Art. 301.4 Sv. Strafmotivering. Nu noch het p.v. van de terechtzitting in e.a., noch de p.v.’s van de terechtzittingen in h.b. inhouden dat de omstandigheid dat de betreffende firma volgens de KvK is gefailleerd t.t.z. ter sprake is gebracht, heeft het Hof ten bezware van de verd
Wetboek van Strafvordering
Art. 301 Sv
Genoemd in 211 uitspraken · Officiële wettekst
211 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 2 · live
Art. 322.4 Sv. Casus: Hof hoort getuige ttz. Op een volgende tz. wordt het onderzoek opnieuw aangevangen. Klacht in cassatie: bij het opnieuw aanvangen heeft het Hof de bij schriftuur opgegeven getuigen niet gehoord c.q. opgeroepen. HR: onder “beslissingen van de Rb inzake het ho
Veroordeling t.z.v. overtreding Opiumwet. Onttrekking aan het verkeer van zaktelefoon en papieren, art. 36c Sr. Zonder nadere ontbrekende motivering is niet begrijpelijk het oordeel van het Hof dat de voorwerpen van zodanige aard zijn dat het ongecontroleerde bezit ervan in strij
Het middel dat klaagt dat het Hof in strijd met art. 301 Sv ten bezware van verdachte acht heeft geslagen op een proces-verbaal van politie, faalt op de gronden die zijn vermeld in de Conclusie AG.
1. Strafmotivering. 2. Motivering verbeurdverklaring. Ad 1. Het staat de rechter vrij bij de strafoplegging in aanmerking te nemen hetgeen in redelijkheid is te verwachten m.b.t. het toekomstig gedrag van verdachte (HR LJN AC 9886). Nochtans is ’s Hofs oordeel dat het “in de niet
Bij de klacht dat het hof in de strafmotivering acht heeft geslagen op een brief van de verdachte, terwijl die brief niet ter terechtzitting is voorgelezen en evenmin de korte inhoud daarvan is medegedeeld, heeft verdachte geen redelijk belang, nu de brief van hemzelf afkomstig i
-
Medeplegen afpersing, meermalen gepleegd (art. 317.1 en 317.3 jo. 312.2.2 Sr) en oplichting door jonge vrouw door samenweefsel van verdichtsels te bewegen tot aangaan van schulden in de vorm van telefoonabonnementen en afbetalingsregeling voor MacBook (art. 326.1 Sr). 1. Bewijskl
Conclusie AG. Invoer ayahuasca-thee (met bestanddeel dimethyltryptamine (DMT), vermeld op lijst I Opiumwet) ten behoeve van erediensten van de kerk Santo Daime, art. 2.A en 10 Opiumwet. Beroep op godsdienstvrijheid, art. 9 EVRM.
Conclusie AG. Zware mishandeling door gooien blik bier in gezicht. Litteken zwaar lichamelijk letsel. Verwerping.
Voorlezing van stukken ex art. 301.4 Sv. CAG: Het middel dat klaagt dat het hof i.s.m. art. 301 Sv ten bezware van verdachte acht heeft geslagen op stukken, waaronder de b.m. zoals gebezigd in de aantekening mondeling arrest en het UJD, faalt. Ten aanzien van de stukken die van i
Verkrachting. TBS. Problematiek van de weigerende observandus, vgl. EHRM 3 maart 2015, Constancia vs. Nederland, nr. 73560/12. I.c. geen schending van art. 5.1.e EVRM. HR: art. 81.1 RO.
Witwassen, artt. 420bis en 420quater Sr. HR herhaalt HR LJN BM4440 m.b.t. het witwassen van een door verdachte zelf begaan misdrijf en voegt daar ter verduidelijking aan toe: Met deze rechtspraak wordt mede beoogd te voorkomen dat een verdachte die een bepaald misdrijf heeft bega
Schriftelijke slachtofferverklaring als bewijsmiddel. Ten tijde van de behandeling van de zaak door het Hof was het slachtoffer van een delict op grond van het toen geldende art. 302 Sv bevoegd op de terechtzitting een mondelinge verklaring af te leggen omtrent de gevolgen die he
Conclusie A-G. Aanslag op Nederlandse advocaat/curator in Gronau. Twee middelen. Middel 1 bevat bewijsklachten tegen de bewezenverklaring van feit 1 primair (medeplegen poging moord). In middel 2 wordt geklaagd over de straf(motivering). Beide middelen falen: het hof heeft kunnen
Veroordeling wegens medeplegen valsheid in geschrift, meermalen gepleegd (art. 225 Sr), medeplegen uitvoer drugs (art. 2A/3A OW), (mede)plegen gewoontewitwassen (art. 420ter Sr) en als leider deelnemen aan criminele organisaties (artt. 11b OW en 140 Sr). 1. Klacht dat verdediging
Conclusie AG. Opzetheling (art. 416 Sr). Het middel klaagt dat het hof ten onrechte als bewijsmiddel voor de tenlastegelegde opzetheling gebruik heeft gemaakt van de tegen de twee medeverdachten gewezen arresten (specifiek hetgeen ten laste van hen is bewezenverklaard). Dit ten o
Conclusie AG. Opmaken van valse belastingaangiften (art. 225 lid 1 Sr). Klachten over i) vervolgingsuitsluitingsgrond a.b.i. art. 69 lid 4 AWR , ii) voorhouden van stukken (art. 301 Sv) en iii) bewijs van het valselijk opmaken. Conclusie strekt tot verwerping (art. 81 RO).
Conclusie AG. OM-cassatie. Gebruik van de verklaring die medeverdachte in zijn eigen strafzaak heeft afgelegd en die in de vorm van een pv ttz in het dossier van de zaak van de verdachte is gevoegd toelaatbaar tot het bewijs? Hof oordeelt van niet. De hiertegen gerichte klacht sl
Conclusie AG. Ontneming. Falende klachten over (i) de vraag of het wvv geheel kan worden toegeschreven aan deelneming aan een criminele organisatie en over (ii) het ontbreken van een voldoende nauwkeurige verwijzing naar een passage uit de verklaring van de leider van de organisa
Conclusie AG. Schietpartij Medoclaan te Eindhoven. Verdachte is als lid van een motorclub door een van de medeverdachten meegenomen. Falende klachten over het gebruik van de eigen waarneming voor het bewijs en over de verwerping van het beroep op (putatief)noodweer(exces). Strekt
Conclusie AG. Grootschalige belastingfraude. Heeft het hof bij de straftoemeting terecht rekening gehouden met onjuiste belastingaangiften die niet aan de verdachte ten laste zijn gelegd, die plaatsvonden in een periode voorafgaand aan de bewezenverklaarde periode en die niet ter
Concl. AG. Dodelijke woningoverval Gees. Veroordeling tot 10 jaren gevangenisstraf en TBS met dwangverpleging wegens medeplegen van gekwalificeerde doodslag. 1. Art. 359a Sv. Maatstaf voor de beoordeling van vormverzuimen in het voorbereidend onderzoek. Had hof de maatstaf uit he
Conclusie AG over belaging door de verdachte van zijn zoon (art. 285b Sr). Wederrechtelijke stelselmatige inbreuk op persoonlijke levenssfeer, mede in vader/zoon-relatie. Geen grondslag voor stelling dat in strijd met art. 301, vierde lid, Sv in de strafmaatoverweging in het nade
Openlijke geweldpleging in Gouda, art. 141. Sr. Gebruik voor bewijs van eigen waarneming door hof van camerabeelden. HR: art. 81.1 RO.