Belediging (art. 1408 (oud) BW). Vrijheid van meningsuiting (art. 10 EVRM). Persvrijheid; recht op eer en goede naam; belangenafweging. ‘Repliek’ in cassatie; geen beknopte reactie op schriftelijke toelichting van wederpartij; hoor en wederhoor.
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
Art. 147 Rv
Genoemd in 93 uitspraken · Officiële wettekst
93 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Procesrecht. Geldt verzet tegen verstekarrest als memorie van antwoord, waarbij geïntimeerde incidenteel hoger beroep mag instellen buiten het door principaal hoger beroep bestreken gebied? Art. 143 e.v. Rv jo. art. 353 lid 1 Rv. Bevoegdheid Nederlandse rechter. Kan art. 767 Rv r
Procesrecht. Verzet. Brengt niet-ontvankelijkheid in het verzet wegens termijnoverschrijding mee dat in reconventie ingestelde vorderingen evenmin kunnen worden beoordeeld?
(Appel)procesrecht. Toepassing art. 140 en 339 Rv. Verschoonbare termijnoverschrijding? Geval waarin inleidende dagvaarding niet in persoon is betekend en vonnis aan bij verstek veroordeelde niet bekend is geworden voorafgaand aan verstrijken appeltermijn. Hoger beroep binnen red
Procesrecht. Aanvangsmoment verzettermijn. Reconventie. Heeft de bij verstek veroordeelde partij die pas bekend raakt met het verstekvonnis als de verzettermijn al voor de helft verstreken is, recht op een volledige verzettermijn van vier weken dan wel op een ‘terme de grace’, of
verzet, verstekvonnis vernietigd, exceptio plurium litis consortium
Dagvaarding is een authentieke akte als bedoeld in artikel 157 Rv. Mededeling cessie tijdens procedure leidt niet tot niet-ontvankelijkheid. Gemengde overeenkomst (art. 6:215 BW): korte verjaringstermijn van 2 jaar (art. 7:28 BW) geldt naast gekochte zaken ook voor verstrekte gel
Verzetprocedure door één van de gedaagden tegen de oorspronkelijk eiser. De andere gedaagde is niet in de procedure opgeroepen. Aandacht wordt besteed aan de werking van art. 140 Rv en de problemen die ontstaan als slechts één gedaagde verzet instelt. Karakter van het verzet zoal
Prejudiciële vragen op de voet van art. 392 Rv. Leidt de jurisprudentie van het HvJ in de arresten van 17 mei 2022 (ECLL:EU:C:2022:394 t/m 397) ertoe dat in verzetzaken tussen een handelaar en consument de wettelijke termijn van verzet buiten toepassing moet worden gelaten indien
De rechtbank mist per abuis de stelbrief van gedaagde Y, waarna verstekveroordeling volgt. Y komt daartegen in verzet. De rechtbank vindt alsnog de stelbrief, beschouwt verstekvonnis alsnog als vonnis op tegenspraak en verklaart Y niet-ontvankelijk in zijn verzet. Y mist daardoor
Prejudiciële beslissing (art. 392 Rv). Procesrecht. Vordering tegen meer gedaagden, die deels wel en deels niet in het geding verschijnen. Is art. 140 lid 3 Rv van toepassing, indien de zaak ten aanzien van de verschenen gedaagden wordt doorgehaald? Vonnis op tegenspraak of verst
Beroep op ontbreken internationale rechtsmacht is te laat gedaan. Art. 24 EEX. Beroep op diverse gebreken van de inleidende dagvaarding kunnen de oorspronkelijke gedaagde niet baten. Art. 122 Rv.
Verzetprocedure. Wettelijke beperkte gemeenschap van goederen. De woning van de vrouw viel daar niet in. Vordering wegens ongerechtvaardigde verrijking.
Procesrecht. Verzet in kort geding. Betekening in persoon ex art. 55 Rv. Volstaat mededeling volgens Haags Rechtsvorderingsverdrag 1954? Wijze van instellen van het verzet: moet worden gedagvaard tegen een vooraf door de voorzieningenrechter opgegeven zitting of tegen een rolzitt
verzetzaak in kort geding, loonvordering, geen sprake van beëindiging met wederzijds goedvinden, geen opzegging door werkgever
Luchtvaart. De vervoerder komt in verzet tegen een verstekvonnis waarin hij is veroordeeld tot het compenseren van de passagiers voor een vertraagde vlucht en een gemiste overstap. Hij voert aan dat de vertraging het gevolg was van buitengewone omstandigheden. Dit verweer slaagt.
Verzetprocedure. Bestuurdersaansprakelijkheid. Verzet tijdig ingesteld; niet gebleken van eerdere daad van bekendheid met het verstekvonnis. De rechtbank oordeelt dat de bestuurders geen persoonlijk ernstig verwijt kan worden gemaakt van het tekortschieten in de nakoming van de k
Verzet. Ontbinding aannemingsovereenkomst. Lastgeving. Beroep op nietigheid dagvaarding in verband met openbare betekening verworpen. In het verstekvonnis afgewezen beslagkosten alsnog toegewezen.
Vonnis in incident. De uitvoerbaarheid van het verstekvonnis zal worden geschorst totdat in de verzetprocedure einduitspraak is gedaan.
Gedaagde vordert in deze verzetprocedure vernietiging van het verstekvonnis van 6 november 2024. De rechtbank vernietigt het verstekvonnis, omdat geen sprake is van (toerekenbare tekortkoming in de nakoming van) een overeenkomst waarbij gedaagde partij is. In de verzetprocedure h
Proceskostenzekerheidsincident. Art. 224 Rv. Verzetprocedure. Incidentele vordering ingesteld door geopposeerde, X. Afwijzing. Het instellen van verzet door opposant, Y, heeft niet tot gevolg dat Y daarmee eisende partij is geworden in de zin van art. 224 lid 1 Rv. Zie ECLI:NL:HR
Arrest in verzet. Reikwijdte van het hoger beroep na verzet. Wederpartij berust in ongerechtvaardigde ontbinding van meerjarige overeenkomst inzake telefoniediensten door de afnemende partij. Gevolgen van kennelijk door beide partijen gewenste beëindiging overeenkomst: afkoopsom
Beslissing in hoger beroep in verzetprocedure in zaak over non-conformiteit bij consumentenkoop van 30 jaar oude gebruikte motor merk Honda voor € 2.950.
Verzet tegen verstekvonnis. Inleidende dagvaarding is nietig, maar nietigheid is gedekt door tijdig verzet. Merkinbreuk. Verstekvonnis vernietigd en vorderingen in conventie (opnieuw) toegewezen. Verstekvonnis is onjuist betekend dus geen dwangsommen verbeurd en onrechtmatig gele
Eiseres heeft een verzetdagvaarding tegen verweerster ingediend. Eiseres legt in deze verzetdagvaarding uit waarom zij van mening is dat het verstekvonnis vernietigd moet worden. Zij heeft hierin ook een tegenvordering vermeld. Eiseres heeft vervolgens de zaak willen intrekken. D