Profijtontneming w.v.v. uit gewoontewitwassen en deelnemen aan criminele organisatie. Matigingsbevoegdheid ex art. 36e.5 Sr. Is hof voldoende gemotiveerd afgeweken van uos strekkende tot matiging betalingsverplichting aan 57-jarige betrokkene zonder werk? HR herhaalt relevante ov
Wetboek van Strafvordering
Art. 6:26 Sv
Genoemd in 72 uitspraken · Officiële wettekst
72 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Conclusie AG. Voordeelontneming. Hennepteelt. Middel klaagt over de verwerping van een verweer dat strekte tot het in mindering brengen van herstelkosten op het voordeelbedrag. Verwerping op de grond dat de kosten geen kosten betreffen die gemaakt zijn ten behoeve van de voltooii
Conclusie AG. Profijtontneming. Had hof cfm. in h.b. gevoerd verweer rekening moeten houden met verbeurdverklaring (v.v.) van een bedrag van € 300.490,- in de hoofdzaak van de medeverdachte? CAG stelt e.e.a. voorop m.b.t. reparatoire aard van de ontnemingsmaatregel. Het bedrag is
Vordering eiser afgewezen; geen grond om gijzeling ikv aan eiser opgelegde ontnemingsmaatregel te schorsen.
Verzoekschriften benadeelde derden ex 6:6:26 Sv. Verzoeksters kunnen worden aangemerkt als benadeelde derden. Vordering van verzoeksters is niet verjaard gelet op artikel 6:6:26 lid 4 Sv. Het civiele recht is niet van toepassing, omdat strafvorderlijke regeling prevaleert. De rec
Verzoek ex art. 6:6:26 lid 1 Sv. De rechtbank wijst het verzoek tot kwijtschelding, althans vermindering, van de aan hem ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel opgelegde verplichting tot betaling aan de Staat ontvangen af. De veroordeelde heeft niet aannemelijk gema
Het verzoek tot kwijtschelding dan wel vermindering van een geldbedrag dat de verzoeker verplicht is te betalen aan de staat ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel wordt deels toegewezen.
Verzoekschrift tot kwijtschelding van het vastgestelde wederrechtelijk verkregen voordeel en subsidiair om vermindering daarvan wegens onvoldoende draagkracht. De rechtbank oordeelt dat de verzoeker niet aannemelijk heeft gemaakt dat bij hem sprake is van betalingsonmacht in die
Verzoek op grond van artikel 6:6:26 van het Wetboek van Strafvordering (Sv). Bij arrest is de verzoeker een ontnemingsmaatregel opgelegd van € 52.671,79. De raadsman van de verzoeker heeft een verzoek tot kwijtschelding dan wel vermindering van de ontnemingsvordering ingediend. D
Toewijzing vordering vermindering ontnemingsbedrag ex art. 6:6:26 Sv. De officier van justitie heeft gevorderd dat de bedragen die in de ontnemingszaak van veroordeelde zijn geïncasseerd, en in de toekomst nog zullen worden geïncasseerd, worden aangemerkt als incasso op de aan ve
Ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel van € 337.239,- en betalingsverplichting. Gijzeling van 590 dagen. Zie ook ECLI:NL:RBROT:2026:724
Verzoek op grond van art. 6:6:26 Sv (verzoek van derde). Toewijzing verzoek tot uitkering aan verzoeker van de reeds geïncasseerde en nog te incasseren gelden uit hoofde van de aan de veroordeelde opgelegde ontnemingsmaatregel.
De rechtbank is van oordeel dat eiser geen zelfstandig belang heeft bij de door hem gevorderde verklaring voor recht dat hij (blijvend) detentieongeschikt is, omdat aan deze vaststelling geen directe rechtsgevolgen kunnen worden verbonden. Ook kan niet worden geconcludeerd dat de
Procesafspraken. De rechtbank komt tot een veroordeling voor het deelnemen aan een criminele organisatie die tot oogmerk heeft het plegen van misdrijven. De rechtbank legt op een geldboete van 100.000 euro, waarvan 35.000 euro voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaren.
Procesafspraken. De rechtbank komt tot een veroordeling voor het als oprichter, leider en bestuurder deelnemen aan een criminele organisatie die tot oogmerk heeft het plegen van misdrijven en het medeplegen van valsheid in geschrifte. De rechtbank legt op een geheel voorwaardelij
Procesafspraken. De rechtbank komt tot een veroordeling voor het deelnemen aan een criminele organisatie die tot oogmerk heeft het plegen van misdrijven. De rechtbank legt op een geheel voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 1 jaar met een proeftijd van 3 jaren, en een
Beslissing op het verzoek op grond van artikel 6:6:26 Sv (verminderen ontnemingsbedrag) afgewezen. De rechtbank is van oordeel dat uit de door de verzoeker overgelegde stukken, die zich reeds in het dossier in de straf- en ontnemingszaak bevonden , en de daarbij gegeven toelichti
Art 6.6.26 Sv: verzoek kwijtschelding ontnemingsbedrag toegewezen. Verzoeker heeft altijd meegewerkt aan betalingsregeling, heeft inzage gegeven in zijn inkomen en vermogenspositie. Daaruit blijk dat hij en zijn gezin met 3 kinderen amper nog geld overhouden voor de dagelijkse hu
Art 6.6.26 Sv: verzoek tot kwijtschelding of vermindering ontnemingsbedrag afgewezen omdat verzoeker weigert inzage te geven in zijn inkomen en vermogen. Daarnaast zijn er aanwijzingen voor ruime uitgaven voor vakantie.
Ontnemingsvordering gedeeltelijk toegewezen. Wederrechtelijk verkregen voordeel geschat op € 10.000,00 en betalingsverplichting op dat bedrag vastgesteld. Uitgangspunt 1 eerdere oogst
Ontnemingsvordering gedeeltelijk toegewezen. Wederrechtelijk verkregen voordeel geschat op € 24.833,30 en betalingsverplichting op dat bedrag vastgesteld. Uitgangspunt 1 eerdere oogst
De verdachte is onder meer veroordeeld voor het medeplegen van diefstal met geweld gepleegd jegens twee slachtoffers. Het uit deze gepleegde feiten wederrechtelijk verkregen voordeel is ontnomen, groot € 11.765,70.
De verdachte is onder meer veroordeeld voor het medeplegen van diefstal met geweld. Het uit dit gepleegde feit verkregen voordeel is ontnomen, groot € 823,65.
De verdachte is onder meer veroordeeld voor het medeplegen van diefstal met geweld gepleegd jegens twee slachtoffers. Het uit deze gepleegde feiten wederrechtelijk verkregen voordeel is ontnomen, groot € 11.556,53.
De verdachte is onder meer veroordeeld voor het medeplegen van diefstal met geweld. Het uit dit gepleegde feit wederrechtelijk verkregen voordeel is ontnomen, groot € 930,98.