoog gebouwd. Hof oordeelt dat geïntimeerde aanmerkelijke visuele hinder ondervindt van de woning en dat hierdoor de waarde negatief is beïnvloed. Hof bevestigt vonnis.
Niet tijdige betaling griffierecht door gedaagde. Geen verstekverlening ex artikel 128 Rv, omdat het griffierecht nog vóór het eindvonnis is betaald waardoor verstek gezuiverd is (art. 142 Rv).