Conclusie AG. Feitelijke aanranding van de eerbaarheid, art. 246 (oud) Sr. Eerste middel klaagt dat wetshistorie Wet seksuele misdrijven blijk geeft van verandering van inzicht van wetgever (als bedoeld in art. 1 lid 2 Sr) ten aanzien van strafwaardigheid van onverhoedse gedragin
Wetboek van Strafrecht
Art. 1 Sr
Genoemd in 718 uitspraken · Officiële wettekst
718 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 4 · live
Profijtontneming, w.v.v. uit medeplegen invoer van cocaïne en uit soortgelijke feiten. Methode van eenvoudige kasopstelling, art. 36e.2 Sr. Kon hof oordelen dat “voldoende aanwijzingen” bestaan dat betrokkene voorafgaand aan bewezenverklaarde perioden strafbare feiten heeft begaa
Faillissementsfraude door als bestuurder van rechtspersoon niet deugdelijke administratie te voeren en deze aan curator te geven, art. 343.4 Sr (oud). Strafmotivering (gevangenisstraf van 6 maanden). Kon hof bij strafoplegging rekening houden met niet tlgd. feiten? HR herhaalt re
Mensenhandel m.b.t. vrouw in prostitutie (art. 273f.1 Sr). 1. Vordering benadeelde partij. Hof heeft bij begroting materiële schade door verdachte gemaakte kosten in mindering gebracht. Heeft hof kosten juist berekend? 2. Oplegging vrijheidsbeperkende maatregel, art. 1.1 en 38v S
Eenvoudige belediging, aangedaan aan openbaar gezag (art. 266.1, 267.1 (oud) en 267.3 Sr) door in e-mails beschuldigingen te uiten dat basisteam van politie corrupt is. Verandering van wetgeving, art. 1.2 Sr. Is wijziging van art. 267 Sr per 1 januari 2020 een verandering van wet
Conclusie AG. Middel richt zich tegen ontvankelijkheid van OM in vervolging ondanks dat niet binnen twee weken een appelschriftuur is ingediend en de wijziging van de VI-regeling. AG adviseert de HR het beroep te verwerpen (art. 81 RO).
Conclusie AG. Het middel van de verdachte heeft betrekking op de duur van de gijzeling die door het hof aan de twee opgelegde schadevergoedingsmaatregelen is verbonden en slaagt, nu het hof de totale duur ervan heeft bepaald op 365 dagen in plaats van het op dat moment toegestane
Bij besluit van 20 april 2017 heeft de minister het verzoek van [appellant] om hem op grond van de Wet openbaarheid van bestuur (hierna: Wob) documenten te verstrekken, afgewezen.
Profijtontneming. 1. Toepassing van art. 36e.7 Sr en het legaliteitsbeginsel. 2. Vereist hoofdelijke aansprakelijkheid veroordeling van twee of meer daders? Ad 1. HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:2014:653 m.b.t. feiten begaan voor de inwerkingtreding van art. 36
Cassatie in het belang der wet. Art. 1.2 Sr. EHRM Scoppola. De HR vat rechtspraak samen over art. 1.2 Sr. De HR ziet aanleiding zijn rechtspraak aan te scherpen wat betreft veranderingen in regels van sanctierecht. Voor die regels, die zowel het specifieke strafmaximum als meer a
Conclusie AG. Doodslag op drie Amsterdamse vrouwen en het wegmaken van het lijk van één van hen. Twee zaken betreffen cold cases uit 2003 en 2004. De eerste drie middelen richten zich met verscheidene deelklachten tegen de bewezenverklaarde doodslagen en het wegmaken van het lijk
Economische zaak. Opzettelijke invoer uit China van zakjes met granulaat, inhoudende Cost (beschermde plantensoort), meermalen gepleegd (art. 3.37.1 Wet natuurbescherming). Afwezigheid van alle schuld, beroep op verontschuldigbare rechtsdwaling. HR herhaalt relevante overwegingen
Conclusie AG. Economisch delict. Opzettelijke overtreding van art. 3.37 Wet natuurbescherming. Geklaagd wordt onder meer over de motivering van de verwerping van een (impliciet) beroep op verontschuldigbare rechtsdwaling. Nu die motivering niet goed verenigbaar is met de bewezenv
