Parket bij de Hoge Raad
ECLI:NL:PHR:2018:430
2018-03-23
Civiel recht; Insolventierecht
18/00523
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Formele procesketen
- conclusie ECLI:NL:HR:2018:686 → ECLI:NL:PHR:2018:430 gevolgd
Inhoudsindicatie
Faillissement; verzoek tot ontslag curator (art. 73 Fw); horen rechter-commissaris (art. 65 Fw).
Citeert (1)
- ECLI:NL:HR:2009:BJ7318 Hoge Raad 16-10-2009
Geciteerd door (0)
- geen
Wetsverwijzingen
Volledige tekst
Volledige tekst (3.028 tekens)
Zaaknr: 18/0052
mr. W.L. Valk
Zitting: 23 maart 2018 (bij vervroeging)
Conclusie inzake:
[verzoeker]
tegen
Mr. D. Warnink, in zijn hoedanigheid van curator in het faillissement van [verzoeker]
Partijen worden verkort aangeduid als [verzoeker] respectievelijk de curator.
Deze zaak betreft het verzoek van [verzoeker] tot ontslag van de curator in zijn faillissement op de voet van art. 73 Fw. In cassatie is de klacht dat de rechtbank art. 65 Fw heeft geschonden door op het ontslagverzoek te beslissen zonder de in het faillissement van [verzoeker] benoemde rechter-commissaris te hebben gehoord.
1Feiten en procesverloop
1.1.
In cassatie kan van de volgende feiten worden uitgegaan:
1.1.1.
Bij vonnis van de rechtbank Zwolle-Lelystad van 18 december 2012 is [verzoeker] in staat van faillissement verklaard.
1.1.2.
De curator is de huidige curator in dat faillissement.
1.2.
Bij e-mail van 26 oktober 2017 heeft [verzoeker] een verzoek ingediend bij de rechtbank Overijssel tot ontslag van de curator in zijn faillissement.
1.3.
Het verzoek is behandeld op 3 november 2017.
1.4.
Bij beschikking van 8 november 2017 heeft de rechtbank het verzoek afgewezen.
1.5.
Bij verzoekschrift van 6 februari 2018 heeft [verzoeker] – tijdig – cassatieberoep tegen de beschikking ingesteld. De curator is niet verschenen.
2Bespreking van het cassatiemiddel
2.1.
Het cassatiemiddel klaagt dat de rechtbank art. 65 Fw heeft geschonden door op het ontslagverzoek te beslissen zonder de in het faillissement van [verzoeker] benoemde rechter-commissaris te hebben gehoord.
2.2.
De klacht is gegrond. Art. 65 Fw schrijft voor dat de rechtbank de rechter-commissaris hoort, alvorens in enige zaak betreffende het beheer of de vereffening van de failliete boedel een beslissing te geven. Een ontslagverzoek als bedoeld in art. 73 Fw valt binnen het bereik van dit artikel. Uit de stukken van het geding valt niet op te maken dat de rechtbank de rechter-commissaris heeft gehoord. De bestreden beschikking kan derhalve niet in stand blijven (HR 16 oktober 2009, ECLI:NL:HR:2009:BJ7318, NJ 2009/517, rechtsoverweging 3.4).
3Conclusie
De conclusie strekt tot vernietiging en terugwijzing.
De Procureur-Generaal bij de
Hoge Raad der Nederlanden
A-G
Vergelijk de beschikking van de rechtbank Overijssel van 8 november 2017, p. 1.
Zie art. 426 lid 1 Rv. Dat cassatie openstaat, volgt uit art. 398 aanhef en onder 1 Rv in verband met art. 85 Fw.
Het eerste blad, laatste alinea, van de bestreden beschikking vermeldt: ‘De rechtbank (…) is, gehoord gefailleerde en de curator, van oordeel (…).’
mr. W.L. Valk
Zitting: 23 maart 2018 (bij vervroeging)
Conclusie inzake:
[verzoeker]
tegen
Mr. D. Warnink, in zijn hoedanigheid van curator in het faillissement van [verzoeker]
Partijen worden verkort aangeduid als [verzoeker] respectievelijk de curator.
Deze zaak betreft het verzoek van [verzoeker] tot ontslag van de curator in zijn faillissement op de voet van art. 73 Fw. In cassatie is de klacht dat de rechtbank art. 65 Fw heeft geschonden door op het ontslagverzoek te beslissen zonder de in het faillissement van [verzoeker] benoemde rechter-commissaris te hebben gehoord.
1Feiten en procesverloop
1.1.
In cassatie kan van de volgende feiten worden uitgegaan:
1.1.1.
Bij vonnis van de rechtbank Zwolle-Lelystad van 18 december 2012 is [verzoeker] in staat van faillissement verklaard.
1.1.2.
De curator is de huidige curator in dat faillissement.
1.2.
Bij e-mail van 26 oktober 2017 heeft [verzoeker] een verzoek ingediend bij de rechtbank Overijssel tot ontslag van de curator in zijn faillissement.
1.3.
Het verzoek is behandeld op 3 november 2017.
1.4.
Bij beschikking van 8 november 2017 heeft de rechtbank het verzoek afgewezen.
1.5.
Bij verzoekschrift van 6 februari 2018 heeft [verzoeker] – tijdig – cassatieberoep tegen de beschikking ingesteld. De curator is niet verschenen.
2Bespreking van het cassatiemiddel
2.1.
Het cassatiemiddel klaagt dat de rechtbank art. 65 Fw heeft geschonden door op het ontslagverzoek te beslissen zonder de in het faillissement van [verzoeker] benoemde rechter-commissaris te hebben gehoord.
2.2.
De klacht is gegrond. Art. 65 Fw schrijft voor dat de rechtbank de rechter-commissaris hoort, alvorens in enige zaak betreffende het beheer of de vereffening van de failliete boedel een beslissing te geven. Een ontslagverzoek als bedoeld in art. 73 Fw valt binnen het bereik van dit artikel. Uit de stukken van het geding valt niet op te maken dat de rechtbank de rechter-commissaris heeft gehoord. De bestreden beschikking kan derhalve niet in stand blijven (HR 16 oktober 2009, ECLI:NL:HR:2009:BJ7318, NJ 2009/517, rechtsoverweging 3.4).
3Conclusie
De conclusie strekt tot vernietiging en terugwijzing.
De Procureur-Generaal bij de
Hoge Raad der Nederlanden
A-G
Vergelijk de beschikking van de rechtbank Overijssel van 8 november 2017, p. 1.
Zie art. 426 lid 1 Rv. Dat cassatie openstaat, volgt uit art. 398 aanhef en onder 1 Rv in verband met art. 85 Fw.
Het eerste blad, laatste alinea, van de bestreden beschikking vermeldt: ‘De rechtbank (…) is, gehoord gefailleerde en de curator, van oordeel (…).’