Hoge Raad
ECLI:NL:HR:2022:113
2022-02-04
Civiel recht
20/02555
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Formele procesketen
- cassatie ECLI:NL:HR:2022:113 → ECLI:NL:GHAMS:2020:1278 bekrachtiging/bevestiging
- conclusie ECLI:NL:HR:2022:113 → ECLI:NL:PHR:2021:796 gevolgd
Inhoudsindicatie
Art. 81 lid 1 RO. Vordering tot vernietiging van arbitraal vonnis. Art. 1065 Rv. Onafhankelijkheid arbiters.
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (2)
- ECLI:NL:PHR:2022:809 Parket bij de Hoge Raad 09-09-2022
- ECLI:NL:PHR:2022:811 Parket bij de Hoge Raad 09-09-2022
Volledige tekst
Volledige tekst (2.282 tekens)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer 20/02555
Datum 4 februari 2022
ARREST
In de zaak van
1. [eiser 1],wonende te [woonplaats],
2. AMSTELBOATS B.V.,gevestigd te Amsterdam,
EISERS tot cassatie,
hierna gezamenlijk: [eisers],
advocaat: M.E. Bruning,
tegen
1. GEMEENTE AMSTERDAM,zetelende te Amsterdam,
2. STICHTING WATERNET,gevestigd te Amsterdam,
VERWEERSTERS in cassatie,
hierna gezamenlijk: de Gemeente c.s.,
advocaat: F.E. Vermeulen.
1. Procesverloop
Voor het verloop van het geding in feitelijke instantie verwijst de Hoge Raad naar het arrest in de zaak 200.245.164/01 van het gerechtshof Amsterdam van 19 mei 2020.
[eisers] hebben tegen het arrest van het hof beroep in cassatie ingesteld.
De Gemeente c.s. hebben een verweerschrift tot verwerping ingediend.
De zaak is voor de Gemeente c.s. toegelicht door haar advocaat, en mede door P.E. Ernste.
De conclusie van de Advocaat-Generaal E.M. Wesseling-van Gent strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van [eisers] heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
2Beoordeling van het middel
De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [eisers] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de Gemeente c.s. begroot op € 902,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren T.H. Tanja-van den Broek, als voorzitter, C.H. Sieburgh en A.E.B. ter Heide, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer H.M. Wattendorff op 4 februari 2022.
CIVIELE KAMER
Nummer 20/02555
Datum 4 februari 2022
ARREST
In de zaak van
1. [eiser 1],wonende te [woonplaats],
2. AMSTELBOATS B.V.,gevestigd te Amsterdam,
EISERS tot cassatie,
hierna gezamenlijk: [eisers],
advocaat: M.E. Bruning,
tegen
1. GEMEENTE AMSTERDAM,zetelende te Amsterdam,
2. STICHTING WATERNET,gevestigd te Amsterdam,
VERWEERSTERS in cassatie,
hierna gezamenlijk: de Gemeente c.s.,
advocaat: F.E. Vermeulen.
1. Procesverloop
Voor het verloop van het geding in feitelijke instantie verwijst de Hoge Raad naar het arrest in de zaak 200.245.164/01 van het gerechtshof Amsterdam van 19 mei 2020.
[eisers] hebben tegen het arrest van het hof beroep in cassatie ingesteld.
De Gemeente c.s. hebben een verweerschrift tot verwerping ingediend.
De zaak is voor de Gemeente c.s. toegelicht door haar advocaat, en mede door P.E. Ernste.
De conclusie van de Advocaat-Generaal E.M. Wesseling-van Gent strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van [eisers] heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
2Beoordeling van het middel
De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [eisers] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de Gemeente c.s. begroot op € 902,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren T.H. Tanja-van den Broek, als voorzitter, C.H. Sieburgh en A.E.B. ter Heide, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer H.M. Wattendorff op 4 februari 2022.