Art. 81 lid 1 RO. Rechtspersonenrecht. Algemene vergadering van aandeelhouders van BV ontslaat bestuurder zonder kennisneming van diens raadgevende stem (art. 2:227 lid 7 BW). Klacht tegen oordeel hof dat ontslagbesluit vernietigbaar is (art. 2:15 BW) en niet nietig (art. 2:14 BW
Burgerlijk Wetboek
Art. 2:231 BW
Genoemd in 10 uitspraken · Officiële wettekst
10 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Artikel 4, lid 2, Wet op de dividendbelasting 1965 (tekst 1989). Vrijstelling inhouding dividendbelasting op grond van artikel 43 van het EG-Verdrag? HvJ EG Amurta.
Ondernemingsrecht. Enquêterecht. Procesrecht. Ex parte getroffen onmiddellijke voorzieningen (art. 2:349a BW). Schending van recht op eerlijk proces (art. 19 lid 1 Rv en art. 6 EVRM)? Staat als belanghebbende. Onaanvaardbare doorkruising van bestuursrechtelijke kader? Voorlopig o
Ondernemingskamer; enquêteprocedure; gegronde redenen; onmiddellijke voorzieningen
Zorgvrijstelling (art. 5(1)(c) Wet Vpb); winstbestemmingseis (art. 4 UB vpb). Uitleg van de term ‘uitsluitend kan aanwenden ten bate van een (…) vrijgesteld lichaam of een algemeen maatschappelijk belang’. Staat die eis in de weg aan de mogelijkheid van latere statutenwijziging w
Vordering tot verklaring voor recht dat een bepaald besluit van aandeelhouders en een bepaald besluit van de Raad van Commissarissen nietig is, toegewezen. Overige vorderingen inzake dividend(reserve) afgewezen.
Een besloten vennootschap verzoekt op grond van bepalingen in de statuten en artikel 2:231 lid 2 BW toestemming te verlenen statuten aan te passen. Een statutaire bepaling in de statuten die de bevoegdheid tot wijziging van één of meer andere bepalingen in de statuten beperkt, ka
Verzoek tot wijziging van statuten van een besloten vennootschap. Voor toestemming voor het wijzigen van statuten van besloten vennootschappen is in principe geen rechterlijke toestemming vereist. De algemene vergadering van aandeelhouders van een besloten vennootschap is bevoegd
-
Tussen partijen is in geschil het antwoord op de vraag of de Inspecteur terecht een naheffingsaanslag in de dividendbelasting aan belanghebbende heeft opgelegd terzake van de uitkering van ƒ 66.033.071 aan dividend door belanghebbende aan de tussenhoudster. Meer in het bijzonder