Conclusie AG. OM-cassatie. Ontvankelijkheid OM. Art. 167 Sv. Recidiveregeling van art. 123b WVW 1994. Slagende klacht over oordeel hof dat het OM niet-ontvankelijk is in de vervolging van verdachte omdat de vervolgingsbeslissing wegens aperte onevenredigheid in strijd is met het
Wegenverkeerswet 1994
Art. 130 WVW
Genoemd in 102 uitspraken · Officiële wettekst
102 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 3 · live
Vordering tot overgifte van rijbewijs, niet daadwerkelijk ingeleverd. Geen sprake van ingevorderd rijbewijs in de zin van artikel 164 WVW. Termijn van tien dagen van artikel 164 lid 6 WVW niet van toepassing. Verwijzing naar Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 6 februari 2020, ECLI:NL
Artikel 130, eerste lid, Wegenverkeerswet – rijgeschiktheidsmaatregel – ongegrond
Op 18 juli 2019 heeft verdachte op de A12 gevaar veroorzaakt doordat hij daar als bestuurder van een vrachtauto met oplegger reed terwijl hij onder invloed van amfetamine was. Na zijn aanhouding is het rijbewijs van verdachte ingevorderd. Ondanks dat zijn rijbewijs was ingevorder
Verkeersongeval N34. Verdachte wordt veroordeeld voor de (voortgezette handeling van) overtreding van artikel 5 WVW tot een geldboete ter hoogte van € 750,- en een voorwaardelijke ontzegging van de bevoegdheid motorrijtuigen te besturen voor de duur van 3 maanden met een proeftij
overtreding van artikel 6 van de Wegenverkeerswet 1994, terwijl het een ongeval betreft waardoor een ander lichamelijk letsel wordt toegebracht en terwijl de schuldige verkeerde in de toestand, bedoeld in artikel 8, tweede lid, onderdeel b, van deze wet. Het slachtoffer in deze z
Opleggen onderzoek naar geschiktheid om te rijden en schorsing van de geldigheid rijbewijs
Verweerder heeft na ontvangst van een mededeling als bedoeld in artikel 130 van de Wegenverkeerswet 1994, aan eiseres een onderzoek naar de rijvaardigheid of rijgeschiktheid opgelegd. Verweerder mocht uitgaan van de betrouwbaarheid en juistheid van de waarnemingen zoals vermeld i
CBR. Vermoeden van rijongeschiktheid en schorsen rijbewijs. Na afloop van de zitting bij de rechtbank heeft eiser een herkeuring gehad en is hij alsnog rijgeschikt bevonden. De rechtbank komt tot de conclusie dat het onderzoek naar de rijgeschiktheid onterecht is opgelegd. Het be
Veroordeling wegens overtreding van artikel 9 lid 7 van de Wegenverkeerswet 1994 tot een gevangenisstraf van twee weken. Bewijsoverweging. Het hof stelt vast dat de overgifte van het rijbewijs van verdachte op 25 december 2018 is gevorderd op grond van artikel 164 WVW 1994, zodat
Conclusie AG. Ongeldig verklaard rijbewijs, art 9.2 WVW 1994. Nu een nieuwe behandeling van de zaak niet tot een andere uitkomst t.a.v. bewezenverklaring zal leiden omdat over de toereikendheid en betrouwbaarheid van het bewijs in redelijkheid geen twijfel kan bestaan, heeft verd
Herziening. Rijden terwijl rijbewijs ongeldig is verklaard, art. 9.2 WVW 1994. Het CBR heeft aanvrager verplicht tot deelname aan de EMA i.v.m. verdenking rijden onder invloed in 2006. In 2007 heeft het CBR het rijbewijs van aanvrager ongeldig verklaard omdat aanvrager daaraan ni
Conclusie AG. Beklag ex art. 164 lid 8 WVW 1994 strekkende tot teruggave aan klager van zijn ingevorderde en door het openbaar ministerie ingehouden rijbewijs. Volgens de AG moet het ervoor worden gehouden dat de klager geen belang meer heeft bij het cassatieberoep omdat van inho
Verwerping verweer over niet-ontvankelijkheid OM. Ne-bis-in-idem. Vervolging t.z.v. weigeren medewerking te verlenen aan ademanalyseonderzoek (art. 8 WVW 1994), voor welk feit aan verdachte reeds een Lichte Educatieve Maatregel Alcohol en Verkeer (LEMA) is opgelegd, levert geen d
Niet-ontvankelijkheid OM wegens dubbele vervolging (ne bis in idem)? Vervolging t.z.v. weigering mee te werken aan ademanalyse (art. 163.2 WVW 1994), voor welk feit aan verdachte reeds een Educatieve Maatregel Alcohol en Verkeer (EMA) is opgelegd. Blijkens art. 130.1 jo. 131.1.a
Vorderingsprocedure om mee te werken aan onderzoek naar rijvaardigheid of geschiktheid om motorvoertuigen te besturen. Vermoeden gebaseerd op gegevens uit “andere bron”, een brief uit familiekring. Uit het systeem van de Wvw en de Regeling maatregelen rijvaardigheid en geschikthe
De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan een alcohol-verkeersmisdrijf en heeft aldus de verkeersveilig-heid in gevaar gebracht. Het hof ontzegt de verdachte de bevoegdheid motorrijtuigen te besturen voor de duur van 8 maanden, waarvan 2 maanden voorwaardelijk met een proefti
Niet-ontvankelijkheidsverweer in 8 WVW-zaak verworpen. Het CBR-onderzoek ex artikel 131 jo 133 WVW 1994 is geen criminal charge. Er is geen sprake van strijd met het ne bis in idem-beginsel of de beginselen van een goede procesorde.
Alcoholslotprogramma (asp). HR verwijst naar ECLI:NL:HR:2015:1819. Daaruit volgt dat i.c. de raadsman van verdachte in de gelegenheid behoort te worden gesteld zijn stelling dat sprake is van dubbele vervolging in die zin dat verdachte t.z.v. hetzelfde feit de verplichting is opg
Vervolg alcoholslotprogramma (asp). HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:2015:434. Hetgeen in dat arrest is overwogen m.b.t. de strafvervolging van een verdachte t.z.v. het rijden onder invloed van alcoholhoudende drank, geldt ook in zaken betreffende de weigering va
Schuld i.d.z.v. roekeloosheid, art. 6 en 175 WVW 1994. De HR herhaalt toepasselijke overwegingen uit ECLI:NL:HR:2013:960. Het Hof heeft zijn oordeel dat te dezen sprake is van roekeloosheid voorzien van een motivering als in deze overwegingen bedoeld. V.zv. het middel klaagt dat
Educatieve Maatregel Alcohol en verkeer (EMA)
intrekking taxivergunning
Taxiverordening Amsterdam weigering taxivergunning Amsterdam
Verweerder heeft verzoekster een alcoholslotprogramma opgelegd omdat zij als bestuurder is aangemerkt. Aan de orde is de beantwoording van de vraag of artikel 17, eerste lid, aanhef en onder b van de Regeling in het geval van verzoekster buiten toepassing moet worden gelaten wege