Parket bij de Hoge Raad
ECLI:NL:PHR:2016:936
2016-09-09
Civiel recht
16/04206
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Formele procesketen
- conclusie ECLI:NL:HR:2016:2444 → ECLI:NL:PHR:2016:936 gevolgd
Inhoudsindicatie
Cassatieprocesrecht. Cassatieberoep niet-ontvankelijk, art. 426a Rv. Geen cassatieadvocaat gesteld.
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (0)
- geen
Wetsverwijzingen
Volledige tekst
Volledige tekst (1.043 tekens)
16/04206
Mr. F.F. Langemeijer
9 september 2016
Conclusie inzake het verzoek van:
[verzoeker]
1. Bij beschikking van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 17 mei 2016 (nr. 200.187.942) is de huidige verzoeker tot cassatie niet-ontvankelijk verklaard in zijn hoger beroep. Het appelschrift was in strijd met art. 278 lid 3 Rv niet ondertekend door een advocaat.
2. Bij schrijven (fax) van 16 augustus 2016 heeft verzoeker te kennen gegeven beroep in cassatie te willen instellen tegen die beschikking. Het verzoekschrift is in strijd met art. 426a lid 1 Rv niet ondertekend door een advocaat bij de Hoge Raad. Verzoeker is in de gelegenheid gesteld dit verzuim te herstellen binnen veertien dagen. Van die gelegenheid heeft verzoeker geen gebruik gemaakt. Om deze reden kan hij niet in zijn cassatieberoep worden ontvangen.
3. De conclusie strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van het cassatieberoep.
De Procureur-Generaal bij de
Hoge Raad der Nederlanden,
plv.
Mr. F.F. Langemeijer
9 september 2016
Conclusie inzake het verzoek van:
[verzoeker]
1. Bij beschikking van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 17 mei 2016 (nr. 200.187.942) is de huidige verzoeker tot cassatie niet-ontvankelijk verklaard in zijn hoger beroep. Het appelschrift was in strijd met art. 278 lid 3 Rv niet ondertekend door een advocaat.
2. Bij schrijven (fax) van 16 augustus 2016 heeft verzoeker te kennen gegeven beroep in cassatie te willen instellen tegen die beschikking. Het verzoekschrift is in strijd met art. 426a lid 1 Rv niet ondertekend door een advocaat bij de Hoge Raad. Verzoeker is in de gelegenheid gesteld dit verzuim te herstellen binnen veertien dagen. Van die gelegenheid heeft verzoeker geen gebruik gemaakt. Om deze reden kan hij niet in zijn cassatieberoep worden ontvangen.
3. De conclusie strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van het cassatieberoep.
De Procureur-Generaal bij de
Hoge Raad der Nederlanden,
plv.