verstek ambtshalve toetsen consumentenkrediet ; overeenkomst of kredietaanvraag? toetsing is geruime tijd voor aangaan kredietovereenkomst voldaan aan (pre) contractuele verplichtingen en toereikende krediettoets.
Burgerlijk Wetboek
Art. 7:60 BW
Genoemd in 115 uitspraken · Officiële wettekst
115 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Prejudiciële vraag (art. 392 Rv). Telefoonabonnement met ‘gratis’ telefoon; uitwerking van HR 13 juni 2014, ECLI:NL:HR:2014:1385, NJ 2015/477 (Lindorff/Statia). Voldoet ‘all-in prijs’ voor abonnement en toestel aan art. 7:61 lid 2 BW en art. 7A:1576 lid 2 BW? Ambtshalve beoordeli
ambtshalve toetsen verstek consumentenkrediet on line tot standgekomen. concpetkrediet?eenzijdig ontbindende voorwaarde bedongen.Niet gebonden aan kredietovereenkomst gedurende herroepingstermijn van artikel 7:66 BW?
Handelaar-consument. Doorlopend krediet. Niet voldaan aan artikel 7:60 BW.
Tussenvonnis. Ambtshalve toetsing kredietovereenkomst. De kredietovereenkomst wordt vernietigd, omdat de kredietverstrekker een oneerlijke handelspraktijk heeft verricht. Het krediet is gebruikt om een eerdere kredietovereenkomst te herfinancieren. De kredietverstrekker dient de
Ambtshalve toetsing. Verstek. Tussenvonnis. Eisende partij krijgt de gelegenheid hoe zij heeft voldaan aan haar informatieplichten en of zij de kredietwaardigheid van de gedaagde partij heeft getoetst. Te hoge kredietvergoeding in strijd met dwingend recht. Incassokostenbeding vo
Verstek. Ambtshalve toetsing consumentenrecht. Lease van brillen. Niet voldaan aan alle verplichtingen in het kader van kredietverstrekking, waaronder de kredietwaardigheidstoets. Ambtshalve vernietiging van de overeenkomsten. Afwijzing vordering.
geldleningsovereenkomst; consumentenrecht
Leningovereenkomst via platform LenenMUB is nietig omdat strekking in strijd is met goede zeden. Platform richt zich op financieel kwetsbare mensen. Rente komt neer op 84% per jaar als niet wordt afgelost. Boete van € 1.000,- verschuldigd als niet op tijd wordt betaald. Lening is
Consumentenkrediet. Ambtshalve toetsing. Kredietverstrekker vordert van consument terugbetaling van de volledige lening en rente uit hoofde van een consumentenkredietovereenkomst. De kantonrechter oordeelt dat de kredietverstrekker niet heeft voldaan aan de informatieplicht zoals
-Consumentenkredietovereenkomst, precontractuele verplichtingen, kredietwaardigheidstoets, ESIC-formulier.
Consumentenkrediet. Kredietgever kan geen gepersonaliseerd ESIC-formulier overleggen. De kantonrechter vernietigt de kredietovereenkomst. Kredietnemer moet hoofdsom (zonder contractuele rente en kosten) op grond van onverschuldigde betaling aan kredietgever terugbetalen.
consumentenkrediet kort roodstaan. Ambtshalve toetsing informatieverplichtingen, kredietwaardigheid consument
Huurkoop. Informatieverplichtingen nagekomen, geen kredietwaardigheid getoetst. Huurkoop overeenkomst wordt vernietigd. Partijen moeten zich hierover uitlaten.
Verstek. Ambtshalve toetsing consumentenrecht. Krediet. Niet alle precontractuele informatie van artikel 7:60 BW verstrekt en geen kredietwaardigheid getoetst. Oneerlijke handelspraktijk. Vernietiging van de overeenkomst. Subsidiair beroep op ongerechtvaardigde verrijking slaagt
Consumentenkredietovereenkomst in eerste aanleg vernietigd wegens schending informatieplicht. In hoger beroep vordert kredietverstrekker geleend bedrag terug op grond van onverschuldigde betaling. Vordering wordt toegewezen. Wetsartikelen: 6:203, 7:60 BW, 353 en 130 Rv.
Handelaar-consument. Krediet. Niet voldaan aan artikel 7:60 BW en nietig opeisingsbeding.
Handelaar-consument. Krediet. Niet voldaan aan artikel 7:60 BW. Nietig opeisingsbeding.
Handelaar-consument. Kredietovereenkomst. Niet voldaan aan artikel 7:60 BW. Subsidiair onverschuldigde betaling.
consumentenkrediet. Identiteitsfraude. artikel 7:60 lid 1 en 3 BW
Tussenvonnis ambtshalve toetsing. Bank mag zich uitlaten over naleving informatieplicht en kredietwaardigheidstoets.
Overeenkomst van geldlening aan broers. Verjaring gestuit. Geen hoofdelijkheid. Sprake van oneerlijke handelspraktijk door kredietgever, maar daaraan wordt geen sanctie verbonden vanwege het ontbreken van causaliteit (art 7:60 en 6:193b en 193j BW).
Overeenkomst tot het aangaan van een consumentenkrediet. Kernpunt is of eiseres heeft voldaan aan de verplichting dat tijdens de precontractuele fase gedaagde relevante informatie is verstrekt m.b.t. het te verstrekken krediet.