Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Hoge Raad

ECLI:NL:HR:2024:951

2024-07-02 Strafrecht 23/01970
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Uitspraakdatum
2024-07-02
Publicatiedatum
2024-06-27
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
Zaaknummer
23/01970
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl | RvdW 2024/735

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

Poging tot moord door in 2021 in Arnhem na ruzie in kebabzaak met vuurwapen op raam van die zaak te schieten waarachter aangever zich bevindt en vervolgens tijdens achtervolging nogmaals op hem te schieten (art. 289 Sr). 1. Bewijsklachten voorwaardelijk opzet op dood van aangever. 2. Vorderingen benadeelde partijen t.z.v. immateriële schade, art. 6:106.b BW. Kon hof immateriële schadevergoeding toekennen aan twee benadeelde partijen en schadevergoedingsmaatregelen opleggen? HR: art. 81.1 RO.

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (6)

Volledige tekst

Volledige tekst (1.657 tekens)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN



STRAFKAMER






Nummer 23/01970

Datum 2 juli 2024




ARREST




op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 8 mei 2023, nummer 21-005101-22, in de strafzaak



tegen




[verdachte],
geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1995,
hierna: de verdachte.





1Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft J. Kuijper, advocaat in Amsterdam, bij schriftuur cassatiemiddelen voorgesteld.
De advocaat-generaal E.J. Hofstee heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.




2Beoordeling van de cassatiemiddelen
De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).



3Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.



Dit arrest is gewezen door de vice-president M.J. Borgers als voorzitter, en de raadsheren Y. Buruma en A.L.J. van Strien, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 2 juli 2024.