Art. 410a Sv. Nu verdachte door de Politierechter is veroordeeld tot een gevangenisstraf is art. 410a.1 Sv en dus ook art. 410a.2 Sv niet van toepassing; het middel berust op een onjuiste opvatting.
Wetboek van Strafvordering
Art. 410 Sv
Genoemd in 415 uitspraken · Officiële wettekst
415 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 15 · live
Art. 410a Sv. Nu verdachte door de Politierechter is veroordeeld tot een gevangenisstraf is art. 410a.1 Sv en dus ook art. 410a.2 Sv niet van toepassing; het middel berust op een onjuiste opvatting.
Afwijzing getuigenverzoek. Op de gronden als vermeld in de conclusie AG onder 3 heeft het Hof zijn afwijzing van het getuigenverzoek ontoereikend gemotiveerd.
1. Geen beslissing op een verzoek om een drietal getuigen te horen. 2. Afwijzing verzoek om runners en informanten als getuigen te horen. Maatstaf. Ad 1. In weerwil van de door de voorzitter ter terechtzitting gedane mededeling houdt het arrest geen beslissing in omtrent het door
Afwijzing verzoek om runners en informanten als getuigen te horen. Maatstaf. In een geval waarin in de appelschriftuur als bedoeld in art. 410.1 Sv een opgave van getuigen wordt gedaan, dient de rechter, gelet op art. 418.1 Sv, behoudens de zich hier niet voordoende uitzondering
Schipholbrand. 1. Wrakingsverzoek rechter-commissaris. 2. Afwijzing verzoek om deskundige te benoemen. Ad 1. Redelijke wetsuitleg brengt mee dat het verzoek tot wraking van een rechter-commissaris wordt behandeld en beslist door een meervoudige kamer van het hof. Het hof heeft zi
1. Getuigenverzoek, maatstaf. 2. Voorhanden hebben, art. 26 WWM. Ad 1. HR herhaalt relevante overwegingen uit HR LJN BJ3295: art. 418.3 Sv ziet, waar wordt gesproken van "een niet bij schriftuur opgegeven getuige" op een o.d.v.v. art. 263 jo. art. 414.2 Sv opgegeven getuige. Dat
Art. 322.4 Sv. Casus: Hof hoort getuige ttz. Op een volgende tz. wordt het onderzoek opnieuw aangevangen. Klacht in cassatie: bij het opnieuw aanvangen heeft het Hof de bij schriftuur opgegeven getuigen niet gehoord c.q. opgeroepen. HR: onder “beslissingen van de Rb inzake het ho
Geen responsieplichtig verweer. De klacht dat het Hof heeft verzuimd te beslissen op een verweer in de zaak van een medeverdachte bij welk verweer verdachte zich heeft aangesloten, faalt op de in de conclusie van de AG vermelde gronden.
Geen responsieplichtig verweer. De klacht dat het Hof heeft verzuimd te beslissen op een verweer in de zaak van een medeverdachte bij welk verweer verdachte zich heeft aangesloten, faalt op de in de conclusie van de AG vermelde gronden.
Ontvankelijkheid verdachte in h.b. De griffiemedewerker heeft een brief van verdachte aangemerkt als een door verdachte verleende schriftelijke bijzondere volmacht tot het instellen van h.b. a.b.i. art. 450.1.b. Sv. Het Hof heeft verdachte n-o verklaard, omdat de brief niet voldo
Art. 416.2 Sv. Het Hof verklaart verdachte n-o in het h.b. HR: Gelet op een brief is ’s Hofs vaststelling dat verdachte het h.b. niet bij schriftuur heeft toegelicht niet begrijpelijk.
Zedenzaak. HR: art. 81 RO.
HR: 81 RO.
Ontvankelijkheid OvJ in hoger beroep. Art. 404.2 Sv. Gelet op de inhoud van de akte rechtsmiddel, die in dit opzicht beslissend moet worden geacht, heeft de OvJ een niet-openstaand rechtsmiddel ingesteld en heeft het Hof de OvJ derhalve ten onrechte in het h.b. ontvankelijk geach
Ontvankelijkheid OvJ in hoger beroep. Art. 404.2 Sv. Gelet op de inhoud van de akte rechtsmiddel, die in dit opzicht beslissend moet worden geacht, heeft de OvJ een niet-openstaand rechtsmiddel ingesteld en heeft het Hof de OvJ derhalve ten onrechte in het h.b. ontvankelijk geach
Ontvankelijkheid OvJ in hoger beroep. Art. 404.2 Sv. Gelet op de inhoud van de akte rechtsmiddel, die in dit opzicht beslissend moet worden geacht, heeft de OvJ een niet-openstaand rechtsmiddel ingesteld en heeft het Hof de OvJ derhalve ten onrechte in het h.b. ontvankelijk geach
HR: 81 RO.
Afwijzing getuigenverzoek. Het betreft een verzoek i.d.z.v. art. 414.2 jo. art. 263.2 en 3 Sv en het Hof heeft de juiste maatstaf (noodzaak) gehanteerd. Een getuige à charge (X) heeft voorafgaand aan de behandeling van de zaak in h.b. aan de raadsman van verdachte meegedeeld dat
Ontvankelijkheid OM, art. 416.3 Sv. Art. 416.3 Sv verleent de rechter een discretionaire bevoegdheid de OvJ in het h.b. niet-ontvankelijk te verklaren indien van de zijde van het OM geen schriftuur, houdende grieven, is ingediend. Die bepaling is mede van toepassing in het geval
Middelen over afwijzing verzoeken, bewezenverklaring en bewijsvoering. HR: art. 81 RO.
Art. 416 Sv. Klacht over niet-ontvankelijkheid hb. Geen schriftuur houdende grieven, wel een gemachtigde rm, die t.t.z. het woord tot verdediging heeft gevoerd. Gelet daarop is ’s Hofs vaststelling dat verdachte niet mondeling zijn bezwaren tegen het vonnis heeft opgegeven, zonde
Art. 418 jo. art. 288 Sv. Afwijzing getuigen. Maatstaf. Het Hof kon de getuigenverzoeken slechts afwijzen op de gronden zoals vermeld in art. 288.1 Sv (verdedigingsbelang). Uit diens overwegingen kan echter niet zonder meer volgen dat die maatstaf is aangelegd.
Afwijzing getuigenverzoek. Gelet op de procesgang heeft het Hof de juiste maatstaf (noodzaak) toegepast. Aan het verzoek is ten grondslag gelegd dat uit de door verbalisanten opgemaakte p-v’s niet duidelijk blijkt wie de bestuurder van de auto is geweest (verdachte is veroordeeld
Afwijzing getuigenverzoek. Appelschriftuur. Fax. Een op de voet van art. 410.3 Sv door verdachte bij schriftuur gedane opgave van te horen getuigen wordt ingevolge die bepaling aangemerkt als een opgave i.d.z.v. art. 263.2 Sv. Nu een opgave in laatstbedoelde zin ook per fax kan w