Hoge Raad
ECLI:NL:HR:2020:985
2020-05-29
Civiel recht
19/00272
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Formele procesketen
- cassatie ECLI:NL:HR:2020:985 → ECLI:NL:GHARL:2018:9110 bekrachtiging/bevestiging
- conclusie ECLI:NL:HR:2020:985 → ECLI:NL:PHR:2020:94 gevolgd
Inhoudsindicatie
Art. 81 lid 1 RO. Financieel recht. Contractenrecht. Zorgplicht bank. Onvoorziene omstandigheden bij renteswapovereenkomsten gebaseerd op Euribor-rentetarief.
Citeert (1)
- ECLI:NL:GHARL:2018:9110 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 16-10-2018
Geciteerd door (0)
- geen
Volledige tekst
Volledige tekst (2.887 tekens)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer 19/00272
Datum 29 mei 2020
ARREST
In de zaak van
[eiseres] B.V.,gevestigd te [vestigingsplaats],
EISERES tot cassatie, verweerster in het voorwaardelijk incidenteel cassatieberoep,
hierna: [eiseres],
advocaat: M.B.A. Alkema,
tegen
DE VOLKSBANK N.V. (voorheen genaamd SNS Bank N.V.),gevestigd te Utrecht,
VERWEERSTER in cassatie, eiseres in het voorwaardelijk incidenteel cassatieberoep,
hierna: De Volksbank,
advocaten: F.E. Vermeulen en B.F.L.M. Schim.
1. Procesverloop
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
het vonnis in de zaak C/16/390824 / HA ZA 15-373 van de rechtbank Midden-Nederland van 25 mei 2016;
het arrest in de zaak 200.204.729 van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 16 oktober 2018 (ECLI:NL:GHARL:2018:9110).
[eiseres] heeft tegen het arrest van het hof beroep in cassatie ingesteld.
De Volksbank heeft een verweerschrift tot verwerping ingediend en voorwaardelijk incidenteel cassatieberoep ingediend. [eiseres] heeft geconcludeerd tot verwerping van het incidentele cassatieberoep.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.
De conclusie van de Advocaat-Generaal M.H. Wissink strekt tot verwerping van het principale beroep.
De advocaat van [eiseres] heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
2Beoordeling van het middel in het principale beroep
De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
Het incidentele beroep, dat is ingesteld onder de voorwaarde dat het middel in het principale beroep tot vernietiging van het arrest van het hof leidt, behoeft gelet op hetgeen hiervoor is overwogen geen behandeling.
3Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het principale beroep;
veroordeelt [eiseres] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van De Volksbank begroot op € 6.802,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de raadsheer C.E. du Perron als voorzitter en de raadsheren M.J. Kroeze en C.H. Sieburgh, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer C.E. du Perron op 29 mei 2020.
CIVIELE KAMER
Nummer 19/00272
Datum 29 mei 2020
ARREST
In de zaak van
[eiseres] B.V.,gevestigd te [vestigingsplaats],
EISERES tot cassatie, verweerster in het voorwaardelijk incidenteel cassatieberoep,
hierna: [eiseres],
advocaat: M.B.A. Alkema,
tegen
DE VOLKSBANK N.V. (voorheen genaamd SNS Bank N.V.),gevestigd te Utrecht,
VERWEERSTER in cassatie, eiseres in het voorwaardelijk incidenteel cassatieberoep,
hierna: De Volksbank,
advocaten: F.E. Vermeulen en B.F.L.M. Schim.
1. Procesverloop
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
het vonnis in de zaak C/16/390824 / HA ZA 15-373 van de rechtbank Midden-Nederland van 25 mei 2016;
het arrest in de zaak 200.204.729 van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 16 oktober 2018 (ECLI:NL:GHARL:2018:9110).
[eiseres] heeft tegen het arrest van het hof beroep in cassatie ingesteld.
De Volksbank heeft een verweerschrift tot verwerping ingediend en voorwaardelijk incidenteel cassatieberoep ingediend. [eiseres] heeft geconcludeerd tot verwerping van het incidentele cassatieberoep.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.
De conclusie van de Advocaat-Generaal M.H. Wissink strekt tot verwerping van het principale beroep.
De advocaat van [eiseres] heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
2Beoordeling van het middel in het principale beroep
De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
Het incidentele beroep, dat is ingesteld onder de voorwaarde dat het middel in het principale beroep tot vernietiging van het arrest van het hof leidt, behoeft gelet op hetgeen hiervoor is overwogen geen behandeling.
3Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het principale beroep;
veroordeelt [eiseres] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van De Volksbank begroot op € 6.802,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de raadsheer C.E. du Perron als voorzitter en de raadsheren M.J. Kroeze en C.H. Sieburgh, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer C.E. du Perron op 29 mei 2020.