Hoge Raad
ECLI:NL:HR:2007:BA7670
2007-09-25
Strafrecht
02313/06
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Formele procesketen
- conclusie ECLI:NL:HR:2007:BA7670 → ECLI:NL:PHR:2007:BA7670
Inhoudsindicatie
Ontvankelijkheid cassatieberoep. Nu uit het door de raadsman verzonden faxbericht moet worden afgeleid dat verdachte van te voren bekend was met de terechtzitting van het hof, kan verdachte niet in het beroep worden ontvangen.
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (3)
- ECLI:NL:PHR:2026:634 Parket bij de Hoge Raad 02-06-2026
- ECLI:NL:PHR:2026:121 Parket bij de Hoge Raad 10-03-2026
- ECLI:NL:PHR:2024:368 Parket bij de Hoge Raad 09-04-2024
Volledige tekst
Volledige tekst (2.237 tekens)
25 september 2007
Strafkamer
nr. 02313/06
RR/SM
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een bij verstek gewezen arrest van het Gerechtshof te Amsterdam van 13 oktober 2005, nummer 23/000612-05, in de strafzaak tegen:
[verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1983, wonende te [woonplaats].
1. Geding in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr. P.J. Stronks, advocaat te Amsterdam, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld.
De Advocaat-Generaal Machielse heeft geconcludeerd dat de verdachte niet-ontvankelijk wordt verklaard in zijn cassatieberoep.
2. Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep
2.1.1. Bij de stukken van het geding bevindt zich een aan het Hof gericht faxbericht, inhoudende:
"Inzake: [verdachte] / OM (appèl)
(...)
Uw ref: parketnr. 23/000612-05
Amsterdam, 13 oktober 2005
Geachte heer/mevrouw,
In bovengenoemde zaak welke hedenmiddag dient om 14:45 bij uw Hof in de 19e kamer deel ik u mede dat ondergetekende noch cliënt ter zitting aanwezig zal zijn.
Vriendelijk verzoek ik u recht te doen op de stukken.
In vertrouwen u hiermee naar behoren te hebben bericht, teken ik,
met vriendelijke groet,"
2.1.2. Onder dat faxbericht is de naam van de raadsman van de verdachte vermeld en een - onleesbare - handtekening.
2.2. Blijkens de stukken is het beroep in cassatie ingesteld op 17 mei 2006, zodat de verdachte - nu uit het hiervoor weergegevene moet worden afgeleid dat de verdachte te voren bekend was met de terechtzitting van het Hof van 13 oktober 2005 - ingevolge art. 432, eerste lid aanhef en onder c, Sv in het beroep niet kan worden ontvangen.
3. Beslissing
De Hoge Raad verklaart de verdachte niet-ontvankelijk in het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president G.J.M. Corstens als voorzitter, en de raadsheren B.C. de Savornin Lohman en W.A.M. van Schendel, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.J. Verhoeven, en uitgesproken op 25 september 2007.
Strafkamer
nr. 02313/06
RR/SM
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een bij verstek gewezen arrest van het Gerechtshof te Amsterdam van 13 oktober 2005, nummer 23/000612-05, in de strafzaak tegen:
[verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1983, wonende te [woonplaats].
1. Geding in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr. P.J. Stronks, advocaat te Amsterdam, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld.
De Advocaat-Generaal Machielse heeft geconcludeerd dat de verdachte niet-ontvankelijk wordt verklaard in zijn cassatieberoep.
2. Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep
2.1.1. Bij de stukken van het geding bevindt zich een aan het Hof gericht faxbericht, inhoudende:
"Inzake: [verdachte] / OM (appèl)
(...)
Uw ref: parketnr. 23/000612-05
Amsterdam, 13 oktober 2005
Geachte heer/mevrouw,
In bovengenoemde zaak welke hedenmiddag dient om 14:45 bij uw Hof in de 19e kamer deel ik u mede dat ondergetekende noch cliënt ter zitting aanwezig zal zijn.
Vriendelijk verzoek ik u recht te doen op de stukken.
In vertrouwen u hiermee naar behoren te hebben bericht, teken ik,
met vriendelijke groet,"
2.1.2. Onder dat faxbericht is de naam van de raadsman van de verdachte vermeld en een - onleesbare - handtekening.
2.2. Blijkens de stukken is het beroep in cassatie ingesteld op 17 mei 2006, zodat de verdachte - nu uit het hiervoor weergegevene moet worden afgeleid dat de verdachte te voren bekend was met de terechtzitting van het Hof van 13 oktober 2005 - ingevolge art. 432, eerste lid aanhef en onder c, Sv in het beroep niet kan worden ontvangen.
3. Beslissing
De Hoge Raad verklaart de verdachte niet-ontvankelijk in het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president G.J.M. Corstens als voorzitter, en de raadsheren B.C. de Savornin Lohman en W.A.M. van Schendel, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.J. Verhoeven, en uitgesproken op 25 september 2007.