medehuurderschap?; hoofdverblijf?
Burgerlijk Wetboek
Art. 7:266 BW
Genoemd in 275 uitspraken · Officiële wettekst
275 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 10 · live
Huurrecht vakantiehuisje. Verdeling contractuele medehuur, ex art. 3:185 BW. Belangenafweging.
Huur woonruimte. Kort geding. Vordering tot verbod van executie van een ontruimingsvonnis hangende hoger beroep wordt afgewezen. Geen noodtoestand, vonnis berust niet op juridische of feitelijke misslag.
Kort geding. Ontruiming toegewezen. Voorshands voldoende aannemelijk dat het geregistreerd partnerschap tussen gedaagden is aangegaan met de bedoeling om gedaagde sub 2 de positie van medehuurder te verschaffen. Aangaan van geregistreerd partnerschap moet als een schijnhandeling
Kort geding. Huur bedrijfsruimte en afhankelijke woonruimte. Echtgenoot medehuurder? Veroordeling tot ontruiming en betaling huurachterstand. Huur en eigendom roerende zaken/bedrijfsinventaris. Cessie. Levering .
Echtscheidingsbeschikking. Huurrecht standplaats, beslissing aangehouden.
Na echtscheiding is het huurrecht van de woning toegewezen aan de vrouw (7:266 lid 5 BW). Man en vrouw komen echter na enkele maanden overeen dat de man voortaan de huurder zal zijn. Hoewel dit niet binnen het wettelijk stelsel van het huurrecht past, werkt de woningcorporatie da
Ontbinding huurovereenkomst wegens sloop.
Geen afstand van recht van bewoning.
Vordering tot ontruiming huurwoning echtpaar wegens aantreffen hennepkwekerij. De man heeft de woning al verlaten en verschijnt niet in de procedure. De vrouw voert verweer. Verhuurder handhaaft wegens “zero-tolerance”-beleid de vordering tegen de vrouw. Verhuurder wil niet het r
Grootmoeder verhuurt woonruimte aan haar kleinzoon en zijn vrouw. Na circa 11 jaar verlaat kleinzoon in verband met echtscheiding de woonruimte en zegt de huurovereenkomst op. Na beeindiging huurovereenkomst tussen grootmoeder en zijn vrouw wil kleinzoon in het gehuurde terugkere
Huurzaak. Verhaal van herstel- en schoonmaakschade na oplevering einde huur woonruimte. Bij inspectie en oplevering is de staat van het gehuurde geaccepteerd. Geen grond om daar één dag later op terug te komen. Volgt afwijzing.
Huurrecht: na beëindigen relatie blijft ex-partner, niet zijnde de contractuele huurder, in huurwoning wonen. Op grond van belangenafweging volgt afwijzing vordering van contractuele huurder om aan hem het huurrecht van de gehuurde woning toe te kennen.
Procesrecht. Processuele hoedanigheid partij te beoordelen door rechter. Door gevoegde partij aangevoerde verweren te betrekken in beoordeling vordering in hoofdzaak. Devolutieve werking appel. Geen schending art. 24 Rv.
Huurzaak. Ontbinding huurovereenkomst woonruimte. Gemeenschappelijke huishouding. Dringend eigen gebruik. Rechtsopvolging.
Vordering strekkende tot verkrijging van medehuurderschap door meerderjarige, bij vader inwonende, zoon toewijsbaar, nu zich geen van de in artikel 7:267 BW voorgeschreven -limitatieve- afwijzingsgronden voordoet. Het uit Europese regelgeving voortvloeiende inkomenscriterium (voo
De zwakke gesteldheid van het gezin - beide huurders staan onder curatele en vijf van de zes thuiswonende kinderen staan onder voogdij - hun belang bij onderdak en de voorzetting van de huidige hulpverlening weegt zwaarder dan het belang van verhuurster bij beëindiging van de huu
Huurovereenkomst wordt gesloten met de echtgenoten A. en B. A. zit op dat moment langdurig in detentie en B betrekt de woning alleen. U dient vervolgens een afstandsverklaring in. Verhuurder gaat akkoord met deze wijziging van de oorspronkelijke huurovereenkomst. Nadien blijkt da
Aanwezigheid van 17 grote hennepplanten in achtertuin rechtvaardigt ontbinding huurovereenkomst woonruimte.
Processueel ondeelbare rechtsverhouding. In eerste aanleg vordert verhuurder ontbinding en ontruiming tegen man en vrouw. In een verstekvonnis worden die vorderingen afgewezen. Verhuurder gaat in appel, maar dagvaardt in hoger beroep alleen de man. Omdat de verhuurder met een ver
Huurovereenkomst wordt gesloten met de echtgenoten A. en B. A. zit op dat moment langdurig in detentie en B betrekt de woning alleen. U dient vervolgens een afstandsverklaring in. Verhuurder gaat akkoord met deze wijziging van de oorspronkelijke huurovereenkomst. Nadien blijkt da
Huur van woonruimte. Contractuele medehuurders, gewezen (in algehele gemeenschap van goederen gehuwde) echtgenoten, worden aangesproken tot betaling van een huurachterstand. Volgens het hof is de huur met de vrouw niet op grond van artikel 7:266 lid 5 BW geëindigd. Het hof acht h
Huurzaak. Gewezen medehuurster (ex-echtgenote) niet aansprakelijk voor mutatieschade na gedwongen ontruiming. Die ontruiming heeft plaatsgevonden nadat het huwelijk met de huurder was geëindigd en het huurrecht in de echtscheidingsprocedure was toegewezen aan de huurder.
Huur woonruimte. Hantering wachttermijn door woningcorporatie.
Huurrecht. Eigendomsoverdracht verhuurde zaak; geen gebondenheid opvolgende eigenaar aan in huurovereenkomst opgenomen koopoptie van de huurder (art. 7A:1612 (oud) BW/art. 7:226 BW).