Kort geding. Huur van bedrijfsruimte. Openbare parkeergarage geen bedrijfsruimte bedoeld in art. 7:290 BW. Ontruimingsvordering terecht toegewezen. Gegrondheid van geldvordering van de verhuurster onvoldoende zeker voor toewijzing in kort geding.
Burgerlijk Wetboek
Art. 7:296 BW
Genoemd in 338 uitspraken · Officiële wettekst
338 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 11 · live
Art. 81 lid 1 RO. Beëindiging huurovereenkomst bedrijfsruimte (met eerste recht van koop) wegens dringend eigen gebruik, art. 7:296 lid 1 BW. Belangenafweging, art. 7:296 lid 3 BW. Mocht huurder erop vertrouwen winkelpand uiteindelijk te kunnen kopen? Uitleg overeenkomst, beteken
Verhuurder zegt de huurovereenkomst met betrekking tot een in een winkelcentrum gelegen buurtcafé op. In de opzeggingsbrief staat dat de reden van de opzegging is gelegen in het feit dat op het gehuurde een andere bestemming is komen te liggen in verband met revitalisering van de
NS Stations heeft de huurovereenkomst met betrekking tot Grand Café La Gare du Sud in het Centraal Station van [vestigingsplaats] opgezegd, waarmee de huurder niet heeft ingestemd, en heeft vervolgens bij de kantonrechter een vordering ingesteld tot het vaststellen van het tijdst
Huur van bedrijfsruimte. Redelijke belangenafweging als bedoeld in art. 7:296 lid 3 BW. Anders dan de eerste rechter oordeelde, wegen de belangen van de verhuurster zwaarder dan die van de huurster.
Geschil over huurovereenkomst horecaexploitatie in sporthal te Vianen. De kantonrechter verklaart dat de huurovereenkomst ten aanzien van het restaurant is geëindigd door gedeeltelijke ontbinding van de huurovereenkomst en bepaalt dat de gebruiksovereenkomst betreffende de grond
Dwaling bij verlengen van huurovereenkomst van art. 7:290-bedrijfsruimte met woning? Afwijkende huurbedingen zijn goedgekeurd waardoor huurovereenkomst zonder opzegging eindigt. Vraag wat dit betekent voor gebruiksrecht van de woning en de vordering van vergoeding van verhuis- en
Vordering tot beëindiging huurovereenkomst voor kiosk in winkelcentrum vanwege geplande renovatie. Verhuurder heeft aannemelijk gemaakt dat zij gehuurde persoonlijk en duurzaam in gebruik wil nemen en dat zij gehuurde daartoe dringend nodig heeft. Gedaagde krijgt de mogelijkheid
Art. 81 lid 1 RO. Huurrecht. Beëindiging huurovereenkomst bedrijfsruimte door verhuurder wegens dringend eigen gebruik (art. 7:296 lid 1 onder b BW). Redelijke belangenafweging (art. 7:296 lid 3 BW). Wachttijd (art. 7:296 lid 2). De Hoge Raad bepaalt nieuwe datum einde huuroveree
De exploitatie van het café-restaurant in Noordpolderzijl wordt na het overlijden van de uitbaatster voortgezet door de erfgenamen. De verhuurder (een stichting, die ook eigenaar is) heeft de huur opgezegd. Omdat de erfgenamen niet hebben ingestemd met de huuropzegging, is de zaa
Huur bedrijfsruimte. Coffeeshophoudster in centrum van Amsterdam verliest vergunning vanwege beleidswijziging van de gemeente (project 1012). Eigenares (aan woningbouwcorporatie gelieerde vennootschap) heeft opgezegd wegens dringend eigen gebruik, subsidiair belangenafweging: wil
Huurzaak. Opzegging huur van onderverhuurde winkelruimte door verhuurder op grond van artikel 7:296 lid 3 BW na 22 jaar huur om deze rechtstreeks te kunnen gaan verhuren.
huur bedrijfsruimte. Vervolg op tussenvonnis 9 april 2013 (LJN: CA0028). Rangorde grondslagen vordering tot beëindiging huurovereenkomst. Eerst op comparitie aangedragen feiten ter ondersteuning van slechte bedrijfsvoering buiten beschouwing gelaten. Uitleg bestemmingsclausule “v
exploitatie sportkantine geen wanprestatie belangenafweging ex art. 7:296 BW
Huur bedrijfsruimte. Na renovatie geen overeenstemming over nieuwe huurprijs. Vordering tot beëindiging huurovereenkomst wegens dringend eigen gebruik en ontruiming. Maatstaf art. 7:296 lid 1 onder b, 7:300 lid 3 BW. Verschil met bescherming huurder woonruimte (HR 26 maart 2010,
Huur middenstandsbedrijfsruimte. Opzegging wegens dringend eigen gebruik, erin bestaande dat een aan verhuurster gelieerde vennootschap in het gehuurde een onderneming zal gaan drijven. Uitleg van de overeenkomst ten aanzien van de opzegbaarheid. Het gebruik door deze gelieerde v
Huurovereenkomst middenstandsbedrijfsruimte. Damesmodelwinkel in de PC Hooftstraat. Opzegging wegens dringend eigen gebruik, erin bestaande dat verhuurster de kelder wil uitgraven en aldus een veel grotere winkelruimte wil creëren, die voor hoge huurprijs aan een groot merk kan w
Verhuurder vordert op grond van artikel 7:295 lid 2 BW vaststelling van het tijdstip waarop de huurovereenkomst zal eindigen wegens, primair, dringend eigen gebruik (renovatie), subsidiair omdat de bedrijfsvoering van de huurder niet is geweest zoals een goed huurder betaamt en m
huur bedrijfsruimte 7:290 BW; opzegging verhuurder van 2 huurovereenkomsten van kiosken in verband met herinrichting plein; geen dringend eigen gebruik omdat verhuurder na sloop van de kiosken het perceel aan derden voor verdere ontwikkeling ter beschikking stelt (artikel 7:296 l
Huurrecht bedrijfsruimte. Ten onrechte in eerste aanleg ontbinding uitgesproken in plaats van evt. honorering van opzegging. Beroep verhuurder op 7:220 lid 2 BW strookt niet met opzegging wegens dringend eigen gebruik. Beroep op deze opzeggingsgrond komt opvolgend verhuurder niet
franchise en onderhuur; opzegging; 7:296 en 7:306
Huurovereenkomst stationsrestauratie, dringend eigen gebruik
Art. 81 lid 1 RO. Beëindiging overeenkomst onderhuur bedrijfsruimte, art. 7:296 en art. 7:306 BW.
huur middenstandsbedrijfsruimte; opzegging wegens primair dringend eigen gebruik (renovatie), subsidiair slecht huurders gedrag en meer subsidiair algemene belangenafweging; gebondenheid rechter aan volgorde opzeggingsgronden; splitsing werkzaamheden aan pui en fundering met voor
Vordering tot beëindiging huurovereenkomst bedrijfsruimte op de twee in artikel 7:296 lid 1 BW genoemde gronden: a. slechte bedrijfsvoering en b. dringend eigen gebruik, afgewezen.