Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Parket bij de Hoge Raad

ECLI:NL:PHR:2020:663

2020-05-12 Strafrecht 19/01084
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Parket bij de Hoge Raad
Uitspraakdatum
2020-05-12
Publicatiedatum
2020-06-30
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedure
—
Zaaknummer
19/01084
Type
Conclusie
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

Beklag, klaagschrift a.b.i. art. 164.8 WVW 1994 tegen invordering en inhouding rijbewijs. Ontvankelijkheid cassatieberoep. Rb heeft bij beschikking van 18-12-2018 klaagschrift van klager dat strekt tot teruggave van zijn rijbewijs, ongegrond verklaard. Uit door AG ingewonnen inlichtingen blijkt dat rijbewijs op 5-6-2019 is teruggegeven aan klager. Dit betekent dat klager geen belang meer heeft bij cassatieberoep tegen beschikking van Rb zodat hij daarin n-o moet worden verklaard. Klager n-o.

Citeert (1)

Geciteerd door (0)

  • geen

Wetsverwijzingen

Volledige tekst

Volledige tekst (1.672 tekens)
PROCUREUR-GENERAAL



BIJ DE



HOGE RAAD DER NEDERLANDEN





Nummer 19/01084 B

Zitting 12 mei 2020





CONCLUSIE


D.J.C. Aben




In de zaak




[klager],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1977,
hierna: de klager.


1. De rechtbank Amsterdam heeft bij beschikking van 18 december 2018 het klaagschrift van klager ex artikel 164 lid 8 Sv, strekkende tot teruggave van zijn ingevorderde en door het openbaar ministerie ingehouden rijbewijs, ongegrond verklaard.

2. Het cassatieberoep is ingesteld namens de klager en mr. G.P. Dayala, advocaat te Amsterdam, heeft een middel van cassatie voorgesteld.

3. De bestreden beschikking houdt, voor zover relevant, het volgende in:


“Op 10 december 2018 heeft de officier van justitie beslist dat het rijbewijs uiterlijk - 6 (zes) maanden - tot 6 juni 2019 wordt ingehouden.”


4. Gelet hierop en in aanmerking genomen dat uit namens mij bij het openbaar ministerie ingewonnen inlichtingen blijkt dat het rijbewijs op 5 juni 2019 aan klager is teruggegeven en dat aldus het beslag op grond van artikel 134 lid 2 onder a Sv is geëindigd, heeft klager geen belang bij het cassatieberoep.

5. Deze conclusie strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van de klager in het beroep.




De procureur-generaal
bij de Hoge Raad der Nederlanden





AG



Vgl. HR 10 januari 2012, ECLI:NL:HR:2012:BT8952, NJ 2012/208 m.nt. Schalken.