Art. 8:41, lid 2, Awb; art. 6, lid 1, EVRM. Griffierecht. Geen niet-ontvankelijkverklaring als betrokkene griffierecht niet kan betalen.
Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens
Art. 6 EVRM
Genoemd in 24.629 uitspraken
24.629 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 2 · live
Art. 342.2 Sv. Unus testis, nullus testis. Vlgs art. 342.2 Sv – dat de tll in haar geheel betreft – kan het bewijs dat verdachte het tlg. feit heeft begaan, door de rechter niet uitsluitend worden aangenomen op de verklaring van 1 getuige. Deze bepaling strekt ter waarborging van
Jeugdzaak. Medeplegen. In ECLI:NL:HR:2014:3474 heeft de HR enige algemene overwegingen over het medeplegen gegeven, i.h.b. gericht op de afbakening tussen medeplegen en medeplichtigheid en meer i.h.b. met het oog op gevallen waarin het medeplegen niet bestaat in gezamenlijke uitv
Getuigen. De getuige heeft ttz geweigerd vragen te beantwoorden De verklaring van de getuige afgelegd bij de politie wordt tot het bewijs gebezigd. De HR vult de rechtsregels over het oproepen van getuigen en het ondervragingsrecht uit HR LJN AB7528 nader in. De HR heeft in HR L
Liquidatieproces Passage. Verdachte is veroordeeld tot levenslange gevangenisstraf voor betrokkenheid bij zes moorden, twee pogingen tot moord (art. 289 Sr) en deelneming aan een criminele organisatie (art. 140.1 Sr). 1. Kroongetuigenregeling, art. 226g Sv en art. 44a Sr. 2. Vere
Jeugdzaak. Voorhanden hebben wapens en munitie, art. 26.1 WWM. Heeft verdachte, die enkele uren in de slaapkamer van de medeverdachte is geweest, de zich in die slaapkamer bevindende vuurwapens en munitie voorhanden gehad? Voor een veroordeling van het – als pleger – voorhanden h
Art. 80a RO. HR wijst overzichtsarrest i.v.m. het op 1 juli 2012 in werking getreden art. 80a RO: de mogelijkheid om het beroep in cassatie n-o te verklaren. De HR geeft aan welke zaken zich daarvoor kunnen lenen en hoe de HR voornemens is met art. 80a RO procedureel gezien om te
Profijtontneming. Klacht over de verwerping door het hof van het beroep op niet-ontvankelijkheid van het OM in de ontnemingsvordering. De HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:2008:BD2578 m.b.t. de overschrijding van de redelijke termijn en niet-ontvankelijkheid van h
Profijtontneming, w.v.v. uit deelnemen aan criminele organisatie die zich bezighield met het op grote schaal verkopen en afleveren van softdrugs. Onschuldpresumptie bij ontneming uit andere/soortgelijke feiten ex art. 36e.2 (oud) Sr. In strafzaak is o.m. bewezenverklaard dat betr
Overzichtsarrest beroep op mensenrechtenschendingen in uitleveringsprocedures. Antilliaanse uitleveringszaak ter fine van strafvervolging: beroep op dreigende mensenrechtenschending bestaande uit uitlokking door DEA-agenten. In geval van uitlevering ter strafvervolging kan de vra
Meerdere gekwalificeerde (pogingen tot) diefstallen. Schakelbewijs. Met de term schakelbewijs pleegt te worden aangeduid een bewijsvoering waarbij voor de bewezenverklaring van een feit mede redengevend wordt geacht de - uit één of meer b.m. blijkende - omstandigheid dat verdacht
Deelneming aan organisatie, bestaande uit natuurlijke personen en rechtspersonen, die tot oogmerk heeft het plegen van misdrijven. Art. 140.1 Sr. Uitleg bestanddeel “organisatie”. Voor bewezenverklaring van 'een organisatie' a.b.i. art. 140 Sr is vereist dat sprake is van een sam
Witwassen, art. 420bis Sr. HR herhaalt ECLI:NL:HR:2013:150 m.b.t. verwerven en voorhanden hebben van voorwerpen verkregen uit eigen misdrijf. Deze rechtsregels hebben slechts betrekking op het geval dat verdachte voorwerpen heeft verworven of voorhanden heeft gehad, terwijl aanne
Jeugdzaak. “Medeplegen” en in vereniging geweld plegen, art. 141 Sr. HR maakt opmerkingen bij ECLI:NL:HR:2014:3474 en ECLI:NL:HR:2015:716. I.c. falende bewijsklacht in vereniging plegen.
