Hoge Raad
ECLI:NL:HR:2024:951
2024-07-02
Strafrecht
23/01970
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Formele procesketen
- conclusie ECLI:NL:HR:2024:951 → ECLI:NL:PHR:2024:533
Inhoudsindicatie
Poging tot moord door in 2021 in Arnhem na ruzie in kebabzaak met vuurwapen op raam van die zaak te schieten waarachter aangever zich bevindt en vervolgens tijdens achtervolging nogmaals op hem te schieten (art. 289 Sr). 1. Bewijsklachten voorwaardelijk opzet op dood van aangever. 2. Vorderingen benadeelde partijen t.z.v. immateriële schade, art. 6:106.b BW. Kon hof immateriële schadevergoeding toekennen aan twee benadeelde partijen en schadevergoedingsmaatregelen opleggen? HR: art. 81.1 RO.
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (6)
- ECLI:NL:RBROT:2026:12950 Rechtbank Rotterdam 23-09-2026
- ECLI:NL:PHR:2026:311 Parket bij de Hoge Raad 12-05-2026
- ECLI:NL:PHR:2026:165 Parket bij de Hoge Raad 10-02-2026
- ECLI:NL:PHR:2026:165 Parket bij de Hoge Raad 10-02-2026
- ECLI:NL:PHR:2026:113 Parket bij de Hoge Raad 27-01-2026
- ECLI:NL:PHR:2025:1309 Parket bij de Hoge Raad 02-12-2025
Volledige tekst
Volledige tekst (1.657 tekens)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer 23/01970
Datum 2 juli 2024
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 8 mei 2023, nummer 21-005101-22, in de strafzaak
tegen
[verdachte],
geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1995,
hierna: de verdachte.
1Procesverloop in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft J. Kuijper, advocaat in Amsterdam, bij schriftuur cassatiemiddelen voorgesteld.
De advocaat-generaal E.J. Hofstee heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
2Beoordeling van de cassatiemiddelen
De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president M.J. Borgers als voorzitter, en de raadsheren Y. Buruma en A.L.J. van Strien, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 2 juli 2024.
STRAFKAMER
Nummer 23/01970
Datum 2 juli 2024
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 8 mei 2023, nummer 21-005101-22, in de strafzaak
tegen
[verdachte],
geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1995,
hierna: de verdachte.
1Procesverloop in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft J. Kuijper, advocaat in Amsterdam, bij schriftuur cassatiemiddelen voorgesteld.
De advocaat-generaal E.J. Hofstee heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
2Beoordeling van de cassatiemiddelen
De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president M.J. Borgers als voorzitter, en de raadsheren Y. Buruma en A.L.J. van Strien, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 2 juli 2024.