Hoge Raad
ECLI:NL:HR:2024:1676
2024-11-19
Strafrecht
23/00684
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Formele procesketen
- cassatie ECLI:NL:HR:2024:1676 → ECLI:NL:GHAMS:2023:467
- conclusie ECLI:NL:HR:2024:1676 → ECLI:NL:PHR:2024:890
Inhoudsindicatie
Profijtontneming, w.v.v. uit gewoontewitwassen en deelneming aan criminele organisatie. Methode van eenvoudige kasopstelling, art. 36e.3 (oud) Sr. 1. Afwijzing van bij appelschriftuur gedane, ttz. in hoger beroep gehandhaafde en op nadere tz. in h.b. herhaalde verzoeken tot het horen van getuigen (ter betwisting van gevolgtrekkingen in financieel rapport) op de grond dat betrokkene daardoor redelijkerwijs niet in zijn verdediging wordt geschaad. 2. Kon hof oordelen dat onschuldpresumptie niet aan de orde is indien w.v.v. is berekend aan de hand van eenvoudige kasopstelling? HR: art. 81.1 RO. Samenhang met ECLI:NL:HR:2012:BX9572 (strafzaak).
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (1)
- ECLI:NL:PHR:2025:847 Parket bij de Hoge Raad 09-09-2025
Volledige tekst
Volledige tekst (1.795 tekens)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer 23/00684 P
Datum 19 november 2024
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een uitspraak van het gerechtshof Amsterdam van 21 februari 2023, nummer 23-000694-16, op een vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel ten laste
van
[betrokkene],
geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1947,
hierna: de betrokkene.
1Procesverloop in cassatie
Het beroep is ingesteld door de betrokkene. Namens deze heeft R. Zilver, advocaat in Utrecht, bij schriftuur cassatiemiddelen voorgesteld.
De advocaat-generaal D.J.C. Aben heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De raadsman van de betrokkene heeft daarop schriftelijk gereageerd.
2Beoordeling van de cassatiemiddelen
De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president M.J. Borgers als voorzitter, en de raadsheren Y. Buruma en M. Kuijer, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 19 november 2024.
STRAFKAMER
Nummer 23/00684 P
Datum 19 november 2024
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een uitspraak van het gerechtshof Amsterdam van 21 februari 2023, nummer 23-000694-16, op een vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel ten laste
van
[betrokkene],
geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1947,
hierna: de betrokkene.
1Procesverloop in cassatie
Het beroep is ingesteld door de betrokkene. Namens deze heeft R. Zilver, advocaat in Utrecht, bij schriftuur cassatiemiddelen voorgesteld.
De advocaat-generaal D.J.C. Aben heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De raadsman van de betrokkene heeft daarop schriftelijk gereageerd.
2Beoordeling van de cassatiemiddelen
De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president M.J. Borgers als voorzitter, en de raadsheren Y. Buruma en M. Kuijer, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 19 november 2024.