Cessie om niet van een in potentie waardevol actief (een vordering waarover op dat moment nog geprocedeerd werd) door een vennootschap aan haar (in)direct bestuurder is in voldoende mate bewezen en levert geen paulianeuze transactie op. Wel leidt die cessie tot aansprakelijkheid
Burgerlijk Wetboek
Art. 6:103 BW
Genoemd in 300 uitspraken · Officiële wettekst
300 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 3 · live
Reconstructiewet (Rw.). Behoudens bijzondere gevallen is naast gesloten stelsel van de Rw. geen plaats voor algemene vordering uit ongerechtvaardigde verrijking (vgl. HR 24 september 2010, LJN BM9600, NJ 2010/508 ten aanzien van Landinrichtingswet). In onderhavig bijzonder geval
Verbintenissenrecht. Uitleg overeenkomst. Halviltex-formule. Optierecht. Voorkeursrecht. (art. 81 RO).
Bijzondere voorwaarde. De opvatting, dat art. 14c Sr een voorwaarde als hier door het Hof is gesteld (teruggave van een hond) niet toelaat, is onjuist. Voorts is 's Hofs beslissing tot het stellen van de desbetreffende voorwaarde ook zonder nadere motivering niet onbegrijpelijk.
Renvooiprocedure; patronaatsverklaring Amerikaanse moedermaatschappij tbv continuiteitsgrondslag van de jaarrekening van een Nederlandse kleindochter; toepasselijk recht; uitleg verklaring; vorderingen over en weer in faillissement van twee Nederlandse gr
Het antwoord op de vraag in welke volgorde de respectieve beroepen op de ongeldigheid van de inschrijving van de andere partij moeten worden beoordeeld is van belang omdat de partij van wie is vastgesteld dat deze ongeldig op een aanbesteding heeft ingeschreven, volgens de heerse
[geïntimeerde] heeft in de onderhavige procedure een verklaring voor recht gevorderd dat hij eigenaar is van het schilderij Zee, dat [appellant] het schilderij om niet overgedragen heeft gekregen en dat [appellant] niet te goeder trouw is in de zin van artikel 3:86 BW. Voorts hee
Eindvonnis. Legalisatie overbouw moet geschieden door overdracht grond. Rechtbank stelt grondprijs vast. Schadeloosstelling in natura afgewezen.
Geschil over de wijze waarop en de waarde waartegen het vermogen van een ontbonden agrarische maatschap moet worden verdeeld. Het hof beslist een aantal geschilpunten tussen de maten en bepaalt dat de maatschap een vergoeding is verschuldigd voor de jarenlange werkzaamheden van t
Burengeschil. Verkrijging eigendom van grond onder aanbouw die deels over de kadastrale erfgrens staat. Bezit ondanks toestemming buurman bij bouw van de aanbouw? Verkrijging eigendom van grond van een strook grond naast die aanbouw. Aanwezigheid coniferenhaag en schutting gedure
In geschil is de eigendom van een strook grond. De rechtbank oordeelt dat er sprake is van verjaring.
Ruilverkaveling o.g.v. de Landinrichtingswet. Vordering uit onrechtmatige daad tegen de Staat vanwege inhoud van toelichting van ontwerp plan van toedeling waardoor rechthebbende op het verkeerde been werd gezet. Met voldoende waarborgen omklede rechtsgang. Formele rechtskracht?
Kort geding. Vordering om notaris te veroordelen om akte of notariële verklaring te op te maken inhoudende dat door haar gepasseerde akte nietig is. Bewijslevering moet uitkomst bieden. Leent kort geding zich niet voor. Artikel 256 Rv. Vordering komt de facto neer op een verklari
Burengeschil over erfgrens. Eiseres is door verjaring eigenaar geworden van een strook grond.
Kort geding. Verkrijgende verjaring.
Gedaagde sub 1 is tekortgeschoten in de nakoming van het voorkeursrecht dat tussen haar en eiser is afgesproken. Het voorkeursrecht is na een jaar gaan herleven. Gedaagde sub 1 had opnieuw moeten aanbieden alvorens een definitieve koopovereenkomst met gedaagde sub 2 te sluiten. G
Burengeschil. Verkrijgende verjaring (art. 3:99 BW) van strook grond op perceel buren; bezit; te goeder trouw; gevolgen van landinrichting op grond van Landinrichtingswet (oud). Vordering tot verwijdering bomen dichtbij erfgrens (art. 5:42 BW); toestemming rechtsvoorganger inschr
Aansprakelijkheid uit onrechtmatige daad. Moeder klaagt een gecertificeerde instelling in de zin van de Jeugdwet aan omdat zij vindt dat de instelling onrechtmatig naar haar heeft gehandeld door het innemen van bepaalde stellingen over moeder in haar verhouding tot haar zoon. De
Kort Geding. Schade aan woningen als gevolg van het vervangen van een kademuur. Gemeente als opdrachtgever heeft (naar het voorlopig oordeel van de voorzieningenrechter) op verschillende punten onzorgvuldig gehandeld en wordt veroordeeld tot het verrichten van funderingsonderzoek
Burenrecht. Geschil omtrent eigendom van een deel van een bouwwerk. Geen horizontale natrekking, wel verticale natrekking. Artikel 5:20 BW en artikel 3:4 BW.
Partijen wonen op een landgoed in een woonboerderij, bestaand uit voor- en achterhuis. Eiseres (moeder van gedaagde 1) woont in het achterhuis, gedaagden in het voorhuis. De verhoudingen zijn ernstig verstoord. In een eerdere kort geding procedure (11361623 CV EXPL 24-338) zijn o
Kort geding. Farmers Defence Force als lastgever van zeven PAS-melders tegen de Staat. De Staat is niet verplicht om de PAS-melders te legaliseren. Er is geen causaal verband tussen de gestelde onrechtmatige gedraging: het in strijd met de Habitatrichtlijn opstellen van het PAS e
Burenrecht. Erfgrensgeschil. Eiser vordert revindicatie van de strook grond die gedaagde in bezit heeft genomen. Gedaagde is in 2021 als gevolg van bevrijdende verjaring eigenaar geworden van de strook grond. Hij heeft met de inbezitneming van de strook grond niet onrechtmatig te
Conservatoir leveringsbeslag, dat is gelegd door een derde die meent dat het Land de Didam-regels heeft geschonden, moet worden opgeheven. Dat de beslaglegger aanspraak kan maken op levering van de grond, kan niet onmiddellijk worden aangenomen.
Buren, beroep op verjaring t.a.v. strook grond slaagt. Heusdense vordering afgewezen.