Poging doodslag en zware mishandeling van X (art. 287 jo. 45 Sr en 302 Sr), poging zware mishandeling van Y (art. 302 jo. 45 Sr) en mishandeling van Z (art. 300 Sr). 1. Voortgezette handeling t.a.v. poging doodslag en zware mishandeling X (art. 56.1 Sr)? 2. Vordering b.p. Ad 1. D
Overzichtsarrest m.b.t. motivering van verzoeken tot het oproepen en horen van getuigen i.h.l.v. rechtspraak van het EHRM. Voorafgaande beschouwingen over hoe de eisen die in de rechtspraak van de HR worden gesteld aan de onderbouwing van een verzoek tot het oproepen en horen va
Beroep op het ontbreken van onpartijdigheid van de rechter. Bij de beoordeling van een beroep op het ontbreken van onpartijdigheid van de rechter i.d.z.v. art. 6.1 EVRM dient voorop te staan dat een rechter uit hoofde van zijn aanstelling moet worden vermoed onpartijdig te zijn,
Witwassen, art. 420bis Sr. HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:2013:2001, m.b.t. het verwerven en voorhanden hebben van voorwerpen verkregen uit eigen misdrijf. In die gevallen waarin sprake is van voorwerpen die "middellijk" afkomstig zijn uit een door de verdachte
Opzettelijk aanwezig hebben van in de grond aangetroffen 17,60 kg MDA (art. 2.C Opiumwet) en voorbereidingshandelingen voor productie van synthetische drugs d.m.v. voorhanden hebben van in de grond aangetroffen stempels t.b.v. tabletteermachine (art. 10a.1.3 Opiumwet). Aanwezig h
Verduistering in dienstbetrekking, art. 322 Sr. Omzetting vervangende hechtenis in gijzeling bij schadevergoedingsmaatregel, art. 36f Sr. Bedraagt maximale duur van gijzeling 360 of 365 dagen en betreft dit een opleggings- of executiekwestie? HR vernietigt overeenkomstig HR:2020:
Salduz. HR scherpt de regels betreffende het recht op rechtsbijstand aan: verdachte heeft recht op bijstand van een raadsman tijdens zijn eerste verhoor, alsmede de daarop volgende verhoren door de politie, behoudens bij het bestaan van dwingende redenen om dat recht te beperken.
HR geeft overzichtarrest aangaande de bewijsoverweging: indien het gaat om f. of o. die door de rechter redengevend worden geacht voor de bewezenverklaring, dient de rechter die zich aldus - al dan niet in reactie op een bewijsverweer - beroept op bepaalde niet in de bewijsmiddel
Antilliaanse zaak. Ongegronde bewijsklacht (medeplegen diefstal en afpersing). Conclusie AG:anders.
Toewijzing vordering b.p. (zoon van verdachte) t.z.v. shockschade n.a.v. doodslag op echtgenote van verdachte. HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:2002:AD5356 m.b.t. vereisten voor vergoeding van shockschade. ’s Hofs oordeel dat de gevorderde immateriële schade toew
Handel in en aanwezig hebben van harddrugs (art. 2.A en 2.C Opiumwet), voorbereiden of bevorderen van Opiumwetdelicten (art. 10a Opiumwet), verhandelen van wapens en/of munitie (art. 9.1 WWM), voorhanden hebben van vuurwapens (art. 26 WWM) en witwassen (art. 420bis.1.b Sr). 1. Af