Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Hoge Raad

ECLI:NL:HR:2023:238

2023-02-14 Strafrecht 21/03180
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Uitspraakdatum
2023-02-14
Publicatiedatum
2023-02-15
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
Zaaknummer
21/03180
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl | RvdW 2023/263

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

Mishandeling van levensgezel, art. 300.1 jo. 304.1 Sr. 1. Bewijsminimum, art. 342.2 Sv (unus testis). Vindt verklaring van aangeefster voldoende steun in ander bewijsmateriaal? 2. Kan vriendin van verdachte worden aangemerkt als “zijn levensgezel” a.b.i. art. 304.1 Sr? HR: art. 81.1 RO. Samenhang met 21/03182 (niet gepubliceerd; geen middelen ingediend, verdachte n-o).

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (2)

Volledige tekst

Volledige tekst (1.529 tekens)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN





STRAFKAMER








Nummer

21/03180



Datum

14 februari 2023






ARREST






op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 13 juli 2021, nummer 21-005728-18, in de strafzaak





tegen





[verdachte01] ,


geboren te [geboorteplaats ] op [geboortedatum01] 1995,


hierna: de verdachte.







1

Procesverloop in cassatie



Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft N. van Schaik, advocaat te Utrecht, bij schriftuur cassatiemiddelen voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.


De advocaat-generaal E.J. Hofstee heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.






2

Beoordeling van de cassatiemiddelen


De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).





3

Beslissing


De Hoge Raad verwerpt het beroep.





Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren A.E.M. Röttgering en C. Caminada, in bijzijn van de waarnemend griffier S.P.J. Lugtenburg, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van

14 februari 2023

.