Machtiging raadsman, naar eigen zeggen beperkt? Art. 279 Sv. HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:2003:AF4323 inhoudende dat een machtiging niet kan worden beperkt tot bepaalde onderdelen van het voeren van de verdediging. De rechter mag geen onderzoek instellen omtr
Wetboek van Strafvordering
Art. 416 Sv
Genoemd in 648 uitspraken · Officiële wettekst
648 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 22 · live
1. Stelbrief raadsman niet bij stukken, art. 51 Sv. 2. Aanwezigheidsrecht, detentie uit anderen hoofde. Ad 1. Aan cassatieschriftuur gehechte stukken bieden voldoende grond voor het ernstige vermoeden dat de stelbrief van de raadsman wel ter griffie van het Hof is ontvangen doch
Degene die de beroepen in cassatie heeft ingesteld is daarin n-o. Art. 427 Sv. Hof heeft verdachte o.g.v. art. 416.2 Sv n-o verklaard in zijn h.b. Beroep in cassatie kan slechts worden ingesteld door of namens verdachte of OM. Als verdachte geldt degene op wiens naam een vonnis/a
Machtiging ex. art. 279 Sv. Art. 279 Sv stelt geen verdergaande eisen dan dat een advocaat die een ttz. niet verschenen verdachte wenst te verdedigen, dient te verklaren daartoe uitdrukkelijk gemachtigd te zijn. HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:HR:NL:2003:AF9559 inhoud
Milieustrafrecht. Brand bij Chemie-Pack. Verdachte was KAM-coördinator. Hof verwerpt verweer dat OM niet-ontvankelijk moet worden verklaard. Toezegging aan productiemedewerker geen toezegging a.b.i. art. 226g Sv. Ook geen strijd met Zwolsman- en Karman-criteria. Vervolgingsbeslis
Milieustrafrecht. Brand bij Chemie-Pack. Hof verwerpt verweer dat OM niet-ontvankelijk moet worden verklaard. Toezegging aan productiemedewerker geen toezegging a.b.i. art. 226g Sv. Ook geen strijd met Zwolsman- en Karman-criteria. Vervolgingsbeslissingen niet in strijd met verbo
Intrekking h.b. mogelijk na terugwijzing zaak door HR? De HR stelt voorop dat tot de aanvang van de behandeling van het h.b. de mogelijkheid bestaat het h.b. geheel of gedeeltelijk in te trekken op de wijze die in de art. 453 en 454 Sv is voorzien (vgl. ECLI:NL:HR:2011:BP2709). D
1. Beroep op nietigheid inleidende dagvaarding mogelijk indien verdachte n-o wordt verklaard in het h.b.? Art. 422 en 416.2 Sv. 2. Beroep op overschrijding redelijke termijn na uitspraak Hof. Ad 1. Ex art. 422 Sv is het Hof slechts gehouden tot de beraadslaging a.b.i. art. 348 en
Betekeningsperikelen. Art. 588.2 Sv. Niet blijkt dat de appeldagvaarding is verzonden naar het van verdachte bekend zijnde adres in het buitenland. De HR verklaart de appeldagvaarding om doelmatigheidsredenen zelf nietig.
Te stellen eisen aan appelschriftuur OvJ, art. 410.1 Sv. Kan een formulier, waarin de OvJ slechts d.m.v. het aankruisen van hokjes op een voorgedrukt formulier heeft aangegeven wat zijn grieven zijn tegen het vonnis van de Rb, worden aangemerkt als een schriftuur houdende grieven
Veroordeling voor deelname aan een criminele organisatie, de handel in- en het voorhanden hebben van cocaïne en XTC en het plegen van voorbereidingshandelingen daartoe. Voor het bewijs wordt gebruik gemaakt van heimelijke geluidsopnames in twee auto’s, ook al zijn de opnames die
Profijtontneming. 1. Betekeningsperikelen. 2. Verstekverlening, afschrift oproeping, art. 588a en 590.3 Sv. 3. Verstekverlening, vertaling oproeping, art. 588.2 Sv . Ad 1 en 2: de middelen falen op de gronden vermeld in de CAG. Ad 3: Betrokkene heeft geen belang bij de klacht dat
Geen middelen ingediend, verdachte n-o.
