Hoge Raad
ECLI:NL:HR:2021:1705
2021-11-23
Strafrecht
20/03766
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Formele procesketen
- conclusie ECLI:NL:HR:2021:1705 → ECLI:NL:PHR:2021:901
Inhoudsindicatie
Te hard rijden, art. 62 jo. bord A 1 bijlage I RVV 1990. Voldoet aantekening mondeling arrest van enkelvoudige kamer hof aan wettelijke eisen? HR: Op redenen vermeld in CAG slaagt middel. CAG: Aantekening mondeling arrest bevat niet de in art. 3 Regeling aantekening mondeling vonnis onder a, c, d, e en h genoemde gegevens en slechts voor een deel de onder j genoemde gegevens. Volgt vernietiging en terugwijzing. Samenhang met 20/03767.
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (1)
- ECLI:NL:PHR:2024:926 Parket bij de Hoge Raad 24-09-2024
Wetsverwijzingen
Volledige tekst
Volledige tekst (1.868 tekens)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer 20/03766
Datum 23 november 2021
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Amsterdam van 12 november 2020, nummer 23-003424-19, in de strafzaak
tegen
[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1966,
hierna: de verdachte.
1Procesverloop in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft H.M.W. Daamen, advocaat te Maastricht, bij schriftuur twee cassatiemiddelen voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit. Het tweede cassatiemiddel is later ingetrokken.
De advocaat-generaal E.J. Hofstee heeft geconcludeerd tot vernietiging van de bestreden uitspraak en tot zodanige op artikel 440 Sv gebaseerde beslissing als de Hoge Raad gepast zal voorkomen.
2Beoordeling van het eerste cassatiemiddel
2.1
Het cassatiemiddel klaagt dat de aantekening mondeling arrest niet voldoet aan de wettelijke eisen.
2.2
Het cassatiemiddel slaagt. De redenen daarvoor staan vermeld in de conclusie van de advocaat-generaal onder 5 tot en met 9.
3Beslissing
De Hoge Raad:
- vernietigt de uitspraak van het hof;
- wijst de zaak terug naar het gerechtshof Amsterdam, opdat de zaak opnieuw wordt berecht en afgedaan.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren E.S.G.N.A.I. van de Griend en M. Kuijer, in bijzijn van de waarnemend griffier B.C. Broekhuizen-Meuter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 23 november 2021.
STRAFKAMER
Nummer 20/03766
Datum 23 november 2021
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Amsterdam van 12 november 2020, nummer 23-003424-19, in de strafzaak
tegen
[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1966,
hierna: de verdachte.
1Procesverloop in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft H.M.W. Daamen, advocaat te Maastricht, bij schriftuur twee cassatiemiddelen voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit. Het tweede cassatiemiddel is later ingetrokken.
De advocaat-generaal E.J. Hofstee heeft geconcludeerd tot vernietiging van de bestreden uitspraak en tot zodanige op artikel 440 Sv gebaseerde beslissing als de Hoge Raad gepast zal voorkomen.
2Beoordeling van het eerste cassatiemiddel
2.1
Het cassatiemiddel klaagt dat de aantekening mondeling arrest niet voldoet aan de wettelijke eisen.
2.2
Het cassatiemiddel slaagt. De redenen daarvoor staan vermeld in de conclusie van de advocaat-generaal onder 5 tot en met 9.
3Beslissing
De Hoge Raad:
- vernietigt de uitspraak van het hof;
- wijst de zaak terug naar het gerechtshof Amsterdam, opdat de zaak opnieuw wordt berecht en afgedaan.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren E.S.G.N.A.I. van de Griend en M. Kuijer, in bijzijn van de waarnemend griffier B.C. Broekhuizen-Meuter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 23 november 2021.