Hoge Raad
ECLI:NL:HR:2019:146
2019-02-01
Civiel recht; Ondernemingsrecht
18/01723
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Formele procesketen
- cassatie ECLI:NL:HR:2019:146 → ECLI:NL:GHAMS:2018:361 bekrachtiging/bevestiging
- conclusie ECLI:NL:HR:2019:146 → ECLI:NL:PHR:2018:1354 gevolgd
Inhoudsindicatie
Art. 81 lid 1 RO. Ondernemingsrecht. Ondernemingskamer. Ontvankelijkheid enqueteverzoek. Vraag of economisch belang op een lijn kan worden geteld met belang van een aandeelhouder; art. 2:346 lid 1 BW; verschaffen risicodragend kapitaal. Verwijzing naar HR 29 maart 2013, ECLI:NL:HR:2013:BY7833 (Chinese Workers) en HR 11 april 2014, ECLI:NL:HR:2014:905 (Slotervaartziekenhuis).
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (18)
- ECLI:NL:PHR:2026:846 Parket bij de Hoge Raad 04-09-2026
- ECLI:NL:PHR:2026:846 Parket bij de Hoge Raad 04-09-2026
- ECLI:NL:PHR:2026:846 Parket bij de Hoge Raad 04-09-2026
- ECLI:NL:PHR:2026:846 Parket bij de Hoge Raad 04-09-2026
- ECLI:NL:PHR:2026:846 Parket bij de Hoge Raad 04-09-2026
- ECLI:NL:PHR:2026:846 Parket bij de Hoge Raad 04-09-2026
- ECLI:NL:PHR:2026:846 Parket bij de Hoge Raad 04-09-2026
- ECLI:NL:PHR:2026:846 Parket bij de Hoge Raad 04-09-2026
- ECLI:NL:PHR:2026:846 Parket bij de Hoge Raad 04-09-2026
- ECLI:NL:PHR:2020:171 Parket bij de Hoge Raad 21-02-2020
- ECLI:NL:PHR:2019:1059 Parket bij de Hoge Raad 18-10-2019
- ECLI:NL:PHR:2019:1059 Parket bij de Hoge Raad 18-10-2019
- ECLI:NL:PHR:2019:1059 Parket bij de Hoge Raad 18-10-2019
- ECLI:NL:PHR:2019:1059 Parket bij de Hoge Raad 18-10-2019
- ECLI:NL:PHR:2019:1059 Parket bij de Hoge Raad 18-10-2019
- ECLI:NL:PHR:2019:1059 Parket bij de Hoge Raad 18-10-2019
- ECLI:NL:PHR:2019:1059 Parket bij de Hoge Raad 18-10-2019
- ECLI:NL:PHR:2019:1059 Parket bij de Hoge Raad 18-10-2019
Volledige tekst
Volledige tekst (3.790 tekens)
1 februari 2019
Eerste Kamer
18/01723
EV/EE
Hoge Raad der Nederlanden
Beschikking
in de zaak van:
[verzoeker] ,wonende te [woonplaats] ,
VERZOEKER tot cassatie,
advocaat: mr. A.E.H. van der Voort Maarschalk,
t e g e n
1. EUROPA LEASING B.V.,gevestigd te Rotterdam,
2. [verweerster 2] ,gevestigd te [vestigingsplaats] ,
3. GROND-, WEG- EN WATERBOUW VAN DER MADE B.V.,gevestigd te Zevenbergen, gemeente Moerdijk,
4. [verweerster 4] ,gevestigd te [vestigingsplaats] [vestigingsplaats] ,
5. TEDAB B.V.,gevestigd te Nederweert,
VERWEERSTERS in cassatie,
advocaten: mr. J.P. Heering en mr. J.W. de Jong,
6. VAN DER MADE INFRA B.V.,
gevestigd te Tiel,
VERWEERSTER in cassatie,
niet verschenen,
BELANGHEBBENDEN ZIJN:
1. naamloze vennootschap naar het recht van België BAJA N.V.,
gevestigd te Kapellen, België,
2. [belanghebbende 2] ,
wonende te [woonplaats] ,
3. de rechtspersoon naar het recht van Luxemburg PROMA S.A.,
gevestigd te Bertrange, Luxemburg,
4. de stichting naar het recht van Curaçao CHISINAU PRIVATE FOUNDATION,
gevestigd te Curaçao,
5. PACHANGA B.V.,
gevestigd te Heeswijk Dinther, gemeente Bernheze,
6. [belanghebbende 6] ,
wonende te [woonplaats] ,
7. de rechtspersoon naar het recht van Luxemburg ESCA S.A. SPF,
gevestigd te Luxemburg, Luxemburg,
BELANGHEBBENDEN in cassatie,
niet verschenen.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [verzoeker] , respectievelijk Europa Leasing c.s., Infra en de belanghebbenden.