5 jaar gevangenisstraf voor politicus wegens ambtelijke omkoping van in totaal bijna 4 miljoen USD en witwassen. Overeenkomst met kroongetuige niet onrechtmatig en verklaring kroongetuige betrouwbaar. Strafmatiging wegens uitingen openbaar ministerie in de media i.s.m. onschuldpr
Conclusie AG over klachten inzake afwijzing getuigenverzoek en de grondslag voor profijtontneming. Het hof heeft de ontnemingsmaatregel gestoeld op het bewezen verklaarde handelen (witwassen) en andere strafbare feiten. De AG geeft de Hoge Raad in overweging het arrest van het ho
Bedrieglijke bankbreuk, art. 344a en 341 (oud) Sr. Strafmotivering. Verandering in regels van sanctierecht, art. 1.2 Sr. Regels van sanctierecht zijn ten gunste van verdachte veranderd en Hof had het uit art. 344a Sr voortvloeiende mildere sanctieregime met een strafmaximum van v
Bedrieglijke bankbreuk, art. 343 (oud) Sr; als bestuurder van een gefailleerde rechtspersoon niet voeren van een deugdelijke administratie. Vervolg op ECLI:NL:HR:2010:BK4797 en ECLI:NL:HR:2014:54. Falende motiveringsklacht dat handelen ter bedrieglijke verkorting van de rechten d
Bevel tot dadelijke uitvoerbaarheid van gestelde bijz. voorwaarden en reclasseringstoezicht. Art. 14c, 14d, 14e.1 Sr. De HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:2015:537, i.h.b. dat de rechter in de motivering van zijn bevel tot dadelijke uitvoerbaarheid ervan blijk die
Uit een oogpunt van handhaafbaarheid heeft de regelgever, zonder in strijd te komen met enige rechtsregel, als uitgangspunt kunnen nemen dat de horecaonderneming om voor de ontheffing van de plicht een rookverbod in te stellen in aanmerking te komen een enkele horecalokaliteit ex
De rechtbank in Den Haag heeft op 1 maart 2013 Yvonne Basebya veroordeeld wegens opruiing tot genocide, gepleegd in Rwanda tussen 1990 en 1994. Yvonne Basebya is daarvoor veroordeeld tot een gevangenisstraf van 6 jaar en 8 maanden. De rechtbank acht genocide, poging tot genocide,
Inkeerregeling. Eiseres heeft over de jaren 1998 - 2009 haar in het buitenland aangehouden bankrekening niet aangegeven. In 2010 heeft zij alsnog te kennen gegeven dat zij gerechtigd was tot dat vermogen. De niet geheven belasting wordt nagevorderd en aan eiseres wordt op grond v
Wijzen van een "herstelbeslissing". Het Hof heeft de verdachte veroordeeld tot een gevangenisstraf van 22 maanden waarvan 10 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaren. Vier weken later maakt het Hof een "herstelbeslissing" inhoudende dat de verdachte bij het eerdere ar
Economische zaak. Rookverbod. Tabakswet. Vervolg op HR LJN BK8211. Ambtshalve beoordeling HR: Het Besluit van 14 juni 2011, Stb. 337 is op 6 juli 2011 in werking getreden. HR herhaalt HR LJN BP6878 m.b.t. de betekenis van art. 1.2 Sr. Indien het vloeroppervlak minder is dan 70m2
Wijziging tenlastelegging. Art. 313.2 Sv. Verdachte werd eerst vervolgd voor het doen van een onjuiste belastingaangifte. Nadat in de belastingzaak was vastgesteld dat verdachte geen aangifte (i.p.v. een onjuiste aangifte) had gedaan vorderde de AG wijziging van de t.l.l. die doo
Bezwaarschrift tegen dagvaarding t.z.v. verdenking van ontucht door ambtenaar met persoon die aan zijn gezag is onderworpen, art. 249.2.1 Sr. Hof heeft bevestigd beschikking Rb waarbij bezwaarschrift tegen dagvaarding ongegrond is verklaard en waarin is overwogen dat geen sprake