1. Opzet. 2. Noodweer. Ad 1. HR herhaalt toepasselijke overwegingen uit HR LJN AE9049. Het Hof heeft kennelijk geoordeeld dat verdachte door het met het mes toebrengen van een diepe steekwond in de rug van X zich willens en wetens heeft blootgesteld aan de aanmerkelijke kans dat
Wetboek van Strafrecht
Art. 27 Sr
Genoemd in 2.019 uitspraken · Officiële wettekst
2.019 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Verzuim aftrek voorarrest. Art. 27 Sr. Zoals de HR heeft overwogen in zijn arresten van 11 september 2012 (LJN BX0146, LJN BX0132, LJN BX0129 en LIJN BX7004) behoort het verzuim toepassing te geven aan de art. 27 Sr bedoelde aftrek tot de verzuimen die voor de invoering van art.
1. Art. 63 Sr i.v.m. buitenlandse veroordeling. 2. Art. 27 Sr. Ad 1. Als bij een buitenlandse rechterlijke beslissing aan verdachte straf is opgelegd, levert die strafoplegging niet een veroordeling op a.b.i. art. 63 Sr. De ontwikkelingen op het gebied van Europese strafrechtelij
Geen responsieplicht op verweer of standpunt dat in eerste aanleg is gevoerd, maar in hoger beroep niet uitdrukkelijk is herhaald. De omstandigheid dat de behandeling in hoger beroep bij verstek heeft plaatsgevonden en dat de aan de appelakte gehechte opgave van bezwaren inhoudt
1. Samenweefsel van verdichtsels, art. 326 Sr. 2. Unus testis, art. 342.2 Sv. Ad 1. Voor het antwoord op de vraag of uit door een verdachte gebezigde leugenachtige mededelingen kan worden afgeleid dat het slachtoffer door een samenweefsel van verdichtsels werd bewogen tot afgifte
1. Bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht ex 285 Sr niet van dien aard dat redelijke vrees voor leven kon ontstaan: doelmatigheidsvrijspraak door HR. 2. Verzuim toepassing art. 27.1 Sr door HR hersteld. Ad 1. Uit de gebezigde bewijsmiddelen is niet af te leiden dat
1. Bewijsklacht bedrieglijke bankbreuk, art. 343 Sr. 2. Aftrek voorarrest, art. 27 Sr. 3. Ambtshalve: de strafoplegging. Ad 1. HR herhaalt relevante overwegingen uit HR LJN BI4691 m.b.t. het bewijs van het voorwaardelijk opzet. Ad 2. HR trekt alsnog de tijd doorgebracht in inverz
Onrechtmatige overheidsdaad; strafrecht. Tenuitvoerlegging voorwaardelijk gedeelte gevangenisstraf onrechtmatig? Veroordeling tot deels voorwaardelijke gevangenisstraf (art. 14a Sr), waarbij voorarrest langer heeft geduurd dan onvoorwaardelijk gedeelte van de gevangenisstraf. Zie
1. Bewijsklacht bedreiging met zware mishandeling. 2. Art. 27.1 Sr. Ad 1. HR herhaalt eisen t.a.v. bedreiging met zware mishandeling uit HR LJN AT3659. Het Hof heeft kunnen oordelen dat de door de verdachte telefonisch gedane uitlatingen in hun context bezien bedreiging met zware
Art. 6 WVW 1994, terwijl het een ongeval betreft waardoor een ander wordt gedood. 1. Schuld en causaliteit. 2. Verkeerde toepassing van art. 27 Sr. Ad 1. Snelheidswedstrijd tussen verdachte en X. Het Hof heeft o.b.v. onder meer diens vaststellingen geoordeeld dat ook verdachte zi
Beïnvloeding van getuigen. Uitleg art. 285a Sr. Verweer en middel steunen op de opvatting dat voor een veroordeling terzake van het in art. 285a Sr voorziene misdrijf is vereist dat komt vast te staan dat van de zijde van de verdachte sprake is geweest van enige vorm van intimida
1. Kennelijke misslag in de bewezenverklaring. 2. Aftrek voorarrest. 3. Vordering benadeelde partij. Ad 1. De gebezigde bewijsmiddelen houden niets in waaruit kan worden afgeleid dat verdachte met zijn tong is binnengedrongen in de vagina van het slachtoffer. De HR neemt echter a
Verkrachting. Art. 242 Sr. 1. Feitelijkheden die hebben plaatsgevonden voor de tlgd. periode mede redengevend voor het bewijs van de uitgeoefende dwang? Verjaring van die feitelijkheden. 2. Inspelen op devotie of godvruchtigheid een ‘andere feitelijkheid’ i.d.z.v. art. 242 Sr? Ad
Conclusie AG. Veroordeling voor o.m. medeplegen poging tot doodslag, meermalen gepleegd. Middel klaagt over voorwaardelijk opzet op de dood, meer in het bijzonder over omstandigheid dat uit de bewijsmiddelen niet zou kunnen worden afgeleid dat de bewezen verklaarde geweldshandeli
Conclusie AG. Jeugdzaak. Openlijke geweldpleging (art. 141 Sr). Bijdrage verdachte, bestaande uit het op een afstandje filmen van de geweldshandelingen en daarbij lachen, van voldoende gewicht? Conclusie strekt tot verwerping.