1Het geding in feitelijke instantie
Voor het verloop van het geding in feitelijke instantie verwijst de Hoge Raad naar de beschikking in de zaak 200.224.745/01 OK van de ondernemingskamer van het gerechtshof Amsterdam van 1 februari 2018.
De beschikking van de ondernemingskamer is aan deze beschikking gehecht.
2Het geding in cassatie
Tegen de beschikking van de ondernemingskamer heeft [verzoeker] beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
Europa Leasing c.s. hebben verzocht het beroep te verwerpen.
De conclusie van de Advocaat-Generaal L. Timmerman strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van [verzoeker] heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
3Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [verzoeker] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Europa Leasing c.s. begroot op € 862,07 aan verschotten en € 1.800,-- voor salaris, en aan de zijde van Infra en de belanghebbenden op nihil.
Deze beschikking is gegeven door de vicepresident C.A. Streefkerk als voorzitter en de raadsheren A.H.T. Heisterkamp, G. Snijders, M.V. Polak en C.E. du Perron, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.V. Polak op 1 februari 2019.
Eerste Kamer
18/01723
EV/EE
Hoge Raad der Nederlanden
Beschikking
in de zaak van:
[verzoeker] ,wonende te [woonplaats] ,
VERZOEKER tot cassatie,
advocaat: mr. A.E.H. van der Voort Maarschalk,
t e g e n
1. EUROPA LEASING B.V.,gevestigd te Rotterdam,
2. [verweerster 2] ,gevestigd te [vestigingsplaats] ,
3. GROND-, WEG- EN WATERBOUW VAN DER MADE B.V.,gevestigd te Zevenbergen, gemeente Moerdijk,
4. [verweerster 4] ,gevestigd te [vestigingsplaats] [vestigingsplaats] ,
5. TEDAB B.V.,gevestigd te Nederweert,
VERWEERSTERS in cassatie,
advocaten: mr. J.P. Heering en mr. J.W. de Jong,
6. VAN DER MADE INFRA B.V.,
gevestigd te Tiel,
VERWEERSTER in cassatie,
niet verschenen,
BELANGHEBBENDEN ZIJN:
1. naamloze vennootschap naar het recht van België BAJA N.V.,
gevestigd te Kapellen, België,
2. [belanghebbende 2] ,
wonende te [woonplaats] ,
3. de rechtspersoon naar het recht van Luxemburg PROMA S.A.,
gevestigd te Bertrange, Luxemburg,
4. de stichting naar het recht van Curaçao CHISINAU PRIVATE FOUNDATION,
gevestigd te Curaçao,
5. PACHANGA B.V.,
gevestigd te Heeswijk Dinther, gemeente Bernheze,
6. [belanghebbende 6] ,
wonende te [woonplaats] ,
7. de rechtspersoon naar het recht van Luxemburg ESCA S.A. SPF,
gevestigd te Luxemburg, Luxemburg,
BELANGHEBBENDEN in cassatie,
niet verschenen.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [verzoeker] , respectievelijk Europa Leasing c.s., Infra en de belanghebbenden.
1Het geding in feitelijke instantie
Voor het verloop van het geding in feitelijke instantie verwijst de Hoge Raad naar de beschikking in de zaak 200.224.745/01 OK van de ondernemingskamer van het gerechtshof Amsterdam van 1 februari 2018.
De beschikking van de ondernemingskamer is aan deze beschikking gehecht.
2Het geding in cassatie
Tegen de beschikking van de ondernemingskamer heeft [verzoeker] beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
Europa Leasing c.s. hebben verzocht het beroep te verwerpen.
De conclusie van de Advocaat-Generaal L. Timmerman strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van [verzoeker] heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
3Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [verzoeker] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Europa Leasing c.s. begroot op € 862,07 aan verschotten en € 1.800,-- voor salaris, en aan de zijde van Infra en de belanghebbenden op nihil.
Deze beschikking is gegeven door de vicepresident C.A. Streefkerk als voorzitter en de raadsheren A.H.T. Heisterkamp, G. Snijders, M.V. Polak en C.E. du Perron, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.V. Polak op 1 februari 2019.