Hoge Raad
ECLI:NL:HR:2022:310
2022-02-25
Civiel recht; Burgerlijk procesrecht
21/00565
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Formele procesketen
- cassatie ECLI:NL:HR:2022:310 → ECLI:NL:GHARL:2020:9203 bekrachtiging/bevestiging
- cassatie ECLI:NL:HR:2022:310 → ECLI:NL:GHARL:2020:9204 bekrachtiging/bevestiging
- conclusie ECLI:NL:HR:2022:310 → ECLI:NL:PHR:2021:931 gevolgd
Inhoudsindicatie
Art. 81 lid 1 RO. Huwelijksvermogensrecht. Procesrecht. Afrekening na echtscheiding. Oordeel dat onverkorte toepassing huwelijksvoorwaarden naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is (art. 6:248 lid 2 BW). Verboden aanvulling van de grondslag van de eis / het verweer omdat geen beroep op de beperkende werking van de redelijkheid en billijkheid is gedaan?
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (1)
- ECLI:NL:PHR:2023:771 Parket bij de Hoge Raad 08-09-2023
Volledige tekst
Volledige tekst (2.127 tekens)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer 21/00565
Datum 25 februari 2022
BESCHIKKING
In de zaak van
[de man],wonende te [woonplaats],
VERZOEKER tot cassatie,
hierna: [de man],
advocaat: J. de Jong van Lier,
tegen
[de vrouw],wonende te [woonplaats],
VERWEERSTER in cassatie,
hierna: [de vrouw],
advocaat: C.G.A. van Stratum.
1. Procesverloop
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
de beschikking in de zaak C/08/217913 / ES RK 18-2210 en C/08/227359 / ES RK 19-165 van de rechtbank Overijssel van 1 oktober 2019;
de beschikking in de zaken 200.271.522 en 200.271.523 van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 10 november 2020.
[de man] heeft tegen de beschikking van het hof beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
[de vrouw] heeft verzocht het beroep te verwerpen.
De conclusie van de Advocaat-Generaal G. Snijders strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van [de man] heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
2Beoordeling van het middel
De Hoge Raad heeft de klachten over de beschikking van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die beschikking. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Deze beschikking is gegeven door de vicepresident M.V. Polak als voorzitter en de raadsheren H.M. Wattendorff en G.C. Makkink, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer H.M. Wattendorff op 25 februari 2022.
CIVIELE KAMER
Nummer 21/00565
Datum 25 februari 2022
BESCHIKKING
In de zaak van
[de man],wonende te [woonplaats],
VERZOEKER tot cassatie,
hierna: [de man],
advocaat: J. de Jong van Lier,
tegen
[de vrouw],wonende te [woonplaats],
VERWEERSTER in cassatie,
hierna: [de vrouw],
advocaat: C.G.A. van Stratum.
1. Procesverloop
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
de beschikking in de zaak C/08/217913 / ES RK 18-2210 en C/08/227359 / ES RK 19-165 van de rechtbank Overijssel van 1 oktober 2019;
de beschikking in de zaken 200.271.522 en 200.271.523 van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 10 november 2020.
[de man] heeft tegen de beschikking van het hof beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
[de vrouw] heeft verzocht het beroep te verwerpen.
De conclusie van de Advocaat-Generaal G. Snijders strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van [de man] heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
2Beoordeling van het middel
De Hoge Raad heeft de klachten over de beschikking van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die beschikking. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Deze beschikking is gegeven door de vicepresident M.V. Polak als voorzitter en de raadsheren H.M. Wattendorff en G.C. Makkink, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer H.M. Wattendorff op 25 februari 2022.