Jeugdzaak. Ontvankelijkheid OM in de vervolging. Art. 31.1 Vluchtelingenverdrag. De HR geeft voorafgaande beschouwing m.b.t. het beroep van een vreemdeling op zijn vluchtelingenstatus, bescherming van art. 31 Vluchtelingenverdrag, en bewijslast en ontvankelijkheid OM in de vervol
Wetboek van Strafrecht
Art. 231 Sr
Genoemd in 161 uitspraken · Officiële wettekst
161 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Art. 31.1 Vluchtelingenverdrag. HR herhaalt relevante overweging uit HR LJN BW9266. Waar het Hof niet heeft onderzocht of op de door verdachte ingediende asielaanvraag onherroepelijk afwijzend is beslist, kan de stelling van verdachte een vluchteling te zijn nog niet evident onge
Conclusie AG. Politiemol Mark M. Schending van het ambtsgeheim en computervredebreuk door als politieambtenaar gegevens op te zoeken in computersystemen van de politie en te verstrekken aan onbevoegde derden, art. 272 en 138ab Sr. Kan het geautoriseerd inloggen door de verdachte
Misbruik van identificerende persoonsgegevens door i.h.k.v. mobiele toezichtcontrole Duitse verblijfsvergunning die op naam van ander is gesteld te overhandigen, art. 231b Sr. Welke uitleg dient te worden gegeven aan bestanddeel “enig nadeel” a.b.i. art. 231b Sr? Art. 231b Sr bep
Art. 31 Vluchtelingenverdrag. HR herhaalt ECLI:NL:HR:2012:BW9266. Waar het Hof niet heeft onderzocht of op de door verdachte ingediende asielaanvraag onherroepelijk afwijzend is beslist, kan de stelling van verdachte een vluchteling te zijn nog niet evident ongegrond worden bevon
Opzettelijk gebruik maken van vals Italiaans rijbewijs, door hof gekwalificeerd als opzettelijk gebruik maken van vals geschrift a.b.i. art. 225.1 Sr als ware het echt en onvervalst (art. 225.2 Sr). 1. Art. 225 Sr of art. 231 Sr van toepassing? Is een rijbewijs uit een andere EU-
Opzettelijk gebruik maken van vals reisdocument, art. 231.2 Sr. Kan identiteitskaart uit ander EU-land (Slovenië) worden aangemerkt als reisdocument a.b.i. art. 231 Sr? Uit wetsgeschiedenis volgt dat begrip ‘reisdocument’ in art. 231 Sr betrekking heeft op documenten die de funct
N-o OM o.g.v. art. 31.1 Vluchtelingenverdrag. Richtlijn 2004/83/EG van de Raad van 29 april 2004 inzake minimumnormen voor de erkenning van onderdanen van derde landen en staatlozen als vluchteling of als persoon die anderszins internationale bescherming behoeft, en de inhoud van
Art. 231 Sr. ’s Hofs oordeel dat verdachte in het bezit was van reisdocumenten geeft, mede gelet op de wetsgeschiedenis, niet blijk van een onjuiste rechtsopvatting en dat oordeel behoefde geen nadere motivering. Vzv. het middel klaagt dat de onderhavige documenten niet kunnen wo
Tenlastelegging van valsheid in geschrifte (art. 225 Sr) door het in Syrië in strijd met de waarheid invullen van een door IND verstrekt formulier in het kader van gezinshereniging. Uitleg art. 4 aanhef en onder d Sr. Het enkele in Syrië invullen van het hier aan de orde zijnde f
Recht op bijstand van advocaat tijdens politieverhoor (Salduz, Navone en Richtlijn 2013/48/EU)
Opzettelijk gebruik maken van niet op zijn naam gesteld identiteitsbewijs door bij staandehouding ID-bewijs op naam van neef te overhandigen, art. 231.2 Sr. Is sprake van hetzelfde feit a.b.i. art. 68 Sr na toewijzing vordering wijziging tll. a.b.i. art. 313 Sv, waarbij aan tlgd.
