Hoge Raad
ECLI:NL:HR:2022:980
2022-07-01
Civiel recht
21/00275
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Formele procesketen
- cassatie ECLI:NL:HR:2022:980 → ECLI:NL:GHARL:2020:8712 bekrachtiging/bevestiging
- conclusie ECLI:NL:HR:2022:980 → ECLI:NL:PHR:2022:183 gevolgd
Inhoudsindicatie
Art. 81 lid 1 RO. Appartementsrecht. Verbod op kamerverhuur? Uitleg splitsingsakte. Gebruiksbeperking (art. 5:112 lid 4 BW). Art. 1 Eerste Protocol EVRM.
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (5)
- ECLI:NL:PHR:2025:1147 Parket bij de Hoge Raad 24-10-2025
- ECLI:NL:PHR:2025:556 Parket bij de Hoge Raad 16-05-2025
- ECLI:NL:PHR:2025:557 Parket bij de Hoge Raad 16-05-2025
- ECLI:NL:PHR:2024:915 Parket bij de Hoge Raad 06-09-2024
- ECLI:NL:PHR:2022:970 Parket bij de Hoge Raad 21-10-2022
Volledige tekst
Volledige tekst (2.454 tekens)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer 21/00275
Datum 1 juli 2022
ARREST
In de zaak van
[de VVE],gevestigd te [vestigingsplaats],
EISERES tot cassatie,
hierna: de VVE,
advocaat: H.J.W. Alt,
tegen
1. [verweerder 1],wonende te [woonplaats],
2. [verweerder 2],wonende te [woonplaats],
3. [verweerder 3],wonende te [woonplaats],
VERWEERDERS in cassatie,
hierna: de eigenaren,
advocaat: K. Aantjes.
1. Procesverloop
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
de vonnissen in de zaak C/18/186459/HAZA 18/180 van de rechtbank Noord-Nederland van 5 december 2018 en 30 januari 2019;
de arresten in de zaak 200.258.510/01 van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 19 november 2019 en 27 oktober 2020.
De VVE heeft tegen het arrest van het hof van 27 oktober 2020 beroep in cassatie ingesteld.
De eigenaren hebben een verweerschrift tot verwerping ingediend.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.
De conclusie van de Advocaat-Generaal E.B. Rank-Berenschot strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van de VVE heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
2Beoordeling van het middel
De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt de VVE in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de eigenaren begroot op € 421,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de raadsheer T.H. Tanja-van den Broek als voorzitter en de raadsheren C.E. du Perron, C.H. Sieburgh, F.J.P. Lock en K. Teuben, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer H.M. Wattendorff op 1 juli 2022.
CIVIELE KAMER
Nummer 21/00275
Datum 1 juli 2022
ARREST
In de zaak van
[de VVE],gevestigd te [vestigingsplaats],
EISERES tot cassatie,
hierna: de VVE,
advocaat: H.J.W. Alt,
tegen
1. [verweerder 1],wonende te [woonplaats],
2. [verweerder 2],wonende te [woonplaats],
3. [verweerder 3],wonende te [woonplaats],
VERWEERDERS in cassatie,
hierna: de eigenaren,
advocaat: K. Aantjes.
1. Procesverloop
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
de vonnissen in de zaak C/18/186459/HAZA 18/180 van de rechtbank Noord-Nederland van 5 december 2018 en 30 januari 2019;
de arresten in de zaak 200.258.510/01 van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 19 november 2019 en 27 oktober 2020.
De VVE heeft tegen het arrest van het hof van 27 oktober 2020 beroep in cassatie ingesteld.
De eigenaren hebben een verweerschrift tot verwerping ingediend.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.
De conclusie van de Advocaat-Generaal E.B. Rank-Berenschot strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van de VVE heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
2Beoordeling van het middel
De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt de VVE in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de eigenaren begroot op € 421,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de raadsheer T.H. Tanja-van den Broek als voorzitter en de raadsheren C.E. du Perron, C.H. Sieburgh, F.J.P. Lock en K. Teuben, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer H.M. Wattendorff op 1 juli 2022.