Onrechtmatige daad, verjaring. Aanvang verjaringstermijn (art. 3:310 lid 1 BW). Geldt wetenschap van bestuurder van benadeelde rechtspersoon ten aanzien van de onrechtmatige daad van een derde als wetenschap van de rechtspersoon? Belangenverstrengeling van bestuurder. Verlengings
Burgerlijk Wetboek
Art. 3:320 BW
Genoemd in 108 uitspraken · Officiële wettekst
108 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Bijdrageplicht hoofdelijke schuldenaren; regresvordering; art. 6:10 lid 2 BW; niet voldaan aan stelplicht. Verjaring; art. 3:310 BW; aanvangstijdstip; niet vereist dat benadeelde daadwerkelijk bekend is met juridische beoordeling feiten en omstandigheden waaruit voor hem de schad
Vermogensrecht. Ondernemingsrecht. Borgtocht en verjaring; art. 7:853 BW. Einde verjaringstermijn van vordering op niet meer bestaande rechtspersoon. Geldt verlengde termijn van art. 2:23c lid 2 BW jo. art. 3:320 BW slechts indien vereffening wordt heropend, of loopt verjaringste
Verjaring. Huwelijksvermogensrecht. Vergoedingsrecht uit hoofde van huwelijkse voorwaarden in verband met vermogensverschuiving tussen echtgenoten. HR 12 juni 1987, ECLI:NL:HR:1987:AC2558. Art. 1:87 BW. Had hof i.p.v. aan verjaringstermijn van twintig jaar (art. 3:306 BW) overeen
Verbintenissenrecht; verjaring. Vordering op rechtspersoon die na faillietverklaring door insolventie is ontbonden en vervolgens is opgehouden te bestaan (art. 2:19 lid 1, onder c, en lid 6 BW), terwijl de mogelijkheid bestaat dat de vereffening in faillissement wordt heropend (a
Pensioenzaak. Bedrijfstakpensioenfonds heeft recht op informatie en afdracht premie over een langere periode dan de kantonrechter toestond. Stuiting verjaring en aanvang verjaringstermijn van artikel 3:308 BW wanneer fonds niet bekend is met verplichte deelneming.
Pensioenrecht. Verjaring (art. 3:308 BW). Tijdstip opeisbaar worden premievordering bedrijfstakpensioenfonds. Art. 26 Pw. Vervolg op HR 9 april 2021, ECLI:NL:HR:2021:527.
Rechtspersonenrecht. Verbintenissenrecht. Reikwijdte van décharge en art. 2:9 BW-bestuurdersaansprakelijkheid. Reikwijdte van art. 6:89 BW-klachtplicht en vordering uit art. 2:9 BW-bestuurdersaansprakelijkheid / onverschuldigde betaling. Maatstaf voor art. 2:9 BW-bestuurdersaansp
Huwelijksvermogensrecht. Verjaringstermijn vergoedingsrecht: is de twintigjarige verjaringstermijn van art. 3:306 BW of de vijfjaarstermijn van art. 3:307 BW van toepassing?; schending grenzen rechtsstrijd;
Schenking? Onverschuldigde betaling. Verlengingsgrond verjaring. Opzettelijke verzwijging vordering nalatenschap. Artikel 3:194 lid 2 BW; artikel 3:321 lid 1 onder f BW; artikel 6:205 BW.
Onrechtmatige daad, verjaring. Aanvang verjaringstermijn (art. 3:310 lid 1 BW). Geldt wetenschap van bestuurder van benadeelde rechtspersoon ten aanzien van de onrechtmatige daad van een derde als wetenschap van de rechtspersoon? Belangenverstrengeling van bestuurder. Verlengings
Bestuurdersaansprakelijkheid. Onregelmatige uitgaven en beloning. Bewijsopdracht
Borgtocht. Geschil over de omvang van de vordering en over de vraag of de vordering tegen de failliete vennootschap en de vordering tegen de borg zijn verjaard. Stuiting door erkenning?
Bestuurders- en commissarissenaansprakelijkheid. Bestuurders en commissarissen van Landis zijn aansprakelijk voor het faillissementstekort op grond van artikel 2:138 lid 2 BW (in samenhang met artikel 2:149 BW ten aanzien van de commissarissen). Het bestuur heeft niet voldaan aan
Verdeling nalatenschap, waarvan een agrarische maatschap deel uitmaakt. Uitleg van beëindigingsovereenkomst. Verlenging van verjaring gedurende faillissement.
Vermogensrechtelijke afwikkeling bij informeel samenlevenden. Stilzwijgende afspraak die recht geeft op helft overwaarde woning van de ander? Ongerechtvaardigde verrijking? Verjaring? Redelijkheid en billijkheid? Toepassing verlengingsregel voor echtgenoten en geregistreerde part
Verbintenissenrecht; verjaring. Vordering op rechtspersoon die na faillietverklaring door insolventie is ontbonden en vervolgens is opgehouden te bestaan (art. 2:19 lid 1, onder c, en lid 6 BW), terwijl de mogelijkheid bestaat dat de vereffening in faillissement wordt heropend (a
Verjaart vordering bank op hoofdschuldenaar in geval van vereenvoudigde afwikkeling faillissement? Maw: is de regel uit het arrest van de Hoge Raad van 30 juni 2017 ook van toepassing in geval van een vereenvoudigde afwikkeling van het faillissement? Dit arrest is het vervolg op
Borgtocht aangegaan in de normale uitoefening van het bedrijf. Is de vordering op de hoofdschuldenaar verjaard en de borgtocht ingevolge artikel 7:853 BW teniet gegaan. Aanhouding van de zaak in verband arrest Hof Den Haag van 29 september 2015 (ECLI: NL:GHDHA:2015:2525, JOR 2016
Faillissement van het Vilenzo concern. Aansprakelijkheid bestuurders en commissarissen. Onderzoek naar de oorzaken van het faillissement heeft meer dan 6 jaar geduurd. Vanwege het lange tijdsverloop tussen het uitspreken van de faillissementen van Vilenzo International en de doch
Pensioenrecht. Uitleg hoofdzakelijkheidscriterium verplichtstellingsbesluit bedrijfstakpensioenfonds. Verjaring. Moment opeisbaar worden premievordering (art 3:308 BW). Vervolg op HR 9 april 2021, ECLI:NL:HR:2021:527 (Booking.com).
Beslissing na verwijzing HR. Potovereenkomst naast huwelijksvoorwaarden. Vergoedingsrechten? Verjaring? Investeringen in woning. Natuurlijke verbintenis. Kosten huishouding. 1:184 lid 3 BW, 1:87 BW, 1:95 – 1:96b BW, 1:115 lid 1 BW 3:307-310 BW, 3:13 BW, 3:321 BW, 5:99 BW, 6:3 lid
Artikel 2:15 lid 1 aanhef en sub b BW en artikel 2:8 BW. Besluiten algemene vergadering van aandeelhouders en bestuur Stichting Administratiekantoor die zeggenschap familielid en 'ultimate beneficial owner' in familieonderneming uitsluiten vernietigbaar wegens strijd met de redel
- verjaring ogv 3:307-1 BW - verlenging tijdens ontbinding rechtspersoon - is beroep op verjaring naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaadbaar?
Tussenvonnis. Eiser vordert waardeloosverklaring van een hypotheekrecht o.g.v. artikel 3:29 BW. Geoordeeld wordt dat de BV niet is opgehouden te bestaan en dat de vordering is verjaard. Eiser kan daarom aanspraak maken op doorhaling van de hypotheek. De (vereffenaar van de) BV is