Aftrek a.b.i. art. 27 Sr bij een geheel voorwaardelijke gevangenisstraf. HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:2017:462 (civiele kamer) inhoudende dat bevel tot aftrek voorarrest ook ziet op het ten uitvoer te leggen voorwaardelijke gedeelte van de opgelegde gevangeni
Antilliaanse zaak. Verzuim aftrek uitleveringsdetentie, art. 1:62.1 SrC. Het middel klaagt op zichzelf terecht dat het Hof heeft verzuimd m.b.t. de in uitleveringsdetentie doorgebrachte tijd toepassing te geven aan art. 1:62.1 SrC. Hetgeen is overwogen in ECLI:NL:HR:2013:BZ4478 m
De bewezenverklaring is niet naar de eis der wet met redenen omkleed nu de tot het bewijs gebezigde verklaring van de verbalisant een ontoelaatbare conclusie inhoudt. Conclusie AG: anders.
Medeplegen mishandeling (art. 300.1 Sr) en medeplegen diefstal, meermalen gepleegd (art. 311.1.4 Sr). Vordering tul. 1. Niet-naleving algemene of bijzondere voorwaarde? 2. Toewijzing vordering tul in h.b., terwijl niet blijkt dat veroordeelde in e.a. is opgeroepen onder betekenin
Conclusie AG. Jaddoe. Ontuchtige handelingen plegen met iemand die de leeftijd van twaalf jaren maar nog niet die van zestien jaren heeft bereikt, buiten echt, die bestaan uit of mede bestaan uit het seksueel binnendringen van het lichaam (art. 245 Sr). Klacht m.b.t bewijsminimum
Conclusie AG. Doodslag (art. 287 Sr). 1. Klacht over verwerping beroep op (putatief) noodweer(exces). 2. Klacht over toewijzing shockschade bp. 3. Klacht over overschrijding inzendtermijn in cassatie. 4. Schriftuur bp. Kan HR acht slaan op prematuur ingediende schriftuur? Klacht
Conclusie AG. Witwassen van een geldbedrag. Klachten over bewijsvoering ‘afkomstig uit enig misdrijf’. Conclusie strekt tot verwerping van het beroep.
Gevangenisstraf 24 maanden, waarvan 18 maanden voorwaardelijk en een taakstraf van 200 uur; proeftijd 3 jaar en bijz. vw. wegens deelname aan de rechtsextremistische en terroristische organisatie The Base (art. 140a Sr), opruiing (tot zowel enige strafbare feiten als tot terroris
Conclusie AG. Cold case. Doodslag op [slachtoffer] uit 2010. Middelen over het bestaan van nieuwe bezwaren a.b.i. art. 255 Sv. Verzuim om machtiging nieuw opsporingsonderzoek te vorderen wordt voor gedekt gehouden. Bewijs van voorwaardelijk opzet op de dood. Klachten over afwijzi
Conclusie AG. M1 klaagt over afwijzing getuigenverzoek. M2 en M3 hebben betrekking op bewezenverklaring “medeplegen van gewoontewitwassen”. M4 klaagt over strafoplegging, M5 over schending inzendtermijn. Eerste vier middelen falen, M5 slaagt. Ambtshalve opmerking over redelijke t