Eiser moet eerst bij het Ambtsgericht Leer een “Erbschein” vragen waaruit blijkt dat hij erfgenaam is. Zolang deze verklaring er niet is kunnen gedaagde 1 c.s. de door eiser gewenste informatie niet verschaffen.
Burgerlijk Wetboek
Art. 2:10 BW
Genoemd in 847 uitspraken · Officiële wettekst
847 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 21 · live
Bestuurdersaansprakelijkheid. Algemene uitgangspunten; schending van de publicatieplicht; stelplicht en bewijslast ten aanzien van het weerlegbare vermoeden uit artikel 2:248 BW.
Verklaring voor recht dat sprake is van kennelijk onbehoorlijk bestuur door bestuurder, hetgeen een belangrijke oorzaak is v/h faillissement van de B.V. en veroordeling van de bestuurder tot betaling van de schulden v/d B.V.
Niet voldoen aan zijn plicht tijdig de administratie van dat bedrijf aan de curator over te dragen en geen inlichtingen aan de curator verschaffen.
Curator spreekt (indirect) bestuurders aan wegens onrechtmatig handelen en vordert afdracht van een modelrecht en € 18.000,- voor de volstorting van aandelen. Vorderingen op grond van 6:162, 2:9 en 2:248 BW afgewezen. Geen causaal verband tussen het tijdelijk onttrekken van actie
Weigering toelating. Devolutieve werking. Reformatio in peius. Onbetaald laten (zakelijke) schulden door ex-bestuurder die wegens het ontbreken van verhaalsmogelijkheden niet ex art 2:248 bw aansprakelijk is gesteld.
art. 2:248 lid 2 BW. Bestuurdersaansprakelijkheid.
bestuurdersaansprakelijkheid. Selectief betalen. (gerechtelijke) erkenning in eerste aanleg?
WSNP. Tussentijdse beëindiging o.g.v. art. 350 lid 3 aanhef en onder c en f Fw. Schuldenaren hebben hun ondernemingsactiviteiten verzwegen. De rechtbank was t.t.v. de beoordeling van de toelatingsverzoeken niet bekend met die activiteiten; was zij daarmee wel bekend geweest, dan
artikel 288 lid 1 aanhef en sub b en c Fw: belastingschulden en CJIB-schulden, niet gehouden aan de door het UWV opgelegde sollicitatieplicht naar een functie voor 36 uur per per week.
Hypotheek met beleggingsverzekering, betwisting ontvangst correspondentie, afwijzing beroep op verjaring, artikel 6:89 BW.
Contradictoir. Bestuurdersaansprakelijkheid. Artikel 2:9 BW. Artikel 6:162 BW. Stelplicht. Contradictoire handelszaak. Bestuurdersaansprakelijkheid (artikelen 2:9 en 6:162 BW). Stelplicht. De voormalig voorzitter van een stichting wordt door die stichting aangesproken tot vergoed
Bestuurdersaansprakelijkheid bij faillissement. De doelstelling van art. 52 AWR is een andere dan die van art. 2:10 BW. De administratie is niet in de zin van art. 2:10 BW ondeugdelijk. De bestuurders hebben selectieve betalingen verricht.
Het hof heeft in hoger beroep dit vonnis vernietigt. De rechtbank Overijssel verklaart dat gedaagden hun taken als formeel en middellijk bestuurder kennelijk onbehoorlijk hebben vervuld en deze onbehoorlijke taakvervulling een belangrijke oorzaak is van het faillissement van de b
Beroepsaansprakelijkheid advocaat. Erfgenamen dga failliet bij verstek veroordeeld voor faillissementstekort. Advies verwerping erfenis en geen verweer voeren in door curator ingeleide procedure beroepsfout. Trial within a trial. Vordering tot vergoeding schade ter hoogte van, ko
Aansprakelijkheid bestuurder die zowel bestuurder was van (failliet verklaarde) stichting die ESF-Subsidies aanvroeg voor sectorfondsen en (indirect) bestuurder van (failliet verklaarde) B.V. die het feitelijk aanvraag- en afwikkelingsproces van de subsidies verzorgde. Mbt de Sti
"Bestuurdersaansprakelijkheid (2:248 lid 1, 2 en 7 ). Curator verwijt gedaagde dat hij als feitelijke bestuurder is opgetreden en dat hij niet heeft voldaan aan de publicatie- en administratieplicht en dat daarom het vermoeden opgaat als bedoeld in artikel 2:248 lid 2 BW. Gedaagd
Bestuurdersaansprakelijkheid, artikel 2:10 BW, 2:248 BW. Vraag of sprake is van schending boekhoudplicht kan in het midden blijven. De bestuurder heeft voldoende aannemelijk gemaakt dat andere omstandigheid dan zijn kennelijk onbehoorlijk bestuur een belangrijke oorzaak voor het
Bestuurdersaansprakelijkheid, administratieplicht en deponeringsplicht: .
Veroordeling voor faillissementsfraude Het hof acht bewezen dat verdachte zich herhaaldelijk heeft schuldig gemaakt aan faillissementsfraude. De schade voor de schuldeisers is berekend op bijna één miljoen euro. In de periode 2006-2010 handelde verdachte onder de vlag van een gro
Veroordeling wegens faillissementsfraude (342 Sr) tot een voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 2 maanden, met een proeftijd van 2 jaar. Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan het feitelijk leiding geven aan het plegen van eenvoudige bankbreuk door een rechtspersoon
Kennelijk onbehoorlijk bestuur in de zin van artikel 2:248 lid 1 BW. Onvoldoende rekening gehouden met belangen van schuldeisers van de vennootschap door aandelen en bestuur over te dragen aan persoon die katvanger blijkt te zijn. Schending boekhoudplicht in de zin van artikel 2:
OK; enquête; wanbeleid; vaststelling verantwoordelijkheid; art. 2:354 BW; art. 2:355 lid 1 BW
Contradictoir. Bestuurdersaansprakelijkheid. Een bestuurder/aandeelhouder van een vennootschap met aanzienlijke schulden onttrekt de vermogensbestanddelen aan de vennootschap en verkoopt de aandelen vervolgens aan een koper die geen verhaal biedt. Aansprakelijkheid voor het faill
Aansprakelijkheid voormalig bestuurder/aandeelhouder failliete B.V. Veroordeling voormalig bestuurder/aandeelhouder failliete B.V. tot betaling ter zake geldlening en tot betaling van het bedrag zo hoog als het totale tekort na verificatie in het faillissement wegens niet voldoen