HR: 81 RO. HR ambtshalve: het Hof was, nu de vordering b.p. in e.a. is toegewezen, ingevolge de artt. 335 en 361.4 jo. 415 Sv gehouden omtrent de vordering van de b.p. een met redenen omklede beslissing te nemen. HR vernietigt in zoverre de bestreden uitspraak en wijst de zaak in
Wetboek van Strafvordering
Art. 421 Sv
Genoemd in 316 uitspraken · Officiële wettekst
316 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 12 · live
Benadeelde partij. Art. 421.3 Sv. De benadeelde partij mag in hoger beroep niet alsnog schadeposten opvoeren die zij in eerste aanleg niet heeft opgevoerd en mag evenmin het bedrag van de in eerste aanleg gevorderde schadevergoeding verhogen (vgl. HR LJN ZD0945). De opvatting dat
Art. 287 Sr: Hof legt 154 weken gevangenisstraf op, waarvan 52 weken voorwaardelijk, voor doodslag op 3 weken oude baby (shaken baby). Baby overlijdt ruim een jaar later aan medische complicaties. Overweging m.b.t. opzet en causaal verband. Na sluiting van het onderzoek stuurt
Toewijzing vordering b.p. en oplegging schadevergoedingsmaatregel. In aanmerking genomen a. dat de aantekening van het mondelinge vonnis van de Pr niet een toewijzing inhoudt van de door de b.p. gevorderde schadevergoeding en b. niet blijkt dat de b.p. zich op de voet van art. 42
Bewijslevering verkrachting en pogingen daartoe. Schakelbewijs. Oplegging maatregel tbs en (duurzame) weigering medewerking aan onderzoek door gedragskundigen. Compensatie door strafverlaging n.a.v. inhoud televisie-uitzending.
Benadeelde partij, voegen. 's Hofs oordeel dat de b.p. zich in e.a. heeft gevoegd op de in art. 51b.2, Sv voorziene wijze en dat hij zich in h.b. op de voet van art. 421.3 jo. art. 51b Sv heeft gevoegd is onjuist noch onbegrijpelijk.
HR: 81 RO.
Beleggingsfraude. Veroordeling wegens het verlenen van beleggingsdiensten zonder vergunning. Vrijspraak van fiscale fraude en oplichting en heling. Overwegingen over: (onder meer) verjaring, verandering van wetgeving, medeplegen en opzet van de verdachte, schending redelijke term
Vordering benadeelde partij. In aanmerking genomen dat de zaak i.c. na vernietiging door de HR door het Hof op het bestaande h.b. opnieuw diende te worden berecht en afgedaan en de b.p. zich in dat h.b. o.g.v. art. 421.3 Sv binnen de grenzen van haar oorspronkelijke vordering opn
Verdachte heeft ingebroken in een auto. Aan deze auto is schade toegebracht. Het hof bevestigt het vonnis behalve ten aanzien van de strafoplegging en de motivering daarvan. De politierechter heeft op het tijdstip van de terechtzitting geen kennis kunnen nemen van het voegingsfor
Verdachte wordt terzake van twee overvallen veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van vijf jaren en zes maanden. De raadsman heeft in hoger beroep betoogd dat het openbaar ministerie niet-ontvankelijk dient te worden verklaard, aangezien de fotoconfrontaties met de get
I.s.m. de artt. 335 en 361.4 Sv jo. 415 Sv geen beslissing genomen op vordering benadeelde partij X. HR verklaart de benadeelde partij alsnog niet-ontvankelijk in haar vordering nu uit de aan de Hoge Raad gezonden stukken blijkt dat op vordering van de ovj de tll is gewijzigd in
Bestorming ADO-home door Ajax-supporters. Voeging benadeelde partij (bp) in hb. Uit ’s Hofs overwegingen kan niet anders volgen dan dat de bp zich (ook) in hb heeft gevoegd. Mede gelet op art. 421.2 en 3 Sv is niet zonder meer begrijpelijk dat het Hof o.g.v. de enkele omstandighe
De bestreden uitspraak houdt alleen beslissingen in omtrent de vordering bp en omtrent een schadevergoedingsmaatregel a.b.i. art. 36f Sr. ’s Hofs oordeel dat het dictum van het (verwijzende) arrest van de HR tot het nemen van die beslissingen was beperkt, berust op een onjuiste l
Bestorming ADO-home door Ajax-supporters. 1. Uitleg tenlastelegging (t.l.l.), art. 141 Sr. 2. Voeging benadeelde partij (bp) in hb. Ad 1. Het Hof heeft de op art. 141 Sr toegesneden t.l.l. kennelijk aldus opgevat dat daarin aan verdachte wordt verweten openlijk in vereniging gewe
Bestorming ADO-home door Ajax-supporters. 1. Uitleg tenlastelegging (t.l.l.), art. 141 Sr. 2. Voeging benadeelde partij (bp) in hb. Ad 1. Het Hof heeft de op art. 141 Sr toegesneden t.l.l. kennelijk aldus opgevat dat daarin aan verdachte wordt verweten openlijk in vereniging gewe
Bestorming ADO-home door Ajax-supporters. ‘in vereniging’ ex art. 141 Sr. HR herhaalt de relevante overwegingen uit HR LJN AL6209.’s Hofs oordeel dat verdachte een voldoende significante bijdrage heeft geleverd aan het geweld is niet zonder meer begrijpelijk. Weliswaar heeft het
Bestorming ADO-home door Ajax-supporters. 1. Uitleg tenlastelegging (t.l.l.), art. 141 Sr. 2. Bewaren van persoonsgegevens (foto’s), art. 1 Wet bescherming persoonsgegevens (Wbp) en art. 8 EVRM. Ad 1. Het Hof heeft de op art. 141 Sr toegesneden t.l.l. kennelijk aldus opgevat dat
Conclusie AG: De vaststelling of bij verdachte sprake is een ziekelijke stoornis kan in cassatie slechts op begrijpelijkheid worden getoetst. Het Hof heeft i.c. kunnen aannemen dat verdachte t.t.v. het begaan van het feit daaraan lijdende was. HR: 81 RO.
Art. 52 SUO. 1. Vzv. het middel berust op de opvatting dat het in strijd met art. 52 SUO ontbreken van een vertaling van (de essentie van) het afschrift van de appeldagvaarding a.b.i. art. 450 Sv in een taal die de verdachte beheerst, dient te leiden tot schorsing van de vervolgi
Geschil tussen een verdachte en de zoon van het overleden slachtoffer die zich in hoedanigheid van executeur-testamentair op de voet van art. 51a lid 2 Sv. als benadeelde partij had gevoegd in de strafzaak waar de rechter bij onherroepelijk strafvonnis de schadevordering gedeelte
Verzuim van hof om te beslissen op vordering benadeelde partij wier voeging ex art. 421.2 Sv van rechtswege voortduurt in appèl voorzover de gevorderde schadevergoeding is toegewezen, leidt tot vernietiging door HR in zoverre.
Herziening.
Vordering benadeelde partij. De vordering van de benadeelde partij die in eerste aanleg was toegewezen tot een bedrag van € 1.263, bedroeg in appèl na hernieuwde voeging weer het oorspronkelijke bedrag van € 1.997. Het hof wees de vordering toe tot een bedrag van € 1.263. ’s Hofs
Beslissing op (voor de terechtzitting ontvangen) aanhoudingsverzoek ex art. 278.3 Sv van verdachte of gemachtigde raadsman. Uit de art. 278.3 en 4, 329, 330 en 331.1 Sv volgt dat op een verzoek van verdachte ex art. 278.3 Sv ter terechtzitting moet worden beslist, nadat het OM om