Art. 31.1 Vluchtelingenverdrag. HR herhaalt relevante overweging uit HR LJN BW9266. Waar het Hof niet heeft onderzocht of op de door verdachte ingediende asielaanvraag onherroepelijk afwijzend is beslist, kan de stelling van verdachte een vluchteling te zijn nog niet evident onge
Art. 231 Sr. OM-cassatie. ’s Hofs oordeel dat het bewezenverklaarde geen strafbaar feit oplevert omdat een Sloveens rijbewijs niet kan worden aangemerkt als een van de in art. 231 Sr genoemde documenten, geeft, gelet op art. 1 Wet op de Identificatieplicht alsmede o.g.v. de wetsg
OM-cassatie. Ontvankelijkheid OM in de vervolging. Art. 31.1 Vluchtelingenverdrag. Met juistheid heeft het Hof onder aanhaling van de ter zake geldende rechtspraak van de HR (ECLI:NL:HR:2012:BW9266 en ECLI:NL:HR:2013:BY4310) geoordeeld dat een vreemdeling niet behoort te worden v
Niet-ontvankelijkverklaring verdachte in h.b. HR herhaalt relevante overwegingen uit HR NJ 2007/170 m.b.t. aanwenden rechtsmiddel door verdachte te wiens laste een rechterlijke beslissing is gewezen waarin hij op andere wijze dan bij name is aangeduid. I.c. doet een dergelijk gev
Art. 31.1 Vluchtelingenverdrag. HR herhaalt relevante overweging uit HR LJN BW9266. Waar het Hof niet heeft onderzocht of op de door verdachte ingediende asielaanvraag onherroepelijk afwijzend is beslist, kan de stelling van verdachte een vluchteling te zijn nog niet evident onge
OM-cassatie tegen vrijspraak. ’s Hofs opvatting dat de omstandigheid dat de geldigheidsduur van een reisdocument is verstreken, meebrengt dat dit document niet (meer) als reisdocument ex art. 231 Sr kan worden aangemerkt, is onjuist. Voor die opvatting is noch in de tekst noch in
Art. 31.1 Vluchtelingenverdrag. Het oordeel van het Hof dat verdachte, die als vluchteling onmiskenbaar op doorreis was en wordt vervolgd t.z.v. het in het kader van zijn vlucht in het bezit hebben of aangewend hebben van vervalste documenten, de bescherming van art. 31 Vluchteli
Het hof verklaart het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk in de vervolging.
Conclusie AG naar aanleiding van OM-cassatie tegen niet-ontvankelijkverklaring van het OM in de strafvervolging ter zake van lokaalvredebreuk in Amsterdam RAI, nadat bij de aanhouding en het ophouden van verhoor van de verdachte op de demonstratievrijheid van de verdachte een ong
Witwassen, contant geldbedrag van € 44.000,- aangetroffen bij douanecontrole op Schiphol. Verwerping verweer strekkende tot bewijsuitsluiting van verklaring verdachte t.g.v. niet verlenen cautie. Verhoor a.b.i. art. 29.2 Sv? HR herhaalt ECLI:NL:HR:2013:BY5706 inhoudende dat het i
Art. 177 en 225 Sr. Omkoping van een ambtenaar en medeplegen van valsheid in geschrift. Partiele vrijspraak. Het hof veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 365 dagen, waarvan 285 dagen voorwaardelijk, met een proeftijd van 2 jaren, met aftrek van voorar
Misbruik van identificerende persoonsgegevens door paspoort van ander te tonen ter identificatie, art. 231b Sr. Verhouding tussen art. 231b Sr en art. 231.1 Sr. Kan het zich identificeren met paspoort van ander worden aangemerkt als gebruik van identificerende persoonsgegevens (n
Onttrekken ruimte aan de woningvoorraad door er een hennepkwekerij te vestiging is hetzelfde feit als telen en voorhanden hebben van hennep en diefstal elektriciteit in een hennepkwekerij. Nu voor het eerste feit een bestuurlijke boete is opgelegd en niet is voldaan aan de voorwa