Aansprakelijkheid voor verduistering trekkers. Art. 6:166 BW Groepsaansprakelijkheid
Burgerlijk Wetboek
Art. 2:10 BW
Genoemd in 847 uitspraken · Officiële wettekst
847 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 22 · live
Bestuurdersaansprakelijkheid. Onbehoorlijke taakvervulling in de zin van artikel 2:248 lid 1 en 2 BW. Individuele matiging op grond van artikel 2:248 lid 4 BW.
Rechtsverwerking: Is een beroep op art 6:89 BW mogelijk ten aanzien van vorderingen op grond van art. 2:162 BW en 2:9 BW? De rechtbank beantwoordt deze vraag in rov 3.5. t/m 3.5.5. Rov 3.5.3. en 3.5.5. luiden als volgt: 3.5.3. Bij de beantwoording van de vraag naar het toepass
Aanvang verjaringstermijn rechtsvordering op grond van art. 2:138 BW. Bij de beoordeling van het verjaringsverweer moet het volgende in aanmerking worden genomen. De eis dat de benadeelde bekend is geworden met zowel de schade als de daarvoor aansprakelijke persoon moet worden be
Bestuurdersaansprakelijkheid ex art. 2:248 BW van bestuurder en indirect bestuurder van een failliet vleesverwerkingsbedrijf i.v.m. vermenging van paardenvlees in rundvlees.
Bestuurdersaansprakelijkheid ex art. 2:248 lid 2 BW wegens het niet tijdig publiceren van de jaarrekening. Aansprakelijkheid van een tot dezelfde groep als de failliet behorende vennootschap ex art. 47 Fw en art. 54 Fw.
Faillissement. Bestuurdersaansprakelijkheid. Pauliana. Uit de door de curator in het geding gebrachte correspondentie blijkt zonneklaar dat het de bedoeling was om het bedrijf van failliet leeg te trekken alvorens het faillissement aan te vragen. Met de curator is de rechtbank va
Bestuurdersaansprakelijkheid (2:248 BW). DGA draagt alle aandelen in BV over tegen betaling van € 1,-. In de akte van levering is geregeld dat de DGA ontslag neemt als bestuurder en dat de koper van de aandelen als opvolgend bestuurder wordt benoemd. Ruim een half jaar later fail
Bestuurdersaansprakelijkheid. Geen schending boekhoudplicht (artikel 2:10 BW). Geen schending publicatieplicht (artikel 2:384 BW). Geen verplichting om activa tegen vereffeningswaarde te waarderen (artikel 2:384 lid 3 BW). Ook overigens geen kennelijk onbehoorlijk bestuur. Vorder
Faillissement. Schending publicatieplicht (2:394 BW). Onbehoorlijke taakvervulling geen belangrijke oorzaak faillissement (artikel 2:248 BW)
Vervolg op ECLI:NL:RBGEL:2016:386. Na bevel aan gedaagde (bestuurster van de failliet) om de bij haar in bezit zijnde administratie van de failliet over te leggen (art. 22 Rv) heeft gedaagde een usb-stick met daarop administratie overgelegd. Van de boekhoudplicht ex art. 2:1 BW m
Art. 81 lid 1 RO. Aansprakelijkheid bestuurders na faillissement zorgbureau (art. 2:248 BW en 2:11 BW). Kennelijk onbehoorlijke taakvervulling belangrijke oorzaak faillissement?
Bestuurdersaansprakelijkheid. Kennelijk onbehoorlijk bestuur (art. 2:248 lid 1 BW). De failliet heeft nagenoeg haar gehele onderneming overgedragen aan zustervennootschappen, zonder dat daar een reële vergoeding tegenover stond. Aannemelijk is dat deze kennelijk onbehoorlijke taa
Bestuurdersaansprakelijkheid artikel 2:248 lid 1 BW, artikel 2:248 lid 2 BW. Wettelijk vermoeden ontzenuwd. Doorbreking paritas in zicht faillissement kan toets der kritiek niet doorstaan, maar is geen belangrijke oorzaak faillissement.
Bestuurdersaansprakelijkheid vanwege schending van de publicatieverplichting. Beroep op disculpatie slaagt niet.
Vordering 843a Rv afgewezen. Bestuurdersaansprakelijkheid. Ongerechtvaardigde verrijking.
bestuurdersaansprakelijkheid, administratieplicht moedervennootschap, kennelijk onbehoorlijke taakvervulling
bestuurdersaansprakelijkheid. Boekhoudplicht. Publicatieplicht. Onbehoorlijk bestuur
Vordering curator inzake bestuurdersaansprakelijkheid. Diverse grondslagen. Onvoldoende onderbouwing.
Faillissement. Bestuurdersaansprakelijkheid.
OK; Enquête; onmiddellijke voorzieningen getroffen in de tweede fase; bevel tot rectificatie; verbod om de vennootschap te vertegenwoordigen; art. 2:355 lid 3 jo 349a lid 2 BW.
De curator in een faillissement stelt de bestuurders ex art. 2:248 BW aansprakelijk. De aansprakelijkheid rust op het bestuur als collectief. Het betoog van een aantal bestuurders dat hen geen blaam treft maar wel bestuurder X kan daarom geen doel treffen in het kader van art. 2:
Bestuurdersaansprakelijkheid van feitelijk leidinggevenden die een vennootschap hebben gebruikt om derden op te lichten. Geen bestuurdersaansprakelijkheid van de voomalig bestuurder die de vennootschap heeft verkocht.
Afwijzing van vorderingen die gebaseerd zijn op artikel 2:9 BW (bestuurdersaansprakelijkheid) en 6:162 BW. Onder meer geen sprake van belangenverstrengeling.
Bestuurdersaansprakelijkheid (art. 2:248 BW). Boekhoudplicht (art. 2:10 BW). Bevel aan gedaagde (bestuurster van de failliet) om de bij haar in bezit zijnde administratie van de failliet over te leggen (art. 22 Rv).