Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Hoge Raad

ECLI:NL:HR:2016:2487

2016-11-01 Strafrecht 15/02363
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Uitspraakdatum
2016-11-01
Publicatiedatum
2016-11-01
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedure
Cassatie
Zaaknummer
15/02363
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl | RvdW 2016/1143

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

Poging tot doodslag te Heereveen. Voorwaardelijk opzet op de dood door het slachtoffer op de grond te duwen, meermalen met kracht en met geschoeide voet tegen diens hoofd (in de buurt van de slaap) te schoppen en hem meermalen met kracht en met gebalde vuist tegen diens hoofd te slaan. HR: art. 80a RO, zonder schriftelijk standpunt AG.

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (4)

Volledige tekst

Volledige tekst (1.639 tekens)
1 november 2016
Strafkamer
nr. S 15/02363
SG

Hoge Raad der Nederlanden


Arrest



op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Leeuwarden, van 9 april 2015, nummer 21/008202-13, in de strafzaak tegen:




[verdachte]
, geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1983.





1Geding in cassatie


Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze hebben R.P. Snorn en E.M. Bakx, beiden advocaat te Heerenveen, een schriftuur ingediend. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.




2Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep


De Hoge Raad is van oordeel dat de aangevoerde klachten geen behandeling in cassatie rechtvaardigen omdat de partij die het cassatieberoep heeft ingesteld klaarblijkelijk onvoldoende belang heeft bij het cassatieberoep dan wel omdat de klachten klaarblijkelijk niet tot cassatie kunnen leiden.
De Hoge Raad zal daarom – gezien art. 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie en gehoord de Procureur-Generaal – het beroep niet-ontvankelijk verklaren.




3 Beslissing


De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet-ontvankelijk.



Dit arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren Y. Buruma en E.S.G.N.A.I. van de Griend, in bijzijn van de waarnemend griffier J.D.M. Hart, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 1 november 2016.