Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Hoge Raad

ECLI:NL:HR:2016:179

2016-02-02 Strafrecht 15/01634
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Uitspraakdatum
2016-02-02
Publicatiedatum
2016-02-02
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedure
Cassatie
Zaaknummer
15/01634
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl | NJB 2016/353 | RvdW 2016/278 | SR-Updates.nl 2016-0083

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

Verzuim te bevelen dat bij de opgelegde svm vervangende hechtenis zal worden toegepast. Het middel strekt ertoe na vernietiging en terugwijzing aan het Hof de vraag voor te leggen of het Hof “het aangewezen acht dat de schadevergoedingsmaatregel wordt opgelegd ook indien dit de (reële) mogelijkheid van vervangende hechtenis impliceert”. Het middel kan wegens gebrek aan belang niet tot cassatie leiden, nu het belang dat het middel beoogt te dienen niet kan worden bereikt door vernietiging van de bestreden uitspraak t.z.v. het verzuim vervangende hechtenis op te leggen.

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (2)

Volledige tekst

Volledige tekst (2.669 tekens)
2 februari 2016
Strafkamer
nr. S 15/01634
CeH/IF


Hoge Raad der Nederlanden



Arrest



op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Arnhem, van 17 februari 2015, nummer 21/002945-14, in de strafzaak tegen:



[verdachte]
, geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1963.




1Geding in cassatie


Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr. Th.J. Kelder, advocaat te 's-Gravenhage, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal A.J. Machielse heeft geconcludeerd dat de Hoge Raad de vervangende hechtenis, verbonden aan de opgelegde schadevergoedingsmaatregel, zal bepalen en het beroep voor het overige zal verwerpen.





2Beoordeling van het eerste en het tweede middel


De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.





3Beoordeling van het derde middel


3.1.
Het middel klaagt dat het Hof heeft verzuimd om te bevelen dat bij de opgelegde schadevergoedingsmaatregel vervangende hechtenis zal worden toegepast.



3.2.
Blijkens de toelichting strekt het middel, dat berust op de loutere veronderstelling dat het Hof "mogelijk bewust" heeft afgezien van de verplichting om bij de opgelegde schadevergoedingsmaatregel vervangende hechtenis te bevelen in verband met de aangevoerde slechte gezondheid van de betrokkene, ertoe na vernietiging en terugwijzing aan het Hof de vraag voor te leggen of het Hof "het aangewezen acht dat de schadevergoedingsmaatregel wordt opgelegd ook indien dit de (reële) mogelijkheid van vervangende hechtenis impliceert". Het belang dat het middel beoogt te dienen kan niet worden bereikt door vernietiging van de bestreden uitspraak ter zake van het verzuim vervangende hechtenis op te leggen, zodat het middel wegens gebrek aan belang niet tot cassatie kan leiden.





4Beslissing


De Hoge Raad verwerpt het beroep.



Dit arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren H.A.G. Splinter-van Kan en Y. Buruma, in bijzijn van de waarnemend griffier A.C. ten Klooster, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 2 februari 2016.