N-o verklaring van verdachte in h.b. Art. 416 Sv. In aanmerking genomen dat tijdig een appelschriftuur houdende grieven is ingediend en dat uit de stukken van het geding niet volgt dat verdachte de door hem bij appelschriftuur opgegeven bezwaren niet wenst te handhaven, geeft het
Wetboek van Strafvordering
Art. 416 Sv
Genoemd in 648 uitspraken · Officiële wettekst
648 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 23 · live
Afschrift aan de raadsman van alle stukken die ter kennis van de verdachte worden gebracht ex art. 51 Sv. Hof verklaarde de verdachte niet-ontvankelijk (ex art. 416.2 Sv). Bij de stukken van het geding bevindt zich een ontvangstbevestiging van de strafgriffie van het Hof, aan de
N-o verklaring van verdachte in h.b. Grievenformulier. Art. 416.2 Sv. Gelet op de aan de HR toegezonden stukken is ’s Hof oordeel dat verdachte ex art. 416.2 Sv n-o wordt verklaard in het h.b. niet begrijpelijk.
N-o verklaring in h.b. Verplicht toezenden/uitreiken grievenformulier? V.zv. het middel berust op de opvatting dat aan een verdachte die ex art. 450.1. sub b Sv d.m.v. van het geven van een schriftelijke bijzondere volmacht aan een griffiemedewerker h.b. heeft ingesteld, een zoge
Het hof veroordeelt een 24-jarige man tot een gevangenisstraf van 8 jaar. De man duwde op 31 januari 2014 bij een woninginbraak in Zwolle de 72-jarige bewoonster hard omver; zij overleed een dag later aan de gevolgen van de val. Daarnaast is de man schuldig aan een inbraak bij ee
Vrijspraak ter zake van medeplegen van verkrachting en veroordeling ter zake van medeplegen van ontucht (waaronder seksueel binnendringen) met een persoon onder de 16 jaar. Oplegging van gevangenisstraf van 20 maanden, waarvan 4 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jare
Vrijspraak ter zake van medeplegen van verkrachting en veroordeling ter zake van medeplegen van ontucht (waaronder seksueel binnendringen) met een persoon onder de 16 jaar. Oplegging van gevangenisstraf van 20 maanden, waarvan 4 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jare
Vrijspraak ter zake van medeplegen van verkrachting en veroordeling ter zake van medeplegen van ontucht (waaronder seksueel binnendringen) met een persoon onder de 16 jaar. Oplegging van gevangenisstraf van 20 maanden, waarvan 4 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jare
Vrijspraak ter zake van medeplegen van verkrachting en vrijspraak van medeplegen van ontucht. Veroordeling ter zake van plegen van ontucht (seksueel binnendringen) met een persoon onder de 16 jaar. Oplegging van gevangenisstraf van 9 maanden, waarvan 3 maanden voorwaardelijk met
Integrale vrijspraak. Ten laste gelegd was medeplegen van verkrachting, medeplegen van ontucht met een persoon onder de 16 jaar (seksueel binnendringen) en - medeplichtigheid aan die feiten. Onttrekking aan het verkeer van een onder verdachte in beslag genomen telefoon waarop een
Dagvaarding h.b. Verstek. Het p-v van de tz. in h.b. vermeldt als adres van verdachte: X. Gelet hierop en op de inhoud van de op de voet van art. 434.1 Sv aan de HR toegezonden stukken, heeft het Hof kennelijk geoordeeld dat dit adres de feitelijke woon- of verblijfplaats van ver
Beperking omvang h.b., art. 423 Sv. Uit de appelakte, die inhoudt dat beroep wordt ingesteld tegen “het eindvonnis d.d. 22 september 2010”, kan bezwaarlijk anders volgen dan dat het h.b. onbeperkt is ingesteld. Het Hof heeft derhalve ten onrechte het appel opgevat “als uitdrukkel
N-o verklaring in h.b. Verplicht toezenden/uitreiken grievenformulier? V.zv. het middel berust op de opvatting dat aan een verdachte die ex art. 450.1. sub b Sv d.m.v. van het geven van een schriftelijke bijzondere volmacht aan een griffiemedewerker h.b. heeft ingesteld, een zoge
Bevestiging vonnis Pr met daarin slechts opgave bwm. Art. 378.2 Sv en art. 3 onder d Regeling aantekening mondeling vonnis (Stcrt. 1996, 197). Ttz. in h.b. is vd noch zijn rm verschenen, verstek. De aan het middel ten grondslag liggende opvatting dat in de AMV wat betreft de inho
OM niet-ontvankelijk verklaard wegens het te laat indienen van de appelschriftuur.
Profijtontneming. Afwijzing door het Hof van het verzoek tot aanhouding van de behandeling van de zaak vanwege deelname raadsvrouwe van betrokkene aan landelijke staking van strafrechtadvocaten. HR herhaalt toepasselijke overweging uit ECLI:NL:HR:1999:ZD1314. Uit ’s Hofs motiveri
Afwijzing door het Hof van het verzoek tot aanhouding van de behandeling van de zaak vanwege deelname raadsman van verdachte aan landelijke staking van strafrechtadvocaten. HR herhaalt toepasselijke overweging uit ECLI:NL:HR:1999:ZD1314. Uit ’s Hofs motivering van de afwijzing va
Afwijzing door het Hof van het verzoek tot aanhouding van de behandeling van de zaak vanwege deelname raadsman van verdachte aan landelijke staking van strafrechtadvocaten. HR herhaalt toepasselijke overweging uit ECLI:NL:HR:1999:ZD1314. Uit ’s Hofs motivering van de afwijzing va
Afwijzing door het Hof van het verzoek tot aanhouding van de behandeling van de zaak vanwege deelname raadsvrouwe van verdachte aan landelijke staking van strafrechtadvocaten. HR herhaalt toepasselijke overweging uit ECLI:NL:HR:1999:ZD1314. Uit ’s Hofs motivering van de afwijzing
Niet-naleving voorschrift van art. 51 Sv. Uit de stukken blijkt niet dat een afschrift van de dagvaarding in h.b. aan de raadsman is verzonden. Vernietiging en terugwijzing.
Niet-ontvankelijkverklaring van verdachte in zijn h.b. Art. 41 en art. 51 Sv. In de bestreden uitspraak ligt als ’s Hofs oordeel besloten dat in e.a. aan de voorschriften van de art. 41 en 51 Sv is voldaan. Dit oordeel getuigt niet van een onjuiste rechtsopvatting en behoefde gee
Afstand van rechtsmiddelen, vd NO.
HR: art. 81.1 RO.
Niet-ontvankelijkverklaring van verdachte in zijn h.b. Art. 41 en art. 51 Sv. In de bestreden uitspraak ligt als ’s Hofs oordeel besloten dat in e.a. aan de voorschriften van de art. 41 en 51 Sv is voldaan. Dit oordeel getuigt niet van een onjuiste rechtsopvatting en behoefde gee
N-O verklaring in h.b. o.g.v. art. 416 Sv. Geen uitgewerkt (stempel)vonnis. Ingevolge de aanhef van art. 395.2 Sv dient het vonnis van de Kr in het p-v tz. te worden aangetekend op de wijze door de Minister van Justitie te bepalen. Van die verplichting tot aantekening van het von