Gepubliceerd in verband met ingesteld cassatieberoep.
Burgerlijk Wetboek
Art. 2:10 BW
Genoemd in 847 uitspraken · Officiële wettekst
847 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 14 · live
Bestuurdersaansprakelijkheid in faillissement. Veroordeling tot betaling tekort in het faillissement.
Nakoming cao Particuliere Beveiliging. Verschuivingstoeslag (artikel 47 cao), onregelmatigheidstoeslag (artikelen 44 en 45 cao) en extra vakantiedagen (artikel 64, lid 5 cao). “Forfaitaire schadevergoeding” wegens schending van een informatieplicht heeft het karakter van een boet
Een statutair bestuurder is op staande voet ontslagen vanwege onrechtmatige salarisverhogingen, slechte administratie van vakantie-uren, ondeugdelijke boekhouding, privé-uitgaven ten laste van de vennootschap en de inzet van zijn broer binnen de vennootschap. Werknemer verzoekt o
Ondernemingsrecht. Bestuurdersaansprakelijkheid. Art. 2:248 BW. Gronden matiging op voet art. 2:248 lid 4 BW.
Ondernemingsrecht. (Bestuurders)aansprakelijkheid o.v.v. art. 2:248 BW, art. 2:9 BW, art. 6:162 BW?
Onttrekkingen uit B.V. door middellijk bestuurder. Paulianeuze rechtshandeling (42 Fw): 1dag voor faillissement is de vordering op hem administratief weggeboekt. 3:45 BW: ook paulianeus is de kwijtschelding op de vordering op zijn dochter na faillissement
Vordering tot terugbetaling van contant gestorte borgsom.
Handelszaak. Bestuurdersaansprakelijkheid ex artikel 2:248 BW (aansprakelijkheid van het bestuur voor het boedeltekort). Schending boekhoud- en publicatieplicht. Geen onbelangrijk verzuim en geen disculpatie. Onbehoorlijke taakvervulling wordt vermoed de oorzaak van het faillisse
Intellectueel eigendom. Merkenrecht. Beroep op uitputting slaagt niet.
OK; Enquete; gegronde redenen voor twijfel; onderzoek bevolen; 2:345, 350 lid 1 en 3 BW
In deze zaak ligt de vraag voor of gedaagde als enig bestuurder van het gefailleerde MKD B.V. op grond van artikel 2:248 BW aansprakelijk is voor het boedeltekort in het faillissement. Ter discussie staat onder meer of de boekhoudplicht is geschonden en wat de oorzaak is van het
Bestuurdersaansprakelijkheid. Onbehoorlijk bestuur (o.a. schending art. 2:10 BW). Vermoeden dat onbehoorlijke taakvervulling belangrijke oorzaak is van faillissement (art. 2:248 lid 2 BW). Oplegging bestuursverbod (art. 106a Fw). Vrijwaring afgewezen.
Civiel recht. Bodemzaak. Faillissement coöperatieve vereniging. Op artikel 2:138 lid 1 en 2 BW gegronde vorderingen van de curator afgewezen.
Er is sprake van bestuurdersaansprakelijkheid ex art. 2:248 lid 1 en lid 2 BW vanwege een ondeugdelijke administratie bij de gefailleerde vennootschappen, maar ook vanwege onbehoorlijk bestuur op materiële gronden. De bestuurder heeft onvoldoende gesteld en onderbouwd dat andere
Ondernemingsrecht. Bestuurdersaansprakelijkheid o.v.v. art. 2:248 BW (in verbinding met art. 2:11 BW). Devolutieve werking hoger beroep. Verdeling stelplicht en bewijslast. Vaststellen feiten, passeren bewijsaanbod. Kennelijk onbehoorlijke taakvervulling, causaal verband met fail
Vordering tot betaling rekening-courantsaldi afgewezen. Strijd met de redelijkheid en billijkheid. Geen sprake van daadwerkelijke vordering. Schending administratieplicht en daardoor onbehoorlijke taakvervulling. Andere oorzaak van het faillissement.
Eindvonnis. Geen grond voor bestuurdersaansprakelijkheid ex. art. 2:9 BW. Wel sprake van onrechtmatig handelen door een onttrekking door gedaagde aan het vermogen van eiseres, in de periode na aftreden als bestuurder. Vordering tot revindicatie betreffende administratie van eiser
Faillissement. Schending boekhoudplicht en deponeringsplicht. Bestuurders hoofdelijk aansprakelijk voor boedeltekort. Verwijzing naar schadestaat en voorschot op schadevergoeding. Bestuursverbod voor vijf jaar.
Hoofdelijke aansprakelijkheid faillissementstekort wegens onbehoorlijk bestuur.
PGB-fraude (AWBZ en Wlz). Onrechtmatig handelen. Terugvorderingsbesluiten. Formele rechtskracht. Geindiceerde zorg verleend? Vergoedingenlijsten. Ontbrekende administratie. Omvang schade. Faillissement zorgverlener. Bestuurdersaansprakelijkheid.
Vordering curator tegen bestuurder failliete vennootschap primair gegrond op artikel 2:248 BW. Te late publicatie jaarrekeningen en schenden boekhoudplicht. Vermoeden dat dat belangrijke oorzaken zijn van het faillissement weerlegd. Vordering op subsidiaire grondslag van artikel
Faillissementspauliana en bestuurdersaansprakelijkheid. Vestigen pandrecht ten behoeve van aandeelhouder een aangaan aflossingsverplichting jegens aandeelhouder. Bestuurder failliet is tevens bestuurder aandeelhouder.
Bestuurdersaansprakelijkheid in het kader van het faillissement van een vennootschap. De curator stelt de middellijk bestuurders aansprakelijk voor het boedeltekort en stelt een derde persoon aansprakelijk wegens zijn gestelde feitelijk leidinggevende rol. De rechtbank zet het re
Wel onbehoorlijke taakvervulling, geen belangrijke oorzaak van het faillissement. De directe aanleiding voor het faillissement is geweest dat de koper de onderneming niet heeft voortgezet, maar de vennootschap heeft gebruikt voor onverklaarbare financiële transacties.