Appel van ECLI:NL:RBAMS:2018:7931 en 8368. Verband met ECLI:NL:GHAMS:2018:281 en 266. Kort geding. Vervolg van tussenarrest 30 april 2019. Beëindiging bankrelatie. Anders dan de eerste rechter oordeelde, behoefde ING de bankrelatie met Yin Yang c.s., met inbegrip van de overeenko
Wet op het financieel toezicht
Art. 3:10 Wft
Genoemd in 27 uitspraken · Officiële wettekst
27 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Prejudiciële vraag (art. 392 Rv). Vermogensrecht. Financieel recht. Is vordering van een bank uit geldlening overdraagbaar aan een niet-bank? Art. 3:83 lid 1 BW. Inhoud gecedeerde vordering. Art. 6:142 en 6:144 BW. Zorgplichten bank. Zorgplichten niet-bank. Verweermiddelen schuld
Hoger beroep in kort geding; 6:248 BW, 3:10 Wft; 3 Wwft; 5 Wwft; Samenhang met ECLI:NL:GHAMS:2017:2971. Kan de bank in verband met verdenking van betrokkenheid bij witwassen en valsheid in geschrifte de bankrelaties beëindigen? Artikel 6:248 lid 2 BW; afweging van belangen tussen
Art. 81 lid 1 RO. Kort geding. Financieel recht. Mocht bank de bankrelatie opzeggen? Peilmoment toetsing. Weigering tot afgifte van proces-verbaal na pleidooi.
Fibonacci belegde voor haar leden in opties via een zelf-beleggen-rekening van Binck Bank. Op 26 januari 2015 heeft Binck Bank die gehele beleggingsportefeuille in enkele uren geliquideerd. De rechter oordeelt dat Binck Bank dat niet had mogen doen en de schade moet vergoeden die
Prejudiciële vraag (art. 392 Rv). Vermogensrecht. Financieel recht. Is vordering van een bank uit geldlening overdraagbaar aan een niet-bank? Art. 3:83 lid 1 BW. Inhoud gecedeerde vordering. Art. 6:142 en 6:144 BW. Zorgplichten bank. Zorgplichten niet-bank. Verweermiddelen schuld
Hoger beroep in kort geding; 6:248 BW, 3:10 Wft. 5 Wwft; Kan de bank in verband met verdenking van betrokkenheid bij witwassen de bankrelaties beëindigen? Maatstaf 6:248 lid 2; afweging van belangen tussen reputatie- en integriteitsrisico van de bank en de (on)mogelijkheid elders
Vonnis in kort geding, vordering tot herstel bankrelatie en continuering overeenkomst verpakt afstorten, voorzieningenrechter acht de beëindiging door de bank van de bankrelatie en de overeenkomst naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar.
Aanwijzing aan bank strekkende tot beëindiging van overtreding van artikel 10, tweede lid, Bpr en artikelen 3, tweede lid, onder b, c en d, en 8, vijfde lid, Wwft. Beroep gegrond en bestreden besluit vernietigd voor zover dat betrekking heeft op de validatie van de uitvoering van
DNB heeft aan eiseres (betaaldienstverlener/betaalinstelling) twee bestuurlijke boetes opgelegd voor overtreding van artikel 3, tweede lid, en artikel 8, vierde lid, van de Wet ter voorkoming van witwassen en financiering van terrorisme (Wwft) en artikel 10b, eerste lid, van de S
Kort geding. Opzeggen bankrelatie. Na afweging van belangen dient de bank de bankrelatie voor de duur van de aanhangig te maken bodemprocedure af te wachten.
deblokkeren rekeningen en terugbetalen saldi geweigerd. Wwft-onderzoek nog gaande.
mededeling door ex-werkgever over ex-werknemer aan nieuwe werkgever onrechtmatig?
Kort geding. Bank heeft zakelijke rekening geblokkeerd hangende onderzoek naar illegale beleggingsdienstverlening en beleggingsfraude. Vordering tot opheffing blokkade afgewezen.
Klant vordert dat ING geen executiemaatregelen neemt met betrekking tot haar, door ING gefinancierde, woning. De rechtbank komt tot het oordeel dat ING de bancaire relatie mocht beëindigen, de lening mocht opeisen en mag overgaan tot de executoriale verkoop van de woning. Dat mag
Financieel recht. Persoonsbescherming. Beëindiging bancaire relatie, opeising hypothecaire vordering en executoriale verkoop woning wegens fraude. Zorgplicht bank. Opneming van (voormalige) relatie in externe frauderegisters.
Kort geding. Afwijzing vordering tot verwijdering registratie in Incidentenregister, EVR, SFH en IVR. Gedaagde mocht bancaire relatie beëindigen en de leningen opeisen. Niet aannemelijk dat gedaagde misbruik van haar executiebevoegdheid maakt door de woning van eiser te veilen. A
Rekeninghouder beoogde te handelen in cryptovaluta en werd slachtoffer van oplichting. Hij maakte gelden over naar een Litouwse bankrekening die op zijn eigen naam was geopend. Fraude speelde zich af buiten gezichtsveld bank. Geen zorgplichtschending. Geen subjectieve wetenschap
De bank moet (voorlopig) toestaan dat de coffeeshop geldbestellingen (max € 50.000,-) via derden plaatst, voor zover daarmee de door de bank per 1 januari 2021 vastgestelde limiet van € 8.000,- voor de opname van contante gelden overschreden wordt. Het beleid van de bank is naar
Kort geding. Vordering voortzetten bankrelatie (gebruik betaalrekening) toegewezen.
voortzetting bankrelatie met Nederlandse vennootschap, die graan aan Suriname levert, afgewezen. Idem voor de prive-rekeningen van de UBO's. Wft, Wwft. hoog-risico-landen. onvoldoende en niet kloppende facturen
Kort geding. Rabobank moet besluit dat eiser haar klanten niet mag vertegenwoordigen intrekken omdat zij onvoldoende heeft onderbouwd dat eiser onbevoegdelijk gebruik maakt van haar bankproducten en/of betrokken is bij strafbare feiten.
Art. 81 lid 1 RO. Arbeidsrecht, onrechtmatige daad. Handelt voormalig werkgever (bank) onzorgvuldig door op verzoek van DNB negatieve informatie over werknemer (niet integer handelen) aan nieuwe werkgever (bank) te verstrekken? Bewijslast en bewijswaardering. Bevoegdheid DNB.
Betrouwbaarheidsverklaring bankmedewerker in kader Wet financieel toezicht. Mag voormalige werkgever, die een geheimhoudingsclausule heeft getekend in de beëindigingsovereenkomst, kanttekeningen maken bij een door de nieuwe beoogde werkgever gevraagde (uitgebreide) betrouwbaarhei
Handelt DNB onrechtmatig door (het voornemen) eiser te willen hertoetsen, in de zin van artikel 3:9 Wft, in zijn functie als [...] en […] te willen informeren over dat voornemen? Nee. Voorlopig oordeel dat sprake is van een redelijke aanleiding voor hertoetsing. Geen sprake van o