Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Hoge Raad

ECLI:NL:HR:2024:755

2024-05-24 Civiel recht; Personen- en familierecht 23/03391
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Uitspraakdatum
2024-05-24
Publicatiedatum
2024-05-24
Rechtsgebied
Civiel recht; Personen- en familierecht
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
Zaaknummer
23/03391
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl | RvdW 2024/558

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

Art. 81 lid 1 RO. Personen- en familierecht. Bevel tot terugverhuizing van moeder en kind? Art. 1:253a lid 1 BW.

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (1)

Volledige tekst

Volledige tekst (2.338 tekens)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN



CIVIELE KAMER






Nummer 23/03391

Datum 24 mei 2024




BESCHIKKING




In de zaak van




[de vader],
wonende te [woonplaats],
VERZOEKER tot cassatie,
hierna: de vader,
advocaat: K. Aantjes,



tegen




[de moeder],
wonende te [woonplaats], Portugal,
VERWEERSTER in cassatie,
hierna: de moeder,
advocaat: C.G.A. van Stratum.



In de procedure is gekend:
RAAD VOOR DE KINDERBESCHERMING HAARLEM,
gevestigd te Haarlem,
niet verschenen.





1Procesverloop

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
a. de beschikkingen in de zaak C/15/314525 / FA RK 21-1479 van de rechtbank Noord-Holland van 9 december 2021 (hersteld bij beschikking van 28 december 2021), 17 juni 2022 en 28 september 2022;
b. de beschikking in de zaak 200.320.591/01 van het gerechtshof Amsterdam van 20 juni 2023.
De vader heeft tegen de beschikking van het hof beroep in cassatie ingesteld.
De moeder heeft verzocht het beroep te verwerpen.
De conclusie van de Advocaat-Generaal M.L.C.C. Lückers strekt tot verwerping van het cassatieberoep. De advocaat van de vader heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.





2Beoordeling van het middel
De Hoge Raad heeft de klachten over de beschikking van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die beschikking. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).




3Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.




Deze beschikking is gegeven door de raadsheren C.E. du Perron, als voorzitter, C.H. Sieburgh en G.C. Makkink, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer A.E.B. ter Heide op 24 mei 2024.