Herziening. Feitelijk leiding geven aan het door een rechtspersoon begaan van oplichting (meermalen gepleegd), art. 326.1 Sr. Aanvraag is gebaseerd op de n.a.v. klacht van aanvrager gedane uitspraak van EHRM (nr. 2205/16), waarin is vastgesteld dat art. 6.1 en 6.3.d EVRM zijn ges
Wetboek van Strafvordering
Art. 471 Sv
Genoemd in 39 uitspraken · Officiële wettekst
39 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Herziening na uitspraak EHRM. Medeplegen van gekwalificeerde zware mishandeling, medeplegen van wederrechtelijke vrijheidsberoving en overtreding van de Opiumwet. Schending aanwezigheidsrecht van in Noorwegen gedetineerde verdachte, art. 6 EVRM. De aanvraag is gebaseerd op een n.
Herziening na uitspraak EHRM. Medeplegen van gekwalificeerde zware mishandeling, medeplegen van wederrechtelijke vrijheidsberoving en overtreding van de Opiumwet. Schending aanwezigheidsrecht van in Noorwegen gedetineerde verdachte, art. 6 EVRM. De aanvraag is gebaseerd op een n.
Herziening. Niet voldoen aan vorderingen van politie (art. 2.2.3 APV Amsterdam 2008) en verstoren van openbare orde door deelneming aan samenscholing (art. 2.2.1 APV Amsterdam 2008) n.a.v. protestactie in 2011 in het kader van ontruiming van kraakpand. 1. Aanvraag is gebaseerd op
Herziening. Belaging (art. 285b.1 Sr), bedreiging, meermalen gepleegd (art. 285.1 Sr) en eenvoudige belediging, meermalen gepleegd (art. 266.1 Sr). Aangevoerd wordt dat uit nader opsporingsonderzoek blijkt dat aangeefster berichten waarvoor aanvrager is veroordeeld, zeer waarschi
Herziening. Opzettelijk aanwezig hebben van 128 hennepplanten in door verdachte gehuurde woning, art. 3.C Opiumwet. Aangevoerd wordt dat hof aanvrager zou hebben vrijgesproken als het bekend was geweest met verklaring die partner van aanvrager als getuige op tz. van hof heeft afg
Herziening. Medeplegen van oplichting, meermalen gepleegd, en medeplegen van poging tot oplichting (art. 326 Sr). Aanvraag is gebaseerd op n.a.v. klacht van aanvrager gedane uitspraak van EHRM, waarin is vastgesteld dat art. 6 EVRM is geschonden in procedure die tot veroordeling
Herziening. Oplichting (art. 326 Sr) en huisvredebreuk (art. 138 Sr). Aanvraag is gebaseerd op n.a.v. klacht van aanvrager gedane uitspraak van EHRM, waarin is vastgesteld dat art. 6 EVRM is geschonden in procedure die tot veroordeling heeft geleid. HR: Op gronden vermeld in CAG
Conclusie PG. Herziening vanwege de uitspraak in de zaak van Keskin tegen Nederland (EHRM 19 januari 2021, nr. 2205/16) en de daarin vastgestelde schending van het uit art. 6 EVRM voortvloeiende recht van de aanvrager om belastende getuigen te ondervragen. Omdat herziening noodza
Herziening. Persoonsverwisseling. Aanvragen gegrond.
