Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Hoge Raad

ECLI:NL:HR:2020:1802

2020-11-17 Strafrecht 19/02599
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Uitspraakdatum
2020-11-17
Publicatiedatum
2020-11-13
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
Zaaknummer
19/02599
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl | RvdW 2020/1257

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

Mishandeling door taxichauffeur met vuist op zijn neus te slaan na onenigheid tussen taxichauffeur en verdachte (klant) over betaling taxirit, art. 300.1 Sr. 1. Uos m.b.t. opzet. 2. Beroep op noodweer, proportionaliteitseis. Staat met kracht geven van vuistslag op neus in redelijke verhouding tot proberen geld uit handen van verdachte te pakken en daarbij tegen handen van verdachte te duwen? HR: art. 81.1 RO.

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (1)

Volledige tekst

Volledige tekst (1.811 tekens)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN



STRAFKAMER






Nummer 19/02599

Datum 17 november 2020




ARREST




op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Amsterdam van 16 mei 2019, nummer 23-003366-18, in de strafzaak



tegen




[verdachte] ,
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1975,
hierna: de verdachte.





1Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft M. Kuipers, advocaat te Amsterdam-Duivendrecht, bij schriftuur cassatiemiddelen voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De advocaat-generaal F.W. Bleichrodt heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De raadsman van de verdachte heeft daarop schriftelijk gereageerd.




2Beoordeling van de cassatiemiddelen
De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).



3Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.



Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren M. Kuijer en C. Caminada, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 17 november 2020.