Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Hoge Raad

ECLI:NL:HR:2022:986

2022-07-01 Civiel recht 21/04454
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Uitspraakdatum
2022-07-01
Publicatiedatum
2022-06-30
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
Zaaknummer
21/04454
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl | RvdW 2022/686 | RFR 2022/134

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

Art. 81 lid 1 RO. Jeugdrecht. Verzoek omgangsregeling met kind in justitieel beschermingsprogramma; ontzeggingsgrond art. 1:377a lid 3 sub d BW. Art. 6 en 8 EVRM.

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (3)

Volledige tekst

Volledige tekst (2.077 tekens)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN


CIVIELE KAMER



Nummer 21/04454

Datum 1 juli 2022


BESCHIKKING


In de zaak van



[de vader],wonende te [woonplaats],
EISER tot cassatie,
hierna: de vader,
advocaat: N.C. van Steijn,


tegen



[de moeder],wonende op een geheim adres,
VERWEERSTER in cassatie,
hierna: de moeder,
advocaat: C.G.A. van Stratum.


1. Procesverloop

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:


de beschikking in de zaak C/01/357756/FA RK 20-1774 van de rechtbank Oost-Brabant van 8 januari 2021;


de beschikking in de zaak 200.292.589/01 van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 29 juli 2021.



De vader heeft tegen de beschikking van het hof beroep in cassatie ingesteld. De procesinleiding is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
De moeder heeft verzocht het beroep te verwerpen.
De conclusie van de Advocaat-Generaal M.L.C.C. Lückers strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van de vader heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.



2Beoordeling van het middel
De Hoge Raad heeft de klachten over de beschikking van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die beschikking. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).





3Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.




Deze beschikking is gegeven door de vicepresident M.J. Kroeze als voorzitter en de raadsheren H.M. Wattendorff, S.J. Schaafsma, F.R. Salomons en K. Teuben, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer H.M. Wattendorff op 1 juli 2022.