Doorrijden na ongeval waarbij ander in hulpeloze toestand wordt achtergelaten (art. 7.1.b (oud) WVW 1994) en gevaar op de weg veroorzaken (art. 5 WVW 1994) door met auto vanuit parkeerstand weg te rijden waardoor tegemoetkomende bromfietser tegen auto aanrijdt ten gevolge waarvan
Wegenverkeerswet 1994
Art. 7 WVW
Genoemd in 137 uitspraken · Officiële wettekst
137 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
1 . Art. 51 Sv. 2. Het in hulpeloze toestand achterlaten van een ander a.b.i. art. 7.1.b WVW 1994. 3. Vordering b.p. Ad 1. Falende klacht over het niet naleven van het in art. 51, tweede volzin, Sv vervatte voorschrift. Uit het aan de cassatieschriftuur gehechte stuk kan niet wor
Dodelijk verkeersongeval door op besneeuwd wegdek met bijna dubbele van toegestane maximumsnelheid op kruispunt af te rijden, geen voorrang te geven aan auto van rechts en daarmee in botsing te komen, waarna zijn auto tegen boom tot stilstand komt. Dood door schuld in het verkeer
Verlaten plaats ongeval. ‘Betrokkenheid’ bij een verkeersongeval a.b.i. art. 7.1 aanhef en onder a WVW 1994. De HR herhaalt in een vooropstelling de relevante overwegingen uit HR LJN AP1215 m.b.t. betrokkenheid bij een verkeersongeval in de zin van genoemde bepaling. De HR voegt
Conclusie A-G. Verkeersongeval met zwaar lichamelijk letsel (art. 6 WVW). Bewezenverklaring roekeloosheid via art. 5a WVW. Hoewel deelklacht terecht klaagt over de gebrekkige bewijsmotivering van het voor art. 5a vereiste opzet op 'gevaarlijk inhalen’, faalt het middel omdat roek
HR: art. 81.1 RO.
1 . Art. 51 Sv. 2. Het in hulpeloze toestand achterlaten van een ander a.b.i. art. 7.1.b WVW 1994. 3. Vordering b.p. Ad 1. Falende klacht over het niet naleven van het in art. 51, tweede volzin, Sv vervatte voorschrift. Uit het aan de cassatieschriftuur gehechte stuk kan niet wor
HR: art. 81.1 RO, ook t.a.v. het tweede middel. CAG over art. 69.2 AWR en de bijzondere vervolgingsuitsluitingsgrond die de inkeerregeling van art. 69.3 AWR bevat.
Dood door schuld in het verkeer door in 2020 in Wijdewormer als bestuurder van auto met zeer onverantwoord hoge snelheid te rijden en met grote impact te botsen op andere auto, art. 6 WVW 1994 en verlaten plaats van ongeval, art. 7 WVW 1994. Strafmotivering (gevangenisstraf van 6
Doodslag in het verkeer. Motoragent slachtoffer van vrachtwagenchauffeur. Voorwaardelijk opzet-overwegingen. Tbs-dwang en gevangenisstraf van 9 jaar.
Verdachte heeft over een afstand van in ieder geval 23 kilometer met een veel hogere snelheid gereden dan toegestaan. Terwijl de maximumsnelheid 100 kilometer per uur bedroeg, reed verdachte tot 312 kilometer per uur. Daarbij kwam verdachte in botsing met een andere personenauto.
Doorrijden na ongeval (art. 7.1.a WVW 1994) en geen voorrang verlenen aan voetganger op voetgangersoversteekplaats (art. 49.2 RVV 1990) door met auto over oudere man, die op zebrapad ten val komt, heen te rijden ten gevolge waarvan deze maand later komt te overlijden en vervolgen
Poging tot zware mishandeling en overtreding van art. 7.1 WVW 1994. Begrip ‘verkeersongeval’ a.b.i. art. 7.1 WVW 1994. Het middel berust o.m. op de opvatting van slechts kan worden gesproken van een ‘verkeersongeval’ in de zin van art. 7 WVW 1994 indien sprake is van “een botsing
HR: art. 81.1 RO.
Alcoholslotprogramma (ASP) leidt tot niet-ontvankelijkheid OM in de strafvervolging wegens art 8 WVW. De eerdere oplegging ASP heeft te gelden als criminal charge a.b.i. art 6 EVRM. Gezien de vergaande strekking van deze bestuursrechtelijke maatregel en het gebrek aan afstemming
De rechtbank overweegt dat in geval van een executieoverlevering alleen de duur van de opgelegde vrijheidsstraf van belang is. De in de artikelen 2, eerste lid, en 7, eerste lid, onder b, OLW tot uitdrukking gebrachte eis van een vrijheidsstraf voor de duur van ten minste vier ma
Betrokkenheid bij en veroorzaken van een verkeersongeval ex art. 7.1 WVW 1994. Van betrokkenheid bij een verkeersongeval in een zaak m.b.t. een bestuurder van een motorrijtuig is sprake indien dat motorrijtuig rechtstreeks bij het verkeersongeval is betrokken, zoals het geval is
-
-
-
Verkeersongeval. De verdachte reed zonder rijbewijs in een auto verleende geen voorrang aan een kruisende fietser, reed hem aan en is vervolgens gevlucht. Vrijspraak art. 6 WVW, omdat het niet verlenen van voorrang geen aanmerkelijk onvoorzichtig verkeersgedrag is. De omstandighe
Dodelijk verkeersongeval. Overwegingen over de vraag wie de bestuurder was van het voertuig. Integrale vrijspraak voor artikelen 5, 6, 7 en 8 WVW 1994. Niet-ontvankelijkheid benadeelde partijen.
Integrale vrijspraak Feit 1 art. 6 (primair) Wvw 1994, art. 5 Wvw 1994 (subsidiair), art. 19 Rvv (meer subsidiair) Feit 2 art. 7 Wvw 1994
De verdachte wordt vrijgesproken van het verlaten van de plaats van het ongeval. De verdachte zat als bijrijder in het voertuig waarmee een dodelijke aanrijding is veroorzaakt. Niet is komen vast te staan dat het ongeval mede door haar gedraging is veroorzaakt. De verdachte is da
Bewezenverklaring artikel 6 Wvw (feit 1 primair), artikel 7 Wvw (feit 2) en artikel 9 Wvw (feit 3). Verdachte heeft zich, in een poging om aan de politie te ontkomen, schuldig gemaakt aan zeer onvoorzichtig, onoplettend en onachtzaam rijgedrag. GS 8 maanden, waarvan 4 maanden voo