Ontvankelijkheid verdachte in h.b. Art. 416.2 Sv. HR verwijst naar relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:2010:BK0910. De omstandigheid dat de redelijke termijn a.b.i. art. 6 EVRM in h.b. kan zijn overschreden staat er niet aan in de weg dat het Hof toepassing geeft aan art. 416.2
Art. 327 Sv. Art. 80a RO. Het door het Hof (partieel) bevestigde vonnis is aangetekend in een p-v ttz. dat niet overeenkomstig art. 327 Sv is vastgesteld en ondertekend, zodat het rechtskracht mist. Zoals in de conclusie van de AG onder 10 is uiteengezet kan dit verzuim blijkens
Verstek. Aanwezigheidsrecht. Het kantooradres van een advocaat dat is vermeld in de akte rechtsmiddel of de door hem verstrekte schriftelijke bijz. volmacht tot het instellen van een rechtsmiddel is niet een opgave van een adres a.b.i. art. 588a.1 onder c Sv, behoudens in een ver
15/02248 E Economische zaak. Einduitspraak. Art. 138 Sv. De beslissing van de Rb tot n-o verklaring van de OvJ in de vervolging is een einduitspraak i.d.z.v. art. 138 Sv, waartegen ingevolge art. 404.1 Sv h.b. open staat, ook als bedoeld vonnis niet voldoet aan de voorschriften v
Betekeningsperikelen. Gelet op hetgeen is overwogen en in aanmerking genomen dat de stukken van het geding niets behelzen waaruit kan volgen dat het in de appelakte opgenomen adres t.t.v. de betekening van de appeldagvaarding als achterhaald zou moeten worden beschouwd, is het in
Verstek. Aanwezigheidsrecht. Het kantooradres van een advocaat dat is vermeld in de akte rechtsmiddel of de door hem verstrekte schriftelijke bijz. volmacht tot het instellen van een rechtsmiddel is niet een opgave van een adres a.b.i. art. 588a.1 onder c Sv, behoudens in een ver
Betekeningsperikelen. Achterhaald adres? Verdachte heeft bij het instellen h.b. een voormalig GBA-adres opgegeven. Uit het feit dat verdachte tot 20 september 2012 op dit adres in de GBA ingeschreven heeft gestaan, kon het Hof niet zonder meer afleiden dat verdachte dit bij het o
1. Betekeningsperikelen, art. 588 Sv. Betekening appeldagvaarding. Het oordeel van het Hof dat het door de verdachte opgegeven adres door een latere opgave was achterhaald, omdat de raadsvrouwe bij het instellen van het h.b. een ander adres heeft opgegeven, getuigt niet van een o
Betekening appeldagvaarding aan de griffier ex art. 588.1.b.3 Sv. HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:2002:AD5163. Uit de stukken blijkt niet dat is getracht de appeldagvaarding uit te reiken aan het in de schriftelijke bijzondere volmacht a.b.i. art. 450.1.b Sv ver
Betekening appeldagvaarding aan de griffier ex art. 588.1.b.3 Sv. HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:2002:AD5163. Uit de stukken blijkt niet dat is getracht de appeldagvaarding uit te reiken aan het in de schriftelijke bijzondere volmacht a.b.i. art. 450.1.b Sv ver
Afwijzing aanhoudingsverzoek wegens ziekte. Middel terecht voorgesteld op de gronden vermeld in de conclusie van de A-G. Het oordeel van het Hof dat onvoldoende aannemelijk is gemaakt dat verdachte een ziekte had die hem verhinderde bij de behandeling van zijn strafzaak aanwezig
Negeren ambtelijk bevel en poging zware mishandeling door als bestuurder van een bromfiets tegen een motorfiets, bestuurd door een motoragent, aan te rijden, te snijden en trachten de berm in te drukken. Geldigheid van de dagvaarding indien in de tenlastelegging niet is benoemd o