Herziening. Niet voldoen aan vorderingen van politie (art. 2.2.3 APV Amsterdam 2008) en verstoren van openbare orde door deelneming aan samenscholing (art. 2.2.1 APV Amsterdam 2008) n.a.v. protestactie in 2011 in het kader van ontruiming van kraakpand. Aanvraag is gebaseerd op de
Herziening. Niet voldoen aan vorderingen van politie (art. 2.2.3 APV Amsterdam 2008) en verstoren van openbare orde door deelneming aan samenscholing (art. 2.2.1 APV Amsterdam 2008) n.a.v. protestactie in 2011 in het kader van ontruiming van kraakpand. Aanvraag is gebaseerd op de
Herziening. Niet voldoen aan vorderingen van politie (art. 2.2.3 APV Amsterdam 2008) en verstoren van openbare orde door deelneming aan samenscholing (art. 2.2.1 APV Amsterdam 2008) n.a.v. protestactie in 2011 in het kader van ontruiming van kraakpand. Aanvraag is gebaseerd op de
Herziening. Niet voldoen aan vorderingen van politie (art. 2.2.3 APV Amsterdam 2008) en verstoren van openbare orde door deelneming aan samenscholing (art. 2.2.1 APV Amsterdam 2008) n.a.v. protestactie in 2011 in het kader van ontruiming van kraakpand. Aanvraag is gebaseerd op de
Conclusie AG. Herzieningsverzoek ex art. 457 lid 1 onder b.naar aanleiding van gegrond verklaarde klacht wegens schending van art. 11. EVRM, EHRM 21 november 2023 Laurijsen e.a. v Nederland nrs. 56896/17, 56910/17, 56914/17, 56917/17 and 57307/17. Loopt verjaringstermijn door tus
Conclusie AG. Herzieningsverzoek ex art. 457 lid 1 onder b.naar aanleiding van gegrond verklaarde klacht wegens schending van art. 11. EVRM, EHRM 21 november 2023 Laurijsen e.a. v Nederland nrs. 56896/17, 56910/17, 56914/17, 56917/17 and 57307/17. Loopt verjaringstermijn door tus
Conclusie AG. Herzieningsverzoek ex art. 457 lid 1 onder b.naar aanleiding van gegrond verklaarde klacht wegens schending van art. 11. EVRM, EHRM 21 november 2023 Laurijsen e.a. v Nederland nrs. 56896/17, 56910/17, 56914/17, 56917/17 and 57307/17. Loopt verjaringstermijn door tus
Conclusie AG. Herzieningsverzoek ex art. 457 lid 1 onder b.naar aanleiding van gegrond verklaarde klacht wegens schending van art. 11. EVRM, EHRM 21 november 2023 Laurijsen e.a. v Nederland nrs. 56896/17, 56910/17, 56914/17, 56917/17 and 57307/17. Loopt verjaringstermijn door tus
Conclusie AG. Herzieningsverzoek ex art. 457 lid 1 onder b.naar aanleiding van gegrond verklaarde klacht wegens schending van art. 11. EVRM, EHRM 21 november 2023 Laurijsen e.a. v Nederland nrs. 56896/17, 56910/17, 56914/17, 56917/17 and 57307/17. Loopt verjaringstermijn door tus
Conclusie AG. Herzieningsaanvraag o.g.v. art. 457, eerste lid aanhef en onder c, Sv. Aanvrager is eerder in strafzaak veroordeeld voor aanwezig hebben van 128 hennepplanten in woning. De nadien in de ontnemingszaak afgelegde getuigenverklaring van partner van aanvrager en daaropv
Herziening ten voordele. De aanvrager is veroordeeld wegens belaging, bedreiging en eenvoudige belediging. Uit nieuw onderzoek rijst de verdenking dat de aangeefster valse aangiften heeft gedaan en identificerende persoonsgegevens van de aanvrager heeft misbruikt. De conclusie st
Conclusie AG. Herziening o.g.v. art. 457, eerste lid aanhef en onder b, Sv. EHRM heeft in uitspraak schending vastgesteld van het uit art. 6 EVRM voortvloeiende recht van de aanvrager om belastende getuigen te ondervragen. Conclusie strekt tot gegrondverklaring van de herzienings
Conclusie AG. Herziening. Medeplegen van oplichting, meermalen gepleegd en medeplegen poging tot oplichting, art. 326.1 Sr. Aanvraag is gebaseerd op de n.a.v. een klacht van aanvrager gedane uitspraak van EHRM (nr. 34507/16), waarin is vastgesteld dat het uit art. 6.3.d EVRM voor
Conclusie AG. Herziening na veroordeling van Nederland door het EHRM wegens schending van de aanspraak op verhoorbijstand. De conclusie strekt tot gegrondverklaring van het verzoek tot herziening en tot verwijzing naar een ander hof.
Herziening. Snelheidsovertreding begaan door onbekend gebleven bestuurder van personenauto waarvan aanvrager eigenaar is, art. 62 jo. bord A1 RVV 1990 jo. 181.1 WVW 1994. Veroordeling door Ktr waarna verdachte n-o is verklaard in zijn h.b. Het aangevoerde, nl. dat aanvrager o.g.v