Beklag ex art. 12 Sv. Verzoek tot vervolging van o.a. officier van justitie en leden WOD-team.
Wetboek van Strafrecht
Art. 289 Sr
Genoemd in 152 uitspraken · Officiële wettekst
152 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 5 · live
Doodslag, art. 287 Sr. Slagende bewijsklacht m.b.t. afgaand vuurwapen t.g.w.v. het slachtoffer komt te overlijden. HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:2003:AE9049 m.b.t. het aannemen van bewuste schuld dan wel voorwaardelijk opzet. Het oordeel van het hof dat uit de
"Marktplaatsmoord". Gekwalificeerde doodslag op ouder echtpaar op hun boot in het Groningse Hoendiep. HR: art. 81.1 RO.
Voor de moord in het Volkspark in Enschede is een 76-jarige man veroordeeld tot een gevangenisstraf van 10 jaar. De rechtbank Overijssel oordeelt dat hij op 23 juli 2015 met voorbedachte rade een 41-jarige man met 5 schoten om het leven heeft gebracht. Volgens de man had het slac
Grondslagverlating? Verhouding art. 282 (wederrechtelijke vrijheidsberoving) en 282a Sr (gijzeling). De aan het middel ten grondslag liggende opvatting dat art. 282a.1 Sr zich t.o.v. art. 282.1 Sr verhoudt als een bijz. tot een alg. strafbepaling in die zin dat in een geval als i
16 jaar gevangenisstraf wegens moord. Ontkennende verdachte, voorbedachten rade, bewezenverklaring o.b.v. schakelbewijs van getuigen, DNA en wapentechnisch onderzoek. Geen alternatief scenario aannemelijk.
Voorbedachte raad. HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:2013:963. Het Hof heeft zijn oordeel dat verdachte met voorbedachte raad heeft gehandeld, gelet op de vooropstellingen in genoemd arrest m.b.t. mogelijke contra-indicaties, ontoereikend gemotiveerd, mede in aanm
Bewijsklacht voorbereiding moord. Artt. 46, 287 en 289 Sr. HR herhaalt relevante overwegingen m.b.t. het bestanddeel “voorbedachte raad” uit ECLI:NL:HR:2013:963, NJ 2014/156. De opvatting dat aan de bewezenverklaring van de voorbereiding van moord dezelfde (motiverings-)eisen moe
Voorbedachte raad. HR herhaalt ECLI:NL:HR:2013:963. ’s Hofs oordeel dat verdachte met voorbedachte raad heeft gehandeld is ontoereikend gemotiveerd. Uit de door het Hof vastgestelde f&o kan niet zonder meer volgen dat verdachte zich, voordat hij en de medeverdachten zich de toega
OM-cassatie en cassatie verdachte. HR: 81.1 RO + strafvermindering wegens overschrijding redelijke termijn.
Voorbedachte raad. HR herhaalt ECLI:NL:HR:2013:963. ’s Hofs oordeel dat verdachte met voorbedachte raad heeft gehandeld is ontoereikend gemotiveerd. Uit de door het Hof vastgestelde f&o kan niet zonder meer volgen dat verdachte zich, voordat hij en de medeverdachten zich de toega
Voorbedachte raad. HR herhaalt ECLI:NL:HR:2013:963. ’s Hofs oordeel dat verdachte met voorbedachte raad heeft gehandeld is ontoereikend gemotiveerd. Uit de door het Hof vastgestelde f&o kan niet zonder meer volgen dat verdachte zich, voordat haar medeverdachten zich de toegang to
Voorbedachte raad. HR herhaalt ECLI:NL:HR:2013:963. ’s Hofs oordeel dat verdachte met voorbedachte raad heeft gehandeld is ontoereikend gemotiveerd. Uit de door het Hof vastgestelde f&o kan niet zonder meer volgen dat verdachte zich, voordat zijn medeverdachten zich de toegang to
Art. 5.1 Sr. Originaire rechtsmacht. De in de tenlastelegging onder 1 omschreven feiten worden door de Nederlandse strafwet als misdrijf beschouwd en bij de stukken van het geding bevinden zich de met de artt. 289, 288 en 287 Sr corresponderende strafbepalingen van het Surinaamse
Roekeloosheid, art. 6 jo. art. 175.2 WVW 1994. De door het Hof in het bijzonder in aanmerking genomen omstandigheden dat verdachte onder invloed van alcohol en zonder in het bezit te zijn van een rijbewijs slingerend, met wisselende snelheden en op te korte afstand van andere aut
De rechtbank veroordeelt verdachte voor moord. De officier van justitie had een veroordeling geëist voor doodslag, maar de rechtbank acht voorbedachte rade aanwezig. De rechtbank straf hoger dan is geëist, gelet op de ernst van het feit. Rechtbank veroordeelt verdachte tot een ge
Puttense moordzaak II. 1. Verwerping verweer. 2. Salduz. 3. Herhaald verzoek horen deskundigen. 4. Samenloop. Ad 1. Indien de aan het verweer en middel ten grondslag liggende stellingen dat de in 1994 in de DNA-databank opgenomen sporendragers volgens de destijds geldende regels
Voorbedachte raad. De HR herhaalt de relevante overwegingen t.a.v. voorbedachte raad uit HR LJN BR2342. Blijkens zijn bewijsvoering heeft het Hof vooral belang toegekend aan de "geruime tijd" die de verschillende in de bewijsoverweging nader omschreven handelingen van de verdacht
De rechtbank acht de onder 1. primair tenlastegelegde moord bewezen. Moord (artikel 289 Sr) is doodslag (artikel 287 Sr) met voorbedachte raad. Die voorbedachte raad wijst op een moment van kalm overleg, van rustig nadenken dat voorafgaat aan de feitelijke handeling. Het is het t
Klacht over grondslagverlating dan wel innerlijke tegenstrijdigheid. Het Hof heeft de voorbedachte raad bewezenverklaard met doorhaling in de bewezenverklaring van het tenlastegelegde onderdeel "na kalm beraad en rustig overleg". Gelet op de vaststellingen van het Hof moet worden
HR: 81 RO.
Moord, meermalen gepleegd, 24 jaar gevangenisstraf. Een 73-jarige vrouw en 53-jarige man overlijden als gevolg van zeer ernstige mishandelingen. Rechtbank acht opzet en voorbedachte raad bewezen. Het opzet leidt de rechtbank af uit de verklaring van verdachte en uit de wijze waar
Art. 359.3 Sv, bekennende verdachte en Promis. HR herhaalt relevante overwegingen uit HR LJN BL5628 m.b.t. een Promis-arrest en de uitzondering van art. 359.3 Sv daarop. Het Hof heeft i.c. wat betreft feit 4 niet volstaan met een 'opgave van de bewijsmiddelen', a.b.i. art. 359.3
Verdachte steekt medecursist neer tijdens inburgeringscursus. De rechtbank acht moord bewezen en ontslaat verdachte van alle rechtsvervolging, omdat verdachte ontoerekeningsvatbaar is. De rechtbank legt TBS met dwangverpleging op.
In de in eerste aanleg gewijzigde tll. is aan verdachte onder "meer subsidiair" doodslag tlg. in dezelfde bewoordingen als waarin dat verwijt is vervat in de oorspronkelijke tll. Blijkens hetgeen in het bestreden arrest is weergegeven heeft het Hof de tll. zoals die in eerste aan