Art. 342.2 Sv. Unus testis, nullus testis. Vlgs art. 342.2 Sv – dat de tll in haar geheel betreft – kan het bewijs dat verdachte het tlg. feit heeft begaan, door de rechter niet uitsluitend worden aangenomen op de verklaring van 1 getuige. Deze bepaling strekt ter waarborging van
Wetboek van Strafvordering
Art. 427 Sv
Genoemd in 110 uitspraken · Officiële wettekst
110 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Handel in en aanwezig hebben van harddrugs (art. 2.A en 2.C Opiumwet), voorbereiden of bevorderen van Opiumwetdelicten (art. 10a Opiumwet), verhandelen van wapens en/of munitie (art. 9.1 WWM), voorhanden hebben van vuurwapens (art. 26 WWM) en witwassen (art. 420bis.1.b Sr). 1. Af
1. HR komt terug op gewoonteregel m.b.t. ambtshalve beperking cassatieberoep. 2. Witwassen, art. 420bis.1.b Sr. Geldbedrag uit misdrijf afkomstig? Ad 1. HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:2013:CA1610 m.b.t omvang van het beroep in cassatie tegen uitspraken in straf
Mogelijkheid tot instellen van beroep in cassatie door b.p.? Wet bevat geen regeling t.a.v. het instellen van beroep in cassatie door b.p. indien haar vordering door de appelrechter in het strafgeding n-o is verklaard dan wel is afgewezen en noch verdachte noch het OM cassatieber
Onderzoek Vlierbes. Verzoek aanhouding ivm – door rechtbank Noord-Nederland – gestelde prejudiciële vragen, afgewezen. Verweer dat OM niet-ontvankelijk is omdat “moedwillig” onjuiste en/of onvolledige informatie is verstrekt aan verdediging en hof verworpen. OM had wel veel eerde
-
Medeplegen poging doodslag (art. 287 Sr), medeplegen zware mishandeling (art. 302.1 Sr) en voorhanden hebben van (semi) automatisch pistool en munitie (art. 26.1 WWM) door vanuit Frankrijk naar Nederland te komen om ripdeal te plegen. Beroep op niet-ontvankelijkheid OM, nu voor v
Ontvankelijkheid. Conversie. Pr heeft verdachte vrijgesproken en onttrekking aan het verkeer van in beslag genomen voorwerpen opgelegd. Tegen dat vonnis staat cassatieberoep open. HR doet middelen af met 81 RO.
Conclusie PG. Middelen over het bewijs en een beroep op de zienswijze inzake Jaddoe van 2 september 2022 van het VN-mensenrechtencomité. Deze zienswijze stelt opnieuw de vraag aan de orde of en zo ja, in hoe verre de Nederlandse cassatiepraktijk (in het bijzonder die van de verko
HR: 80a RO. Dat brengt met zich dat de HR niet kan toekomen aan een beoordeling van rechtspunten betreffende de vordering van de b.p. (vgl. HR ECLI:NL:HR:2012:BX0146, rov. 2.5).
Art. 80a RO. HR wijst overzichtsarrest i.v.m. het op 1 juli 2012 in werking getreden art. 80a RO: de mogelijkheid om het beroep in cassatie n-o te verklaren. De HR geeft aan welke zaken zich daarvoor kunnen lenen en hoe de HR voornemens is met art. 80a RO procedureel gezien om te
Conclusie A-G. De A-G bespreekt in zijn conclusie de vraag of de verdachte de beslissing op de vordering van de benadeelde partij geheel of gedeeltelijk kan uitzonderen van het door hem ingestelde cassatieberoep. Hij stelt zich op het standpunt dat de beslissingen op de vordering
Degene die de beroepen in cassatie heeft ingesteld is daarin n-o. Art. 427 Sv. Hof heeft verdachte o.g.v. art. 416.2 Sv n-o verklaard in zijn h.b. Beroep in cassatie kan slechts worden ingesteld door of namens verdachte of OM. Als verdachte geldt degene op wiens naam een vonnis/a
Ontbreken p-v van de tz. in e.a. bij de stukken. O.g.v. nader bij het Hof ingewonnen informatie moet worden aangenomen dat het pv van de tz. in e.a. niet meer beschikbaar zal komen. Nu in h.b. geen beroep is gedaan op het ontbreken van genoemd p-v, kan daarover niet voor het eer
-
Conclusie AG. EncroChat. Handel in verboden middelen, handel in wapens en witwassen (onderzoek Vlierbes). Het cassatieberoep richt zich met een 12-tal klachten tegen resp. (a) de afwijzing van onderzoekswensen van de verdediging, (b) de afwijzing van het verzoek tot aanhouding va
Conclusie AG. Beleggingsfraude in concernverband. Gewoontewitwassen, art. 420bis jo. 420ter Sr. Bewijsklacht over feitelijke leidinggeven en middel van de benadeelde partij over het oordeel dat haar vordering een onevenredige belasting voor het strafgeding vormt. Uiteenzetting ov
Ontvankelijkheid cassatieberoep i.v.m. de toepassing van art. 9a Sr. Het Hof heeft het bewezenverklaarde ten onrechte gekwalificeerd als misdrijf. Het bestreden arrest bevat derhalve een kennelijke misslag en dient te worden aangemerkt als een uitspraak betreffende een overtredin
Jeugdzaak. Voorhanden hebben klappertjes speelgoedpistool, art. 54 jo. 27 WWM. Terugwijzingsopdracht HR. Vervolg op ECLI:NL:HR:2017:115 waarin HR arrest Hof heeft vernietigd wat betreft beslissingen t.z.v feit 3 en strafoplegging en zaak in zoverre heeft teruggewezen. 1. Vrijspra
Antilliaanse zaak. Afwijzing herzieningsaanvrage, art. 461 Sv Curaçao en artt. 10 en 11.1 Rijkswet cassatierechtspraak voor Aruba, Curaçao, Sint Maarten en voor Bonaire, Sint Eustatius en Saba. Een afwijzing van een herzieningsaanvrage a.b.i. art. 461 Sv Curaçao kan niet worden a
Slagende betekeningsklacht appeldagvaarding. HR vernietigt de bestreden uitspraak voor zover in cassatie aan de orde onder verwijzing naar de conclusie van de AG.
Bewijs opzet. In de nadere bewijsoverweging genoemde feiten en omstandigheden. In de bewijsoverweging heeft het Hof feiten en omstandigheden opgenomen die het redengevend heeft geacht voor de bewezenverklaring. Nu de gebezigde bewijsmiddelen niets inhouden omtrent deze feiten en
Ontvankelijkheid cassatieberoep. Het hof heeft terzake van een overtreding € 250,- opgelegd. Ex. art. 427 Sv staat tegen arresten van gerechtshoven betreffende overtredingen beroep in cassatie niet open indien geen andere straf of maatregel werd opgelegd dan een geldboete tot een
Bedreiging (art. 285.1 Sr), vernieling, meermalen gepleegd (art. 350.1 Sr), poging zware mishandeling door op anderhalve meter afstand met kracht volle fles wijn richting hoofd van hotelmedewerker te gooien (art. 302.1 Sr) en dragen van wapen (art. 27.1 WWM) 1. Ontvankelijkheid c
Ontvankelijkheid cassatieberoep na vrijspraak van primair tenlastegelegd misdrijf en veroordeling tot minder dan € 250,- geldboete voor subsidiair tenlastgelegde overtreding. In aanmerking genomen dat verdachte is vrijgesproken van het telkens primair tenlastegelegde, en dat het